Congres Vlaamse Vereniging voor Genealogie
Brussels Parlement - 27 maart 2010 -
Programma - Folder - VVF-Brussel

Emigratie herbezocht en onderzocht - Printversie (11p)  Powerpoint
Lezing door Jan Hertogen, 11h15-12h 00

In Vlaamse Stam, Tijdschrift voor familiegeschiedenis, 46ste jaargang, Nr. 1 verschenen twee  inleidende artikels op de congreslezing:
1. blz 19-26: Doorlopende en onderbroken wegen, migratie herbezocht
2. blz 27-38: De migratie komt pas goed op gang - BuG nr. 119

Voor abonnement, lidmaatschap en aankoop Vlaamse Stam : Vlaamse Verenging voor Familiekunde

Rechtstreeks naar grafieken. De uiteenzetting werd afgesloten met enkele cijfers en tabellen over migratie
 

1. Migratie, een  overlevingstrategie

Toen enkele weken geleden Monica De Coninck, Moeder Theresa van Antwerpen omdat zij zich zo het lot van de asielzoekers aantrekt, de pers meedeelde dat in Antwerpen 56% van de -10 jarigen van vreemde afkomst was viel iedereen zowat achterover. Op het einde van het decennium zou  bijna 2/3 van de jongeren in Antwerpen, de -20 jarigen zeg maar, van vreemde afkomst zijn, en binnen enkele decennia zou in Antwerpen de migratie meer dan de helft van de bevolking uitmaken. Dat is de ijskoude douche voor de Vlaams Belangers in Antwerpen, waaraan zij contradictorisch genoeg, zelf hebben meegeholpen door alle anti-migratiestemmen te verzamelen en politieke monddood te maken. Zien of de Antwerpenaars en  andere Vlamingen tot datzelfde besef komen en eindelijk de migratie gaan ‘ontvreemden’ en zich eigen maken. Zoals in Brussel zal extreemrechts dan tot een marginale factor teruggedrongen zijn. En niet onbelangrijk, de immigratie, vooral vanuit niet-Europese landen zal door Belgwording meer en meer op het politieke bedrijf drukken, en zoals de arbeiders en de vrouwen doorheen de voorbij decennia,  haar belangen ook volwaardig politiek kunnen vertolken. Deze ruwe bewustzijnsschok in Antwerpen heeft zich geruisloos op een vreedzame wijze in Brussel voltrokken in de jaren zeventig en tachtig. Heeft het zin om dit proces van ‘vernieuwing’, van transformatie, van vervanging van een bevolking van autochtoon naar allochtoon eens van naderbij te bekijken, methoden te ontwikkelen om dit concreter op te volgen en in beeld te brengen, het langs de diverse nationaliteiten te benoemen, er het volume, de impact en het perspectief van aan te geven. Moet migratie niet ‘ontvreemd’ worden, van haar vreemdheid ontdaan, teruggewonnen van degenen die het altijd in een slecht daglicht gesteld hebben, de kinderen  met haat in de ogen bekeken, niet heeft toegelaten in het hart en ook niet in hoofd, of op het werk, de woningen, het sociale leven, tot scha en schande van de samenleving. Enkel wie de omvang en impact van de migratie niet begrijpt gooit de stenen naar de linksen, de 68-ers, de goedwillenden en de goedmenenden die in de straten en buurten van de steden wel de hartelijkheid hebben opgebracht om open en gedecideerd de nieuwe bewoners op te vangen en hen wegwijs te maken. De overheid heeft hier voortdurend te weinig middelen voor vrijgemaakt, op dit ogenblik gemiddeld 1 VTE beroepskracht voor 1.000 allochtonen in Vlaanderen. Men kan er zich enkel over verwonderen hoe dit drastische transformatieproces in de samenleving en vooral in Brussel zo weinig opstand, rebellie en verzet heeft teweeggebracht bij dit alsmaar groeiend deel van de eigen bevolking, de allochtonen. Maar zoals gezegd, enig inzicht in de mechanisme en omvang van migratie kan het hoofd tot rust brengen, het hart openen en de toekomst rooskleurig tegemoet doen zien, dankzij de migratie zelf die hét antwoord zal worden op haar eigen problemen, door grotere inschakeling in de politiediensten bv, de nieuwe migratie die de oude tot de orde roept,  in de tewerkstelling als antwoord op de vergrijzing als negatie van alle peptalk om vooral 60 plussers terug aan het werk te jagen.

Inzicht in migratiebewegingen is belangrijk omdat het altijd weer de dynamieken levert waardoor niet alleen de menselijke soort ontstaan is en zich over de ganse wereld heeft verspreid, maar ook de overlevingsdynamiek is waarmee de ongelijke verdeling van goederen en diensten, van macht of ideologie zichzelf tot een zeker evenwicht brengt, de dynamiek waardoor

1. De rijken op zoek gaan naar nog grotere rijkdom, kapitaal kent geen grens en wordt enkel door zichzelf ingehaald langs internationale bankcrisissen of door hen uitgelokte economische recessie
2. Elke mens op deze wereld het fundamentele recht uitoefent op zoek te gaan naar betere oorden, een  beter leven voor zichzelf en zijn kinderen.
3. Oorlogen tot migratie leiden, niet voor niets staan Tsjetsjenen, Afghanen en Irakezen bij de top drie van de asielzoekers in België.
4. Om ideologische redenen zoals door het nationaal-socialisme dat langs democratische weg de macht verwierf  om de wereld op te delen in wie recht had op leven en wie gedoemd was  te sterven: ouderen, gehandicapten en vooral ook de joden. In hun wereldorde werden ondermeer 250.000 Belgische arbeiders, waaronder 30.000 vrouwen onder dwang tewerkgesteld in Duitsland. Maar ook de 20.000 Oostfrontstrijders en wie na de oorlog, wegens collaboratieverleden gemigreerd is zijn deel van deze tijdelijk of definitieve volksbewegingen.

 Een kadaster van collaboratie en Nazi-verleden

In vele familiegeschiedenissen komen de zelfgekozen of verplichte migraties aan de orde sommige worden weggemoffeld of met enige onnodige schaamte vermeld. Pas nu wordt bv in Duitsland de volle rekening gemaakt van wat hun voorouders en het gehele bedrijfsleven miljoenen mensen hebben aangedaan. Er is zelfs een databank opgemaakt waar elke burger kan nagaan wat het Nationaal-socialistische, het NAZI verleden was van ouders en grootouders. Porsche wordt bij haar 100ste verjaardag er toe gebracht ook de geschiedenis van haar dwangarbeid te schrijven. Oorlogen zijn in het verleden en ook vandaag nog de grote motoren van migratie. Wie zich de moeite getroost om na te gaan wat met West- en Oost Polen, West- en Oost-Oekraine gebeurd is en met de Duitsers die uit hun traditionele woongebieden gezet zijn, zal beseffen dat niets vast is en dat de mens overal thuis kan zijn en overal kan buitengezet worden. Ook grote ecologische rampen en overstromingen dwingen bevolkingen naar andere oorden te vertrekken. Maar overal is Thuis waar men woont. Eigen Volk Eerst is in dit perspectief een van de meest decadente en onmenselijke slogans die ooit bedacht is.

Vlaanderen was op weg naar nationaal-socialistische score

 Dat Antwerpen met 38% een hogere score behaald heeft dan de nationaal-socialisten in 1933 in Duitsland, waardoor Hitler aan de macht gekomen is, zal eeuwig op het Antwerpse embleem prijken. En dat Vlaanderen met 24% een goed stuk naar deze Nazistische score onderweg was geeft aan dat nationaal-socialistisch gedachtegoed nog lang niet overwonnen is en dat migratie en acceptatie het 'het vreemde' nog altijd niet in de gedachten ingeburgerd is. Dat Antwerpen een Brusselse toekomst heeft kan daarbij op de ironie van de geschiedenis geschreven worden.

 Wilders, het onverwerkte verleden van Nederland

 Gelijklopend hiermee wordt Nederland wakker met dezelfde ‘intolerantie’ waarvan zij als natie en als bevolking ten aanzien van de joden  heeft blijk gegeven, maar nu tegenover de Marokkanen en de islam. Nederland heeft nooit de grootste migratiebeweging uit haar geschiedenis verwerkt: 105.000 in Nederland wonende joden werden op twee jaren tijd met hulp van de overheid en van de bevolking uit Nederland gedreven en slechts enkelen  hebben de deportatie en gaskamers overleefd, tot in Sobibor tegen de grens met Oekraďne werden ze afgevoerd. Daarmee is Nederland, na Polen, het land waar het grootste % joden werd gedeporteerd, nl 85%, en dus het minst overlevingskans had. Nederland heeft deze eigen verantwoordelijkheid vooral omgezet in  een ‘anti-Duitse’ houding en zich verscholen achter een masker van oppervlakkige tolerantie, eerder dan in eigen boezem te kijken en ten gronde na te gaan waarom dit ‘calvinistisch’ antisemitisme zo ingebakken was in de Nederlandse samenleving. En nu breekt Wilders door, als voortzetting en uitdrukking van anti-vreemdheid en op godsdienst geënte vreemdelingenhaat. En zolang de band niet gelegd wordt met haar anti-joodse verleden zal de Nederlandse bevolking en de Nederlandse overheid ook geen weg weten met personen als Wilders en waar deze voor staan. Brussel daarentegen is de stad geweest waar de joden in wereldoorlog 2, van alle Europese Bezette steden, de grootste overlevingskans hadden, nl. 42% werd er slechts gedeporteerd, tegenover 75% in Antwerpen, dat een Nederlandse 'score' haalde.” Maar zijn we niet wat ver afgedwaald?

Brussel, hart van Europa

Dus over Antwerpen en Nederland terug naar Brussel, de libertijnse stad die er meer dan elke andere wereldstad in geslaagd is het vreemde op te zuigen en op enkele decennia te absorberen en haar eigen te maken, om te zetten in culturele en vooral economische diversiteit en daarbij mede het hart en de slagader te worden van Europa, de NATO, arm en rijk onder een dak op te nemen en te vermengen. Hoe is het vreemde in Brussel en langs haar ook voor een goed stuk in Vlaanderen en België gegroeid, hoe is het ‘ont-vreemd’ en hoe geeft Brussel de weg aan die Antwerpen en vele Vlaamse steden van enig gewicht zullen volgen en er hun voordeel aan doen.

2. Brussel, het lelijke eendje van Vlaanderen

Brussel, libertijnse stad die er meer dan elke andere wereldstad in geslaagd is het vreemde op te zuigen en op enkele decennia te absorberen en haar eigen te maken, om te zetten in culturele en vooral economische diversiteit en daarbij mede het hart en de slagader te worden van Europa, de NATO, arm en rijk onder een dak op te nemen en te vermengen. Hoe is het vreemde in Brussel en langs haar ook voor een goed stuk in Vlaanderen en België gegroeid, hoe is het ‘ont-vreemd’ en hoe geeft Brussel de weg aan die Antwerpen en vele Vlaamse steden van enig gewicht zullen volgen en er hun voordeel aan doen.

Op 50 jaar, 60% van de Brusselaars van autoch- naar allochtoon

Brussel immigratiestad. Daar heeft men zich gedurende  30 jaar nooit veel kunnen bij voorstellen, het is blijkbaar iedereen ontgaan en ineens was het daar. Al die mooie huizen, de lanen en avenues, de straten en pleinen zijn nu voor bijna 70% bewoond door Brusselaars van vreemde afkomst. Als 11 jarige kwam ik met m’n moeder en nog 6 broertjes en zusjes op nieuwjaarsdag aan in het Noordstation voor een bezoek aan m’n grootouders. M’n over-overgrootmoeder die bij haar thuis in Vorselaar nog Kardinaal Van Roey de baard afdeed, was als huishoudhulp naar Brussel afgezakt, lang voor de  dienstencheques dit zouden overnemen. De toren van het Noordstation priemde toen nog hoog in de lucht, na met grote ogen vanuit de trein naar de toen al desolate achterwanden van de Brusselse straten te turen. Het was in 1958 en Brussel telde toen volgens de Dienst demografie van Brussel, 7% inwoners van vreemde afkomst, vooral vanuit andere West-Europese landen. Eens buiten het station ging m’n kinderlijke aandacht naar de veelkleurige confetti en slingers op deze eerste dag van het jaar maar ook naar de schaars geklede vrouwen in de grote Brusselse cafés tussen de in de wolken verdwijnende Martini-toren en de Brouckčre-plaats, waar we de nu afgeschafte 88 naar Jette namen, langs het Brugman-ziekenhuis, de Bonaventurastraat met uitzicht op het nog altijd aanwezige kruisbeeld hoog boven op de kalvarieberg in Dieleghem-bos, ons geliefde speelterrein met in de lente de bedwelmende prikkelende lookgeur. Een tiental jaar geleden, in 1998 ben ik er nog naar een rommelmarkt geweest in dezelfde Capartlaan, met op de hoek een standje voor muntthee, geserveerd door Marokkaanse dames. Toen, 1998, woonden er in Brussel de helft inwoners van vreemde afkomst, op 40 jaar tijd, een half leven, was er een ware omslag gebeurd, de helft van de Brussels bevolking was van autochtoon naar allochtoon getransformeerd. Nu, weer tien jaar later in 2008 is het aantal Brusselaars van vreemde afkomst te berekenen op 68%. Op 50 jaar tijd, dwz tussen de wereldtentoonstelling van 1958 en 2008 is er een omvorming geweest van 60% van de Brusselse bevolking, een onwaarschijnlijk en ongelofelijk cijfer, waarvan men met moeite de werkelijkheid kan erkennen, op straat des te meer. In elk van de 19 gemeenten heeft zich deze evolutie in mindere en in meerdere mate doorgezet.

Smet op Brussel

Wil de Vereniging voor familiekunde in Brussel overleven zal zij de interesse bij de Nederlandstalige allochtonen moeten opwekken om hun persoonlijke geschiedenissen, waarmee de Vlaamse cultuur meer en meer verrijkt wordt, ook langs onderzoek en documentatie in beeld te brengen. Maar dat zal dan een omslag vragen van het Vlaamse bloed (en bodem) denken. Nu heft men klaagzangen aan, Minister Smet voorop, dat het Nederlandstalig onderwijs in Brussel voor slechts 10% Nederlandstaligen, 20% van de onderwijsmarkt bedient. De noodzaak aan meer onderwijsaanbod dat mede langs de migratie noodzakelijk wordt moet aan de Franstaligen overgelaten worden, hetgeen in de voorbije 50 jaar juist de verfransing heeft bewerkstelligd. Die verfransing moet zich volgens de Minister verder structureel doorzetten, in 2015 zullen er nog maar 7% bloedvlamingen zijn en in 2020 minder dan 5%. Een onderwijsaanbod van 10% zal dan wel genoeg zijn zeker, zo luidt de provinciale redenering van Smet. Het huidige onderwijsaanbod verdubbelen van 20% naar 40%, betekent het verhogen van het Brusselse aandeel in het Vlaamse onderwijsbudget met 2%, van 3,5% naar 5,5%. Nu zijn er 39.382 Brusselse leerlingen in het kleuter, basis en secundair onderwijs op 1,1 miljoen in Vlaanderen. Een verdubbeling van het aantal leerlingen betekent echter geen verdubbeling van het budget. Gespreid over 10 jaar gaat het om een jaarlijkse verhoging van het onderwijsbudget met 0,25%, een kwart van een procent!. Zo zou er een historische rechtzetting, een ‘hervlaamsing’ van Brussel kunnen gebeuren. Een veel gevraagd product afschermen en niet voldoende aanbod ter beschikking stellen is zelfs uit marktoogpunt volslagen onzin, omdat de ‘taal’ zogezegd een probleem zou zijn, terwijl het juist de taal is die als uitgelezen product het verschil maakt. Als de nieuwe migratie en de kinderen van de inwoners van vreemde afkomst georiënteerd worden  naar het Nederlandstalig onderwijs dan is dat een unieke kans waarvoor alle budgettaire en menselijke middelen moeten en kunnen voor vrijgemaakt worden.

In Brussel investeren is de Vlaamse rand integreren

De komende 10 jaar zullen 229.000 mensen vanuit Brussel naar de andere gewesten verhuizen. Zij komen in Brussel toe, worden Belg en verhuizen ondermeer naar het Vlaamse gewest. Hoe meer migranten in de Nederlandstalige culturele leven en het kwalitatief hoogstaande onderwijs een plaats krijgen, hoe groter de instroom vanuit Brussel naar het  Vlaamse gewest Nederlandstalig zal zijn. Wie roept in deze Smet en de Vlaamse gemeenschap tot de orde. De tijd om historisch verkeerde beslissingen te nemen is voorbij, men kan niet tweemaal op rij de migratie in Brussel negeren, zonder de rekening gepresenteerd te krijgen, zoniet is het gedaan met de Vlaamse aanwezigheid in Brussel, en zelfcastratie is nooit een goede overlevingsstrategie geweest. Brussel, het lelijke eendje van Vlaanderen, maar in feite de fiere witte Zwaan."

En de criminaliteit dan.

De bevolking van niet-Europese afkomst is in Brussel gestegen van 25% in 2000 naar 35% in 2009, op tien jaar van een kwart naar een derde,. Maar de criminaliteit in diezelfde 10 jaar is gedaald met 5% en zelfs met12% in vergelijking met 2008, en dit volgens de meest recente tellingen in het 3de trimester van 2009. Er is dus,, wat criminaliteit betreft, een echte omslag gebeurd in Brussel, terwijl de transformatie autochtoon-allochtoon zich meer dan ooit in hetzelfde decennium heeft doorgezet. Dat wil niet zeggen dat voor bepaalde soorten misdrijven Brussel er wat boven uitsteekt, maar de globale evolutie is dus uitzonderlijk positief, ondanks of dankzij deze sterke niet-Europese migratie?
Neemt de Brusselse, in hoofdzaak allochtone bevolking trouwens niet zelf het heft in handen en stelt zij op eigen kracht de nultolerantie in voor misdrijven waarbij de allochtonen zelf het eerste slachtoffer zijn. Zeker is dat wat men ‘straffeloosheid’ noemt een techniek is om een samenleving te destabiliseren en de individuele rechtszekerheid te ondergraven. Het is geen verantwoordelijkheid van de ‘daders’ noch van de slachtoffers, het is de verantwoordelijkheid van krachten in de overheid en het veiligheidssysteem om al of niet bewust rechtonzekerheid te creëren. Dat daarbij criminaliteit en criminelen gebruikt wordt en ingezet om fysieke integriteit en eigendom van de burgers aan te tasten is een historisch gegeven dat al door het nationaal-socialisme structureel en algemeen werd aangewend om de bezette samenleving en de democratische krachten in Duitsland te terroriseren. Ook al is dit in deze samenleving, misschien niet intentioneel of doelgericht, het ressorteert wel dezelfde effecten. Criminaliteit en straffeloosheid aan migratie verbinden is de ogen sluiten voor de mensen die hun weg zoeken naar een beter leven. Maar ook de ‘criminelen’ moeten beseffen dat zij rechts zijn en deel van de onderdrukking in het aantasten van andermans private, fysieke en mentale integriteit. Ook zij zetten zich in het spoor van de beulen, de niets-ontziende toezichters, de dieven en aanvallers die toen ook al door het nationaal-socialisme werden opgevorderd en ingeschakeld in hun repressief systeem.

Ook wie de armoedecijfers wil analyseren, een daling van het gemiddelde inkomen tussen 1995- en 2007 moet beseffen dat deze recht evenredig is met de migratie, ook als is deze voor vele migranten een verbetering van hun levensstandaard, voor de Belgische is het een verdunning, maar het verbreedt het draagvlak voor een verhoging van activiteit en werkzaamheid op termijn. Is dat allemaal van belang voor een verenging voor familiekunde, omdat het zovele  levensgeschiedenissen  en invalshoeken aanbrengt in Brussel, Vlaanderen en België.

3. Migratie herbezocht

M’n moeders, een Brusseles, leerde als Kajotster m’n vader kennen die toen vrijgestelde was voor de KAJ in de Nationalestraat, naast Cardijn, die gedurende de 2de wereldoorlog 3 maanden in Sint-Gilis werd opgesloten samen met Hanot, de leider van de Jong-socialisten. M’n vader was verantwoordelijke voor de jonge arbeiders die vanaf 1942 in Duitsland dwangarbeid moesten verrichten. Hij was afkomstig van Riemst en stichte na de oorlog een gezin in Hasselt samen met m'n moeder, een Brusselse die haar verdere leven in de provincie moest leiden, geen evidentie.

M’n verhaal naar het teruggaan van de emigratieweg van m’n schoonzoon vanuit Marokko, van de twee Molenbeekse Marokkanen naar de slag van Gembloers waar hun grootouders nog meevochten tegen de Duitse invallers in België en van de kinderen van joodse partizanen uit Brussel naar hun ouders die met wisselend geluk de oorlog en de vernietiging overleefden kan verder geëxploreerd worden op het internet (Jan in Marokko, Gembloers, joodse getuigen).

Tentoonstelling over het massaal neerschieten van Joden in Oekraďne tussen 1941 en 1944, nog tot 19 april 2010

Ik wil hier verwijzen naar de uiterst belangrijke tentoonstelling, nog tot 19 april 2010 in het legermuseum in Brussel, over de massavernietiging van joden in Oekraďne tussen 1941-1944. 1,5 miljoen joden werden na juni 1941 samengedreven in de dorpen, ontkleed en voor zelf gegraven putten een voor een in het hoofd geschoten, dorp na dorp, in duizenden dorpen onder het oog en soms met medewerking van de Oekraďense bevolking. "Shoah door kogels", en de originele site The mass shooting of juifs in Ukraine en in het Frans geven interessante documentatie. Enkel Marc Reynebeau heeft er tot nu toe enige journalistieke aandacht aan besteed, naast de video op Brusselnieuws. Zowel het inzicht in de geschiedenis van een ingewikkeld land en een complexe situatie als de tientallen interviews met Oekraďners die pas op latere leeftijd spreken over wat zij als 8 of 10-jarigen hebben gezien in hun dorpen en die voor het eerst spreken over wat zij zagen en waaraan zij en hun ouders soms vrijwillig of gedwongen aan-meewerkten.

Voorzover we konden nagaan is deze tentoonstelling die New York, Parijs en Vucht heeft aangedaan, niet aangekondigd op de sites van het Museum voor Deportatie en Verzet Mechelen, noch het Breendonkmemoraal en Soma-Ceges het documentatiecentrum voor al wat geschiedenis en herinnering aan oorlogen aanbelangt, dat zal wel zijn redenen hebben maar weinig begrip kan men er toch niet voor opbrengen.

Na de kogels de vergassing

Omwille van de omslachtigheid en de psychische druk op de Duitse soldaten werd vanaf 1942 de jodenvernietiging op industriële schaal doorgevoerd. In Belzec, Sobibor en Treblinka werden installaties opgezet die toelieten op enkele maanden tijd honderd duizenden joden uit de dorpen in Galicië,  Polen en Wit-Rusland samen te brengen en met de verbrandingsgassen van dieselmotoren om te brengen. Nog voor Auschwitz goed en wel opgestart was waren in Oost-Europa al meer dan 3 miljoen joden gedood, joden die gedurende eeuwen een vast onderdeel waren van deze samenlevingen. Ik ben misschien een beetje geobsedeerd door de dood die geen spoor, geen leven en amper nog geschiedenis en herinnering heeft nagelaten en het gemis dat dit voor de mensheid betekent. Iets zeggen over genealogie van levenden over de dood heen, kan voor mij niet anders dan ook een gedachtenis zijn aan de doden die geen levenden  hebben nagelaten en die weggemoffeld zijn in het stof van de geschiedenis, daarbij afgeschermd door het ‘ijzeren gordijn’. Vorig jaar was ik een week in Lublin waar het hoofdkwartier gevestigd was van de uitroeiing door het gas in Oost-Polen, en nu ben ik een week terug van L’viv, de regio in westelijk Oekraďne waar 266.000 van de 1,5 miljoen doden gevallen zijn onder kogels van het nationaal-socialisme.

Indrukwekkend digitaal monument van de jodenvernietiging in Nederland
 
De erg confronterende tentoonstelling in het legermuseum loopt nog tot half april. Ter info nog dit: in Nederland bestaat een indrukwekkend 'genealogisch' monument voor de verdwenen joodse Nederlanders in WO 2, het Joods monument met 105.000 pixels waarachter telkens het onderbroken leven van de verdwenen joden uit Nederland terug te vinden zijn. Bij ontstentenis aan opvolging zou de Nederlandse Genealogische Verenging dit 'monument' mee onder z'n hoeden nemen. Kan zo iets ook gebeuren met de Belgisch gedenkboek van de verdwenen joodse inwoners van België in WO 2?
 
Zoals over joden en ‘zigeuners’, nu over islam en moslims?

Het wedervaren van de joden en 'zigeuners' onder het nationaal-socialisme is voor de migratie en de genealogie van de migratie van nu ook een waarschuwing om niet in hetzelfde bedje ziek te zijn, niet dezelfde denkcategorieën te gebruiken als waarmee de joden en 'zigeuners' door de eeuwen heen en meer speciaal onder het nationaal-socialisme werden bekeken, en waarvan we nu gelijkenissen zien in de wijze waarop de islam en de moslims worden gestigmatiseerd.

In Vlaamse Stam heb ik beloofd een actualisering te maken van de migratiebewegingen in België die vooral ook in Brussel een belangrijk ankerpunt gevonden hebben en nog zullen vinden. Het geeft meteen de bakens aan waarbinnen de genealogie een nieuw potentieel kan vinden om de rijkdom van het de menselijke afkomst te traceren en te documenteren. Er is nog veel werk op de plank om de geschiedenis, maar vooral ook de cultuur vanuit  de emigratie te integreren in het historisch-culturele beeld van Vlaanderen en België. De genealogie kan hier een belangrijke functie vervullen omdat zij deze culturele aanbreng en verrijking langs persoonlijke geschiedenissen kunnen vormgeven en grijpbaar maken en zo van grote betekenis zijn voor ondermeer het onderwijs en de geschiedenislessen. De Vlaamse 'Stam' zegt het zelf: de wortels van afkomst zijn niet aan nationale bodem gebonden, in de grond en in de diepte, in het verleden en het heden verbinden zij ondergronds landen en continenten.
 
4. Migratie, enkele cijfers en grafieken

Om na de enigszins socio-filosofische inleiding, een zeker beeld te geven van de grote volumes in de migratiebewegingen in België proberen we ze ‘in de vlucht’ te vangen in enkele slides. We hebben een methode ontwikkeld om, op basis van de soms spaarzame gegevens, toch het beeld te schetsen van wie ‘de vreemde’ is in België:

1. Vreemdelingen die nog als vreemdeling in België zijn ingeschreven
2. Vreemdelingen die sinds 1945 een van de 29 wegen gevolgd heeft om Belg te worden. Naturalisatie is bv daar maar één weg van, goed voor 17% van de Belgwordingen. Langs de Belgwordingen verdwijnen deze vreemdelingen uit de vreemdelingenstatistiek maar zij behouden toch hun ‘vreemde afkomst’
3. Eens Belg worden hun kinderen als Belg in het bevolkingsregister ingeschreven. Langs het rijksregister is evenwel de info aanwezig om na te gaan welke kinderen geboren worden bij Belgen die als vreemdeling geboren zijn. Maar dit gegeven is niet publiek, dus het moet op een of andere manier ‘berekend’ worden. Ook de kinderen van gemengde huwelijken worden hier als ‘vreemde afkomst’ meegeteld.

In België zijn momenteel 194 nationaliteiten aanwezig, vele met enkele honderden, duizenden, of tienduizenden inwoners. Zij tellen alle mee en elk leven heeft z’n persoonlijke geschiedenis. Maar welke nationaliteiten drukken hun stempel met honderdduizenden in België. Welke zijn de grote vijvers waarbinnen de genealogie kan vissen want het zullen Vlaamse of Belgische levensgeschiedenissen worden die zoals de wijn, met de jaren en generaties gaan rijpen.

Wij kijken eerst naar hoeveel ‘vreemdelingen‘ sinds 1945 naar België gekomen zijn, dus bijkomend in de bevolkingsregisters zijn ingeschreven, inbegrepen zij die nadien Belg geworden zijn en uit de statistieken verdwenen zijn.

Slide 1: De immigratie per decennium na WO 2, dwz de bijkomende vreemdelingen in de bevolkingsregisters in België, hierin zijn begrepen:

1; Wie vanuit het buitenland als vreemdeling naar België gekomen is
2. Wie als vreemdeling geboren is als kind bij een reeds in België verblijvende vreemdeling
3. Wie erkend is als vluchteling en wie als niet verblijfsgerechtigde geregulariseerd is

Stand in 1945: 375.000 Vreemdelingen, de Italiaanse migratie wordt daarna volop verder gezet, Polen  en andere nationaliteiten verlaten België, zodat het saldo 'slechts' 104.500 is. Vanaf 1960 de Spanjaarden en begin van de Marokkaanse en Turkse immigratie. Laagste migratie in de 80-tiger jaren, de migratiestop op z’n best, maar toch in 1991 zwarte zondag, duidelijk een ander agenda dat ook meespeelt, het onverwerkt Vlaamse verleden ent zich opnieuw in de Vlaamse gemeenschap. Hoe sterker het Vlaamse belang hoe groter het migratievolume en hoe kleiner de impact op de migratiedynamiek.
 

 

 
Slide 2
: 8 nationaliteiten tussen 1891 en 2008, de moeite om elk eens apart te volgen. Enkel het aantal vreemdelingen dat in elk jaar geteld wordt: vanaf 1982 niet meer relevant. Er wordt daarbij geen techniek ontwikkeld om een beeld te geven van de vreemdelingenevolutie; Dat is nu pas recent door ons op punt gesteld, ondermeer met het overzicht in vorige grafiek.

 
Slide 3: De zelfde 8 nationaliteiten en een aanduiding van de aanwezigheid van vreemdeling en Belggeworden vreemdelingen in België. Dit houdt geen rekening met natuurlijk saldo migratie van de nieuwe Belgen, maar geeft wel een goed beeld van de evolutie van de vreemdelingen op een tijdschaal.

 
Slide 4: De vreemdelingen en nieuwe Belgen + een aanvulling met nageslacht/overlijdens en eventuele emigratie van de nieuwe Belgen, inwoners van België met afkomst van een van de vermelde nationaliteiten. De overheid beschikt over de exacte aantallen voor alle natio,naliteiten vanaf 1991 maar zij publiceren ze niet. Enkel voor de Marokkanen in 2005 werden zowel de Marrokaanse vreemdelingen, de Belggeworden Marokkanen die nog in België verbleven alsmede het nageslacht van de Marokkaanse Belgen, zowel getrouwd met andere Marokkanen of andere nationaliteiten. Ons berekend aantal komt perfect overeen met het getelde aantal, cfr het zwarte streepje.
 



Slide 5: Ook de getelde totale aantallen van vreemde afkomst tussen 1991 en 2005 zijn gekend en gepubliceerd. Als we de officiële telling vergelijken met onze berekening die gebaseerd is de berekening voor de 194 nationaliteiten elk apart dan komt dit perfect overeen. Als we de evolutielijn doortrekken tot 1 januari 2010 komen we uit op 2,5 miljoen inwoners van vreemde afkomst in België, of een klein kwart van de Belgische Bevolking. Hiervan kunnen wij het berekend detail geven per nationaliteit en per gemeente.
 

 
Slide 6. Tegenover de Vlaamse migratie naar Wallonië in de 19de eeuw zetten we de migratie van de 6 grootste immigratielanden naar België uit in de 20ste en begin 21ste eeuw. In Arm Wallonië, de nu al legendarische reeks over de Arme Vlamingen in  de 19de en begin 20ste eeuw, spreekt men van 500.000 Vlamingen die definitief naar Wallonië zijn vetrokken en daar een nieuwe leven hebben opgebouwd, zonder rekening te houden met het nageslacht dat zij gekregen hebben. Guido Fonteyn heeft het over 1 miljoen immigranten in de 19de eeuw in het rijke Wallonië. Dat betreft een interne migratie binnen België. Daarmee vergeleken zijn de migratiebewegingen in België aanzienlijk. Italiaanse immigratie met hun kinderen en kleinkinderen en rekening houdend met emigratie van oudere Italianen vertegenwoordigen nog altijd de grootste groep 439.398 inwoners, voor de Marokkanen met 380.387. Enkele jaren geleden kwamen we tot de omgekeerde conclusie wanneer enkel rekening gehouden werd met de Belgwordingen vanaf 1980, nu vanaf 1945 en met een  methodologie die getoetst kon worden aan de globale telling. Turken komen op de derde plaats met 201.791 inwoners gevolgd door de Fransen en de Nederlanders die samen 328.929 inwoners en nazaten hebben in België.
 

 
Slide 7. Hier wordt de forse groei van de migratie duidelijk in z’n drie onderdelen: het aantal vreemdelingen, afgekalfd door de Belgwordingen in het begin van de jaren 00, is opnieuw stijgend, het aantal nieuwe Belgen zal daardoor ook in het huidige decennium sterker stijgen, en het aantal kinderen van nieuwe Belgen, geaccelereerd door gemengde huwelijken die de meerderheid uitmaken volgens Poulain, zal het aantal inwoners van vreemdelingen eerder exponentieel dan rekenkundig doen stijgen.


 
Slide 8. Maar alles dient in de juiste verhouding gesteld. Globaal is het gewicht van de immigratie in België nog beperkt, in de stedelijke omgevingen weliswaar is ze uitgesproken en determinerend.
 

 
Slide 9. Op de lange termijn gezien blijft het gecumuleerde volume toenemen, de Belgische bevolking zou groeien tot 12,6 miljoen inwoners, in 2008 staat de teller op  10,7 miljoen. Het natuurlijk saldo (verschil geboorten – overlijdens) zal in België pas in 2043 negatief worden, vooral dank zij het natuurlijk saldo in Brussel.
 

 
Slide 10. Tel daarbij het hoge migratiesaldo in Brussel en het is duidelijk dat Brussel niet alleen de economische en politiek motor is van België maar ook de demografische, zoals ook blijkt uit de verdeling van het migratiesaldo over de gewesten. Meteen is ook duidelijk dat de grote volume’s er nog staan aan te komen. Vanaf 2015 is er een afvlakking, als de evoluties lopen zoals geprojecteerd in dit schema.


 
Slide 11. Een blik op de cijferevolutie in Brussel loont de moeite. Op 13 jaar tijd, waarvan er al 3 voorbij zijn, worden meer dan 834.130 inwoners bijkomend ingeschreven, een goede 425.277 uitgeschreven zodat er een aangroei is van 408.853 inwoners, ware het niet dat in dezelfde periode er 229.762 inwoners verhuizen naar de andere 2 gewesten, zodat de bevolkingsaangroei in Brussel tegen einde van dit decennium ‘maar’ 170.091 bedraagt. Deze prognoses zijn intussen door de werkelijkheid allang ingehaald, en deze werkelijkheid heeft nood aan een nieuw soort vooruitziende, bekommerde en bijdehandse politici, die, geloof het of niet, eindelijk ook door de migratie zullen geleverd worden.
 

 
Slide 12.  Als even de focus gelegd wordt op de top van de grafiek met bevolkingsevolutie in het Vlaams gewest wordt  vooral het  negatief geboortesaldo duidelijk vanaf 2025, alsmede een stabiliserende en negatief migratiesaldo, beiden ruim gecompenseerd door een verhoogde interne immigratie vanuit het Brusselse gewest. Best dat vooral in Vlaanderen de ogen, de geest en vooral het hart open gehouden wordt.



Jan Hertogen, socioloog