BuG 63 - Bericht uit het Gewisse 15-06-2007 Printversie (4p)

De overheidsadministraties van de Franse en Nederlandstalige gemeenschap zijn zo vriendelijk geweest, vroeger dan vorige jaren, de studentenaantallen verpleegkunde vrij te geven. Zo kan hun werk rechtstreeks bijdragen tot beleidsvoering en toelaten de impact van maatregelen na te gaan. Het op de valreep verlengen van het project 600 in september 2006 heeft vooral in Vlaanderen voor een stijging gezorgd bij gediplomeerde verpleegkundige (A2, 4de graad beroepsonderwijs). Het niet verlengen van het project 600 in de laatste dagen van paars zet nu vooral de Beroepsopleiding verpleegkunde in Vlaanderen (weer) voor schut. Of kan de ouden of nieuwe regering in haar lopende zaken het project 600  (werkenden die verpleegkunde studeren) zo vlug mogelijk een verder perspectief geven ?

Na 6 jaar stijging staat teller verpleegstudenten op 22.346 in BelgiŽ
 Terug sterke stijging verpleegstudenten in Vlaanderen door project 600 


Project 600 trekt verpleegkunde weer over de streep in Vlaanderen: +14% eerste
jaars
Niet goedkeuring project 600 voor 2007-2008 zet  A2- verpleegkunde weer op de helling
Vlaamse gemeenschap telt 10.510 verpleegstudenten, het hoogste sinds 20 jaar
Franse gemeenschap: verpleegkunde stabiel op hoog niveau: 11.836 studenten
Aantal afgestudeerden nooit hoger: 5.667 laatstejaars waarvan 3.008 in Vlaanderen

Bachelor(A1)-verpleegkunde in Vlaanderen stijgt met  5,2% tot 6.108 studenten
76% van de bachelors starten verpleegkunde na humaniora (1ste generatiestudenten)
24% eerstejaars bachelors komen van andere studies, zijn werkend of werkzoekend
Brugopleiding A2 naar A1-verpleegkunde nog altijd goed voor 371 werknemers
Betaald Educatief Verlof optrekken naar 360 per jaar voor kwalificerende opleidingen
Vlaanderen op laatste plaats in OESO voor diploma's uitgereikt na 25 jarige leeftijd

Alle tabellen en begeleidende grafieken per niveau, leerjaar en gemeenschap,
in aantallen en % van de referentiebevolking zijn te vinden op
verpleegkundeportaal

Een schat aan informatie over 27 jaar verpleegkundestudies in BelgiŽ

De administratieve cijfers voor de Nederlandstalige- en Franstalige gemeenschap en BelgiŽ en 47 begeleidende grafieken vormen de  update verpleegkundestudies voor het schooljaar 2006-2007. Het schetst de historische evolutie van 1980 tot 2007, waarbij de onderwijsevoluties in beide gemeenschappen vergelijkbaar in beeld gebracht worden. Alle gegevens zijn met een eenvoudige klik op te roepen en te downloaden (rechtermuisklik op link en 'doel opslaan als' kiezen).
 
Er zijn twee toegangen tot het verpleegkundig beroep:  vanuit het Hoger Onderwijs of vanuit het secundaire (beroeps)onderwijs. In de loop van de laatste  27 jaar hebben deze toegangen of niveaus verschillende benamingen gekregen. Momenteel worden ze benoemd als Bachelor verpleegkunde (Hoger Onderwijs en in de volksmond de A1-opleiding) en Gediplomeerd verpleegkundige (4de graad beroepsonderwijs of A2-opleiding in de volksmond). In de grafieken of tabellen wordt, mede omwille van de kortere aanduiding soms ook de A1 en A2 opdeling nog gebruikt.
 
Voor het zesde opeenvolgende jaar zit verpleegkunde in BelgiŽ in de lift
 
Na het absolute dieptepunt van verpleegkundestudies met 19.314 studenten in 2000 wordt nu, voor het zesde jaar op rij de absolute en historische top behaald van 22.346 verpleegkundestudenten in BelgiŽ. 8.953 volgens de opleiding in het beroepsonderwijs, 13.393 in het Hoger Onderwijs. Ook binnen deze niveaus is het een absoluut topjaar.  In Vlaanderen stijgt het globaal aantal verpleegstudenten van 9.986 tot 10.510 of een stijging met 524 studenten of  +5,2%. 4.402 hiervan zijn A2-studenten, 6.108 Bachelors (A1). In de Franse gemeenschap is de stijging minder uitgesproken: van 11.659 tot 11.836 of een stijging met 177 studenten of +1,5%.
  
Afgemeten aan de referentiebevolking, dwz het aantal 18-21 jarigen, zijn de percentages het hoogste ooit, nl in BelgiŽ 6,1% van de referentiebevolking, 5,1% in de Vlaamse gemeenschap en 7,7% in de Franse gemeenschap. In de mate er andere dan generatiestudenten (die na hun humaniora de studie aanvatten) aanwezig zijn, vermindert de waarde om langs dit % de 'aantrekkings'kracht te meten. Het geeft wel aan wat het 'maatschappelijk draagvlak' is van de richting en dat is groot en nog altijd groeiend. 
 

 
Het gaat dus goed met verpleegkunde maar het moet goed blijven, dus alle inspanningen die nu dit resultaat geven moeten aangehouden worden!

Vlaamse gemeenschap doet inhaalbeweging tav Franstalige gemeenschap.
 
Voor het eerst is er een hogere stijging van verpleegkundestudenten in Vlaanderen dan in de Franse gemenschap zodat er sprake is van een beperkte inhaalbeweging:

In Vlaanderen stijgt het aantal eerstejaars A2-verpleegstudenten met 256 tot 1.791 of +13,1%, bij de A1 is deze stijging 338 tot 2.601 of +15%. Bij dit laatste cijfers dient opgemerkt dat, zoals vorig schooljaar geen verdeling meer kan gegeven worden van bachelor-studenten naar leerjaar. Vorig jaar werd de verdeling van 2004-2005 over de leerjaren gehanteerd en vanaf dit jaar het laatst gekende slaagpercentage van 1ste naar 2de en 2de naar 3de jaar, met als saldo het aantal 1ste jaars. De volgende jaren zullen uitwijzen of we deze methode dienen bij te stellen.


  
In Vlaanderen stijgt het aantal eerstejaars dus met 594 of  14,4%, dit is nooit gezien en betekent vooral voor de bachelors een stevige basis die geleid heeft tot 6.108 studenten. Hiermee benaderen zij het topniveau van 10 jaar geleden (6.231 studenten). In de Franse gemeenschap is er een stijging bij de eerstejaars van 49 studenten, zodat zij in feite stabiliseren op 11.836 verpleegstudenten, tegenover 10.510 in Vlaanderen.
 
Project 600 is voor beroepsopleiding verpleegkunde het verschil tussen + en -

Na een serieuze terugval van de A1 opleiding verpleegkunde in Vlaanderen en WalloniŽ is er na 2000 een 'revival' gekomen die mede is onderbouwd door het project 600. In het sectoraal Non-Profit-akkoord werd op voorstel van de vakbonden in 2000 een project op punt gezet en goedgekeurd om lagergeschoolde werkenden in de gezondheidssectoren vrij te stellen van arbeid om verpleegkundige te worden. Sindsdien zorgen honderden werknemers voor een verhoogde instroom in verpleegkunde, waarbij  in Vlaanderen 78% voor A2-studies opteert.
 
Voor de A2-verpleegopleiding is er een aanzienlijke stijging in 2006-2007 maar zij hangen meer af  van het project 600 en zijn veel kwetsbaarden in hun studentenaantal. Bij niet-verlenging van het project 600 en stagnering van de bachelor komt er onmiddellijk weer een gat in de instroom, die hoe dan ook op een hoog niveau dient gehandhaafd omwille van de stijgende behoeften in de toekomst.

    
Over de cascade en de forel
 
De Beroepsopleiding 4de graad verpleegkunde is daarbij een emancipatorisch instrument van 100 karaat om honderden gestranden in de onderwijscascade als een forel, zoals Guy Tegenbos ooit plastisch uitdrukte, de weg in de rivier terug af te doen leggen met een volwaardig Europees erkend verpleegkundig diploma als resultaat. Hier kunnen de vreemdelingen en nieuwe Belgen toegevoegd worden die geen of geen equivalent diploma behaald hebben en die als werkende, werkzoekende of niet-actieve in een studie kan stappen die hen een reŽel tewerkstellingsperspectief bezorgt. Het gaat tevens om een sector met een volwaardig en goed uitgebouwd arbeidsstatuut, performante barema's en een eindeloopbaanregeling om u tegen te zeggen. Naast de persoonlijke opwaardering is er daarbij nog de grote maatschappelijk betekenis en nut in het voorzicht van de groeiende zorg- en medische behoeften.
 
Bacheloropleiding is voor 24% ook 2de kansonderwijs

Naaste de 76% generatiestudenten, die na hun humaniora verpleegkunde A1aanvatten is de bacheler-opleiding voor 24% ook een solied 2de kansonderwijs dat, op een hogere kwalificatieniveau, dezelfde functie vervult als het beroepsonderwijs, nl. voor werkende (project 600 en anderen), werkzoekenden (ongeveer 250 werkzoekenden volgen A1-verpleegkunde, naast de ongeveer 450 in een A2-opleiding) en ook voor studenten die na een andere studie aangevat of voleindigd te hebben toch opteren voor verpleegde A1. Ook enkele A2 studenten kunnen langs het behalen van hun secundair diploma in het 1ste jaar van de 4de graad beroepsonderwijs de overstap doen naar het bachelor niveau.

De Brugopleiding van A2 naar A1 heeft het kwalificatie niveau omhoog gebracht

Sinds het sectoraal akkoord van 2000, verlengd in 2005 is het mogelijk voor A2-verpleegkundingen in aangepaste trajecten na 5 of 10 anciŽnniteit de A1-kwalificatie te behalen. Met 371 deelnemers in 2006-2007 is deze mogelijkheid nog lang niet opgedroogd en ze zal altijd nuttig blijven omwille van de voortdurende instroom van A2 verpleegkundigen op de arbeidsmarkt. Zij vormen nog altijd 42% van het totaal aantal verpleegkunde studenten.
 

Brugcycli A2 naar A1 in de Vlaamse gemeenschap

 

1ste jaar

2de jaar

3de jaar

Totaal

2001

 

61

962

1.023

2002

 

90

832

922

2003

 

112

635

747

2004

 

98

565

663

2005

 

145

301

446

2006

 

 

 

519

2007

 

 

 

371


De kinesistenpiste, een verkort programma voor kinesisten die verpleegkundige wilden worden, heeft nooit veel aantrek gekend (97 in 2003) en is in feite uitgewerkt, gezien in het schooljaar 2006-2007 slechts 7 kinesisten terug te vinden zijn in verpleegkundestudie (zie verpleegkundeportaal voor de cijfers).
 
Betaald Educatief Verlof laat de Non-Profit en andere sectoren in de steek
 
Verpleegkunde onderwijs in BelgiŽ en speciaal in Vlaanderen is een echt bruggenhoofd voor het behalen van een kwalificatie met volle uitzicht op werk voor alle bevolkingslagen, autochtonen en allochtonen, jongeren, volwassen en zelfs ouderen. Ook voor de 76% 'generatiestudenten in de bacheloropleiding is deze mix van studenten een waardevol element om te steunen op de ervaring van de volwassenen die op hun beurt in een opbouwende dynamiek komen de jongeren van tegenwoordig. De moeders en vaders tussen de studenten en vooral hun kinderen doen er alle voordeel mee met hun ouders op school of op stage in de gezondheidszorg.

Tegen deze achtergrond is niet alleen spijtig maar maatschappelijk en politiek ondraaglijk om de volledig kost van deze onderwijsinspanning voor volwassenen verregaand ten laste te leggen van de sectorale fondsen in de Non-Profit die continue in adem- en geldnood zijn. Het optrekken van het betaald Educatief verlof voor kwalificerende opleiding, zowel verpleegkunde maar ook ingenieurs, maatschappelijk werker en zovele andere beroepen tot minstens 360 uren per jaar zou niet alleen een  gewelde support zijn voor de werknemers die hier individueel voor kiezen, maar ook de sectoren en aan de samenleving. Zien of de CD&V en Cį hier zichzelf kan corrigeren voor de beslissing die zij in 1997 genomen hebben tot afbouw van het BEV van 240 tot 180 uren, willen corrigeren, een afbouw die werd verder gezet onder paars tot 120 uren. Het drie dubbele, nl 360 uren voor een budgettaire kostprijs die bv in het niet verdrinkt vergeleken met de dienstencheques. Voor een analyse van het Betaald Educatief Verlof, zie BuG 38, BuG 41, BuG 43, BuG 45 en BuG 46.

Vlaanderen: laagste aantal uitgereikte diplomas na de leeftijd van 25 jaar in de OESO

BelgiŽ, Vlaanderen incluis is van alle Europese en Oeso-landen landen nog altijd het land met het laagste aantal uitgereikte diploma's hoger onderwijs op meer dan 25 jarige leeftijd, ook al staan zij hoog op de trap wat deelname aan het hoger onderwijs betreft.  Door het accent op het exclusief behalen van een diploma op jongere leeftijd is de werkzaamheidsgraad in BelgiŽ en ook Vlaanderen bij de -25 jarigen zeer laag - en de arbeidsdeelname zeer hoog tussen 25 en 50 jaar. Intussen is het kwasi onmogelijk om een reguliere kwalificatie op latere leeftijd te behalen, behalve dan voor verpleegkunde als absolute uitzondering. Verpleegkunde toont niet alleen aan dat het kan, maar dat het ook een ticket is op tewerkstelling van en voor lange duur is, die, zoals blijkt, ook na 55 jaar en meer verzekerd is. De unieke en exemplarische arbeidsduurvermindering met 12 bijkomende verlofdagen op 45 jaar, 24 op 50 jaar en 36 op 55 jaar zijn forse aantrekkingspunten voor een sector die elke tewerkstelling nodig heeft. Zien of deze realisatie in de tweede generatiepactdiscussie aan de orde komt, na haar volledige negatie in de vorige ronde.

Jan Hertogen, socioloog
www.npdata.be

Voor alle tabellen en begeleidende grafieken per niveau, leerjaar en gemeenschap,
in aantallen en % van de referentiebevolking zie verpleegkundeportaal