BuG 53- Bericht uit het Gewisse 28/03/07  Printversie   Werkloosheidsdata met originele RVA-listings
Grafiek Vlaams gewest is nu aanwezig 

Moeilijk kiezen - Elke dag komen minstens enkele thema's in de aandacht die gediend zijn met een 'andere' kijk - Neem nu een willekeurige krant van 27/03: VB (nog maar eens) tegen vakbonden en de Fondsen voor Bestaanszekerheid; zien of Blanpain niet gaat tussenkomen. De fondsen voor de bouwnijverheid komen juist vandaag met hun onderzoek (HIVA, Jef Pacolet) over het zwartwerk in de bouw dat 30% werknemers aan reguliere tewerkstelling onttrekt - De dienstencheques voor schilders (en andere bouwactiviteiten) terug invoeren? Vrouwen verdienen 15% minder dan mannen maar in de Non-Profit-sector is er bijvoorbeeld een volledige gelijke betaling binnen elke functie; ongelijkheid komt enkel voor voorzover de vrouwen geen gelijke toegang hebben tot elke functie, maar dat is een ander probleem - Na de allochtonen nu ook het 'begrip' gedumpt, juist nu we er een nieuwe definitie aan gegeven hadden. Nieuwe Vlaming OK, maar wat met de vreemdelingen? Ethnisch-culturele minderheden, maar wat als die, zoals in Brussel, de meerderheid vormen? Dus 'allochtoon' terug brengen tor haar statistische kern = alle inwoners van vreemde afkomst en hun kinderen. Dienstencheques als verzoening tussen profit en Non-Profit - "Of is deze paringsdans van de profit met de non-profit minder vruchtbaar dan het mij voorkomt", zo vraagt Margot Vanderstraeten zich in een opinie in De Morgen zich af. En de 700 jobs bij Gezinshulp die openstaan, zowel voor gezinszorg als dienstenchequeswerk, de communicerende vaten. Maar met de werkloosheid is het altijd wat, zeker bij die Walen. Eens zien wat daar van aan is.

Wallonië doet  (slechts) 1/4 méér beroep op werkloosheid dan Vlaanderen
     
Wallonië telt in België 37% van de werklozen voor een bevolkingsaandeel van 32%
In Brussel is het aandeel in de werkloosheid en in de bevolking gelijk aan 10%
Sinds 2001 steeg het brugpensioen bij vrouwen met meer dan 66%
Werkloosheid bij 50-plussers is al 6 jaar het hoogst  in het Vlaamse gewest
% werkloosheid laatste 4 jaar stabiel door verdwijning oorlogsgeneratie uit de statistiek
De 0-hypohese: wat als alle werklozen van 2001 in 2006 nog geen werk hadden - de 0-grafiek
Spectaculaire daling van vrouwelijke werkloosheid tussen 25 en 40 jaar: de dienstenchequespiek?

Voor het zesde jaar op rij heeft de RVA voor 2006 per leeftijdsjaar, werkloosheidsstatuut, geslacht, gewest en economische sector listings ter beschikking gesteld. Deze cijferreeksen laten toe een gedifferentieerd beeld te geven van de werkloosheid en haar evolutie in de diverse statuten per leeftijdsjaar. De originele RVA-bestanden en andere tabellen kunnen langs het werkloosheidsportaal gedownload worden.

Vooraf 2 technische opmerkingen:

1. Er wordt in de tabellen en grafieken onderscheid gemaakt tussen de volledige werkloosheid, gedeeltelijke werkloosheid en tijdelijke werkloosheid, met binnen elke groep de verdere opdelingen naar werkloosheidsstatuut. Bij deeltijdse werklozen gaat het om werkenden die nog gedeeltelijk werkloosheidsuitkeringen krijgen. Daarnaast bestaat er nog de '"tijdelijke werkloosheid" die voltijds en deeltijds werkenden kan omvatten maar waarvan iedereen nog door een arbeidscontract is verbonden. Zij worden altijd apart weergegeven.

2. Werkloosheidspercentages in deze nota worden berekend als % van de bevolking van 15-64 jaar, dit in tegenstelling tot het gangbare gebruik, nl. als % van de beroepsbevolking. Doordat we beschikken over de werkloosheidsaantallen per leeftijdsjaar kan dus voor elke leeftijd tussen 15-en 64 jaar berekend worden wat het werkloosheidspercentage is binnen elke leeftijdsjaar. Door deze berekeningswijze kan exact het verlies berekend worden dat de werkloosheid veroorzaakt aan de werkzaamheidsgraad.  

      

    
Deze percentages maken daarbij ook onmiddellijk visueel duidelijk maken welk volume van de bevolking zich in de diverse statuten in de werkloosheid bevindt en wat hun potentieel is voor de verhoging van de werkzaamheidsgraad. Het plaatje wordt helemaal rond als ook nog de tewerkstellingscijfers worden toegevoegd. Maar dat is voor een volgende BuG.
 
Het Waals gewest maakt een kwart méér gebruik van de werkloosheidsreglementering dan Vlaanderen.
 
In Het Vlaamse gewest leeft 14,8% op een of andere manier van een 'werkloosheidsuitkering', in het Waalse gewest is dat 18,8% en in Brussel 17,0% van de referentiebevolking tussen 15 en 64 jaar. Dat is aanzienlijk lager dan 'het dubbele' zoals meestal wordt gesteld, omdat voor de gewestelijke vergelijking al te gemakkelijk gefocust wordt op de Uitkeringsgerechtigde Volledige Werklozen die in Wallonië dubbel zo sterk aanwezig zijn en in Brussel zelfs 2,5 maal zo veel als in het Vlaamse gewest.  Brugpensioen, Loopbaanonderbreking en Tijdskrediet wordt evenwel in Vlaanderen 50% meer gebruik gemaakt dan in Wallonië en dubbel zoveel dan in Brussel. 
  

Werkloosheid 2006 naar statuut en gewest, in aantallen en % - Bron RVA

 

 

Aantallen

 

 

        Percentage op bevolking

Gegevens 2006 - RVA

Vlaams

Waals

Brussels

Totaal

Vlaams

Waals

Brussels

Totaal

Werkzoekende UVWerklozen

160.482

208.436

70.439

439.357

4,0%

9,3%

10,4%

6,3%

Andere niet-werkzoekenden

22.048

20.124

3.988

46.160

0,5%

0,9%

0,6%

0,7%

Oudere werklozen (oud statuut)

64.744

37.533

11.446

113.723

1,6%

1,7%

1,7%

1,6%

Volledig Brugpensioen

76.002

31.326

4.488

111.816

1,9%

1,4%

0,7%

1,6%

Volledige Loopbaanonderbreking

10.382

3.961

996

15.339

0,3%

0,2%

0,1%

0,2%

Volledig tijdskrediet

7.768

2.920

1.044

11.732

0,2%

0,1%

0,2%

0,2%

Deeltijds Werkend

38.656

27.815

9.321

75.792

1,0%

1,2%

1,4%

1,1%

Deeltijds Loopbaanonderbreking

60.845

26.171

3.626

90.642

1,5%

1,2%

0,5%

1,3%

Deeltijds tijdskrediet

68.048

21.558

4.484

94.090

1,7%

1,0%

0,7%

1,4%

Halftijds Brugpensioen

491

229

29

749

0,01%

0,01%

0,00%

0,01%

Tijdelijk werkloos

83.654

41.102

4.854

129.610

2,1%

1,8%

0,7%

1,9%

Totaal werkloos

593.120

421.175

114.715

1.129.010

14,8%

18,8%

17,0%

16,3%

Bevolking 15-64 jaar

4.009.071

2.245.966

674.197

6.929.234

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

 
Het Waalse gewest heeft (maar) 1/6 méér werklozen dan hun aandeel in de bevolking.
 
Het Waalse gewest telt 37% van alle werklozen tegenover een bevolkingsaandeel van 32%.
In Brussel ligt het aandeel werklozen en in de bevolking gelijk op 10%. Dat zijn de feiten. Bij opsplitsing van het aantal werklozen per gewest naar + of - 50 jarigen wordt duidelijk dat in het Vlaamse gewest vooral de eindeloopbaanregelingen sterker worden aangewend, nl. 61% van alle 50-plussers die gebruik maken van de werkloosheidsreglementeringen wonen in het Vlaamse gewest (Brugpensioen, Loopbaanonderbreking, Tijdskrediet, Oudere werkloze of als UVW). Bij de -50 jarigen is er met 41% een relatief hogere aanwezigheid van werklozen in Wallonië, waar 32% van de Belgische bevolking woont. Brussel telt 12% werklozen bij de -50 jaar tegenover 10% van de bevolking van 15-64 jaar. Maar in beide gewesten is dat vooral een zaak van jeugdwerkloosheid zoals verder zal blijken. Doordat Brussel een 'jonge' stad is met relatief weinig oudere werknemers is evenwel het beroep op de werkloosheidsreglementering 10% hetgeen volledig in evenwicht is met haar bevolkingsaandeel.     
  
   

Aantal en % werklozen bij -50 en +50 jarigen - 2006 - RVA

 

Leeftijdsgroep

15-49jr

50-64jr

Totaal werklozen

Bevolking 15-64 jaar

1. Aantallen

 

 

 

 

 

Vlaams

312.396

281.424

593.820

4.009.071

 

Waals

275.339

146.552

421.891

2.245.966

 

Brussels

79.561

35.221

114.782

674.197

 

Totaal

667.296

463.197

1.130.493

6.929.234

2. Percentages

 

 

 

 

 

Vlaams

47%

61%

53%

58%

 

Waals

41%

32%

37%

32%

 

Brussels

12%

8%

10%

10%

 

Totaal

100%

100%

100%

100%

   
De hoorn van Vlaanderen (voor 50-plussers) en de kameel van Wallonië
  
Grafieken krijgen soms iets kunstzinnigs en symbolisch maar in onderstaande drie gedetailleerde grafieken geven zij tevens een beeld van de werkelijkheid in % op de bevolking. Zij geven dus exact weer wat de werkzaamheidsgraad aan de werkloosheid verliest. Het naast elkaar plaatsen van de drie gewesten geeft stof tot enige meditatie. De tabellen die de basis vormen voor de grafische voorstelling zijn op de npdata site te downloaden. Elkeen die wil kan ze dus reproduceren en verder analyseren.
   


 

De 'hoorn van Vlaanderen' zit vanaf 50 jaar diep verankerd. Een extreem laag cijfer van Uitkeringsgerechtigde Volledig Werklozen (gemiddeld 4%) gaat samen een zeer hoog gebruik van alle werkloosheidsregelingen om vervroegd uit te treden. Ook de erg lage jeugdwerkloosheid valt op, hetgeen de toekomst rozig doet kleuren, gezien deze generaties meer dan in de andere gewesten, werkervaring hebben opgedaan. De tijdelijke werkloosheid ligt als een (zware) deken van 2,1% over de gehele arbeidsloopbaan van de Vlaamse bevolking uitgespreid. De deeltijdse loopbaanonderbreking en tijdskrediet hebben een erg groot volume en laten zien dat hiermee in feite een groot aantal mensen 'aan het werk' gehouden wordt, die anders allicht in de werkloosheid zouden verzeilen. De eigen Vlaamse premies voor profit en Non-Profitsector vervullen hier allicht, in tegenstelling tot Wallonië en Brussel, een sleutelrol. Een vergelijking met de andere gewesten kan deze Vlaamse gegevens extra in profiel zetten.

 
 
 

De jeugdwerkloosheid piekt in Wallonië tot 17% op 25 jaar. Vooralsnog wordt deze geabsorbeerd tot 10% vanaf 33 jaar. Zoals voor het Vlaams gewest wordt op deze grafiek duidelijk dat vanaf 50 jaar de Ouder werkloosheid (oud stelsel), Brugpensioen en 'gewone' UVW werkloosheid onderling verwisselbaar zijn en vooralsnog geen remmende werking uitoefenen. De grafiek van Wallonië illustreert ook zeer goed of nu de eerste kamelenbult van de jongerenwerkloosheid, dan wel de ouderenbult dient aangepakt? In het Vlaams gewest is deze keuze in feite niet aan de orde.

 

De toestand in het Brusselse gewest is gelijklopend met Wallonië wat de piek van de jeugdwerkloosheid betreft.  Deze wordt echter minder sterk geabsorbeerd vanaf 30 jaar. De werkloosheid blijft hangen op 12%, hetgeen drie keer zo hoog is als in Vlaanderen. In Brussel wordt evenwel veel minder gebruik gemaakt van van de eindeloopbaanregelingen, en deeltijdse loopbaanonderbreking/tijdskrediet wordt heel weinig aangewend tussen 25 en 40 jaar. Het deeltijds werkend-statuut is in Brussel met 1,4% van de bevolking relatief het sterkst aanwezig van de drie gewesten, tijdelijke werkloosheid met 0,7% het minst, nl drie keer minder dan in het Vlaams gewest en de helft van Brussel.
  
Evolutie werkloosheid 2001-2006: de vrouwen komen eraan in Brugpensioen en Eindeloopbaan
  
Een uitgebreid detail voor België met de evolutie van elk werkloosheidsstatuut tussen 2001 en 2006 wordt hieronder als bijlage toegevoegd. Op de npdatasite worden alle tabellen gepubliceerd met detail per gewest en geslacht.
  
De vrouwen zijn later toegetreden tot de arbeidsmarkt. Sinds 2001 zijn ze evenwel jaar op jaar meer en meer terug te vinden in het Brugpensioen en de oudere werklozen. Op het ogenblik dat zij, evenals de mannen de vijftien voorgaande jaren, een vervroegde arbeidsuittrede overwegen zien zij zich geplaatst voor generatiepact en de al of niet vermeende eisen van de werkzaamheidsgraad. Zij laten zich daar evenwel niet door tegenhouden: met 21.747 volledige vrouwelijke bruggepensioneerden is hun aantal met 66% gestegen in vergelijking met 2001. Bij de mannen daarentegen is het aantal Bruggepensioneerden op vijf jaar tijd met 4% gedaald tot 90.824.

 

   
  

Evolutie eindeloopbaanregelingen 50 + tussen 2001 en 2006 naar geslacht en regeling

 

 

 

2001

2006

Evolutie

%

0.

Algemeen totaal (mannen+vrouwen)

 

 

 

 

 

1.

Werklozen (Oudere + UVW)

174.994

203.908

28.914

17%

 

2.

Volledig Brugpensioen

103.931

115.987

12.056

12%

 

3.

Volledige loopbaanonderbreking + Tijdskrediet

3.891

6.438

2.547

65%

 

Totaal

286.232

322.917

36.685

13%

1.

Mannen

 

 

 

 

 

1.

Werklozen (Oudere + UVW)

97.380

104.658

7.278

7%

 

2.

Volledig Brugpensioen

94.240

90.824

-3.416

-4%

 

3.

Volledige loopbaanonderbreking + Tijdskrediet

1.251

3.286

2.035

163%

 

Totaal

192.871

198.768

5.897

3%

2.

Vrouwen

 

 

 

 

 

1.

Werklozen (Oudere + UVW)

77.614

99.250

21.636

28%

 

2.

Volledig Brugpensioen

13.107

21.747

8.640

66%

 

3.

Volledige loopbaanonderbreking + Tijdskrediet

2.640

3.152

512

19%

 

Totaal

93.361

124.149

30.788

33%

         
Ook bij de oudere werklozen is er een opmerkelijke stijging met 28% bij de vrouwen tot 99.250 oudere werklozen (oud statuut + de  uitkeringsgerechtigde volledig werklozen). Volledige loopbaanonderbreking en Tijdskrediet zijn zowel bij mannen als vrouwen niet populair in tegenstelling tot de deeltijdse LBO en tijdskrediet.
  
Werkloosheid bij 50-plussers al 6 jaar het hoogst  in het Vlaamse gewest
 
Zoals voor 2006 reeds vastgesteld, is Vlaanderen de grootgebruiker van de eindeloopbaanregelingen en dit al minstens voor de zes afgelopen jaren. Bij de 50-plussers is er een stijging geweest van 21,5% werklozen in 2001 tot 24,2% in 2006. Bij de -50 jarigen is er voor België een lichte stijging van de werkloosheid van 13,1% tot 13,5% van de overeenstemmende bevolking, voortkomend uit een relatief beperkte stijging van 16,2% naar 17,2% in Wallonië en van 13,4% naar 15,6% in het Brussels gewest, die het meeste zorgen mag baren. 
    

Evolutie werkloosheid bij + en - 50 jarigen naar gewest 2001- 2006, in % bevolking  - RVA en NIS

Werkloosheid +50 jarigen

2001

2002

2003

2004

2005

2006

Vlaams

21,5%

22,4%

23,3%

23,8%

23,7%

24,2%

Waals

19,6%

20,3%

21,2%

22,5%

22,1%

22,7%

Brussels

19,4%

19,1%

20,8%

21,1%

21,0%

21,5%

Totaal

20,8%

21,4%

22,4%

23,2%

23,0%

23,5%

 

 

 

 

 

 

 

Werkloosheid - 50-jarigen

2005

2005

2005

2005

2005

2005

Vlaams

11,2%

11,4%

11,4%

11,0%

10,9%

11,0%

Waals

16,2%

16,7%

16,9%

17,0%

17,2%

17,2%

Brussels

13,4%

13,1%

15,2%

15,2%

15,3%

15,6%

Totaal

13,1%

13,3%

13,6%

13,4%

13,4%

13,5%

 

 

 

 

 

 

 

Totale werkloosheid

2005

2005

2005

2005

2005

2005

Vlaams

14,0%

14,3%

14,6%

14,5%

14,5%

14,8%

Waals

17,1%

17,6%

18,1%

18,5%

18,6%

18,8%

Brussels

14,8%

14,5%

16,5%

16,6%

16,6%

17,0%

Totaal

15,1%

15,4%

15,9%

16,0%

16,0%

16,3%

  
Gezien de absolute stijging van de werkloosheid mag het verwondering wekken dat het werkloosheids% de laatste 4 jaar (sinds 2003) stabiel gebleven is. Om dit te begrijpen moet iets over de 'oorlogsgeboorten' gezegd worden.

 
De "oorlogsgeboorten' zijn in 2006 volledig vervangen door de 15-21 jarigen
 
Een belangrijk gegeven voor de (berekening van de) werkloosheids- en werkzaamheidsgraad is het verdwijnen van de oorlogsgeboorten uit de actieve bevolking in 2006 (59-64 jarigen van 2001 zijn in 2006 65+ geworden). Zij worden in de generaties vervangen door een talrijker groep 9-14 jarigen die in 2006 15+ geworden zijn. Gezien de 'bevolkingsnoemer' verhoogt daalt bv. de negatieve impact van de werkloosheid op de werkzaamheidsgraad die dus omwille van deze demografische factor licht zal stijgen.
  

  
Dit 'simpele' demografische feit brengt mee dat ondanks de absolute stijging van de werkloosheid de laatste 4 jaar dit  procentueel gelijk gebleven is doordat de noemer verhoogd is. Dit lagere geboorteneffect zal nog een drietal jaren duren (tot 2009) waarna de volle impact van de geboorteboom na de 2de wereldoorlog zal beginnen spelen.
 
De 0-hypothes van de werkloosheid: wat als de werklozen van 2001 na 5 jaar nog werkloos zijn
  
Als de werkloosheidsgrafiek per leeftijdsjaar van 2001 naar 2006 zou doorgeschoven worden, dwz als de werkloosheid van die groep identiek zou gebleven zijn na 5 jaar, dan zouden de beide grafische lijnen (2001+5jaar) en de grafiek 2006 volledig samenvallen. Doordat er vanaf de leeftijd van 15 jaar elk jaar nieuwe werklozen bijkomen zouden zij wel zichtbaar worden op zulk een grafiek.
  
T.a.v. deze 0-hypothese, dwz werkloosheidssituatie van 2001 5 jaar doorgeschoven, kan de effectieve toestand in 2006 grafisch uitgezet worden. Als de werkloosheid in 2006 uitkomt boven de lijn van 2001+5jr dan is de werkloosheid toegenomen, zakt ze onder deze lijn dan is ze afgenomen. Langs de 20 tot 25 jarigen worden deze 'nieuwe' input in de werkloosheid 2006 duidelijk. Deze benadering  illustreren we langs de UVW-werkloosheid voor mannen en vrouwen in België per leeftijdsjaar:
   


  

Voor de Uitkeringsgerechtigde werkloosheid van de mannen was de toestand de laatste vijf jaar enigszins dramatisch - de lichtblauwe lijn van 2006 ligt continue boven de doorgeschoven werkloosheid van 2001: enkel in de leeftijdsgroep 30-35 jaar is er een stabilisatie op het niveau van 2001, voor alle andere leeftijden is er evenwel een stijgende werkloosheid, met een absolute piek op 25 jaar en ook op 55 jaar.

   

  
Het verschil tussen de 'doorgeschoven' (2001+ 5 jaar) en de feitelijke werkloosheid in 2006 bij de vrouwelijke UVW's in België in 2006 laat een fikse daling zien tussen 25 en 45 jaar. Kan deze daling mede verklaard worden door de Dienstencheques waarbij vooral de georganiseerde huishoud-VZW's de betoelaging van de profit afvangen en de tewerkstelling invullen met door hen opgeleide werklozen? 
 
Proef op de som : Analyse UVW-vrouwen in het Vlaamse en Waalse gewest.
 
Als de dienstencheques het gat in de vrouwelijke werkloosheid van 25 tot 45 jaar geslagen hebben moet het 'a foriori' opgaan voor Vlaanderen omdat daar 70% van de dienstencheques gebruikt worden.
 




 

De 'werkloosheids(terug)val' van vrouwen tussen 25 en 45 jaar met 1.500 eenheden op 35 jaar bv komen er 1.000 uit het Waalse gewest en 500 uit het Vlaamse. Dienstencheques zullen allicht meespelen in de verminderde werkloosheid maar niet voor het grote aandeel. Is de Non-Profitsector dan de tewerkstellingsuitweg, of de diensten aan de ondernemingen?  Wel is in Vlaanderen duidelijk, in tegenstelling tot het Waalse gewest, dat de vrouwen na de leeftijd van 50 jaar pieken in de UVW-werkloosheid, dat sinds enkele jaren ook het statuut Oudere werklozen vervangt.
 
Grafieken met 0-hypothese per statuut, geslacht, gewest op vraag.
 
Van elk werkloosheidsstatuut kan naar naar geslacht en gewest zowel de gewone statische grafiek als de dynamische grafiek met de 0-hypothese opgemaakt worden. Dit leidt tot een veelheid van grafieken die desgevallend op vraag van geïnteresseerden kunnen aangemaakt worden. Hiermee is ook een methode ontwikkleld om vanuit een historische perspectief de huidige en komende werkloosheidswerkelijkheden op te volgen en ondermeer af te meten aan de werkzaamheidsgraad waavoor zij een potentieel en een complement vormen. % werkloosheid en % werkzaamheidsgraad hebben dezelfde noemer zodat ze in deze opmaak perfect vergelijkbaar zijn.
 
Jan Hertogen
, socioloog

_____________________________________________________
 
Tabellen en grafieken Dataprotaal werkloosheid
 

Evolutie werkloosheid België alle statuten 2001 - 2006 - Bron RVA

België - Totaal

2001

2002

2003

2004

2005

2006

1. Volledig werklozen

 

 

 

 

 

 

 

1.

Volledig werklozen -50 jaar

 

 

 

 

 

 

 

 

1.

Uitkeringsgerechtigde Volledig Werkzoekenden

335.027

365.410

390.965

392.597

374.414

349.441

 

 

2.

Werkloze niet-werkzoekenden

47.064

48.062

48.038

34.645

39.976

44.559

 

 

3.

Volledige Loopbaanonderbreking + Tijdskrediet

25.646

22.701

19.127

21.217

20.780

20.635

 

 

Totaal volledig werklozen -50 jaar

407.737

436.173

458.130

448.459

435.170

414.635

 

2.

Volledig werklozen +50 jaar

 

 

 

 

 

 

 

 

1.

Uitkeringsgerechtigde Volledig Werkzoekenden

24.790

30.825

46.380

62.795

78.381

89.924

 

 

2.

Werkloze niet-werkzoekenden (Oudere werklozen)

150.204

150.652

142.921

131.378

120.097

113.984

 

 

3.

Andere niet-werkzoekenden

804

1.214

2.156

1.034

1.260

1.601

 

 

4.

Volledige Loopbaanonderbreking + Tijdskrediet

3.891

4.176

4.575

6.474

7.022

6.438

 

 

5.

Volledig Brugpensioen

107.347

105.575

109.135

109.121

108.641

112.571

 

 

Totaal volledig werklozen + 50 jaar

287.036

292.442

305.167

310.802

315.401

324.518

 

Totaal volledig werklozen

694.773

728.615

763.297

759.261

750.571

739.153

2.

Deeltijds werklozen

 

 

 

 

 

 

 

1.

Deeltijds werklozen -50 jaar

 

 

 

 

 

 

 

 

1.

Deeltijds Werkende Werkzoekenden

48.200

42.876

49.060

48.780

51.085

53.364

 

 

2.

Deeltijds Loopbaanonderbreking/Tijdskrediet

51.410

62.367

72.968

79.651

85.557

90.219

 

 

Totaal volledig werklozen -50 jaar

99.610

105.243

122.028

128.431

136.642

143.583

 

2.

Deeltijds werklozen +50 jaar

 

 

 

 

 

 

 

 

1.

Deeltijds Werkende Werkzoekenden

15.476

15.157

18.107

18.717

20.152

22.439

 

 

2.

Deeltijds Loopbaanonderbreking/Tijdskrediet

35.377

49.348

61.739

73.535

84.407

94.534

 

 

3.

Deeltijds Brugpensioen

900

1.162

974

864

743

746

 

 

Totaal volledig werklozen + 50 jaar

51.753

65.667

80.820

93.116

105.302

117.719

 

Totaal gedeeltelijk werklozen

151.363

170.910

202.848

221.547

241.944

261.302

3.

Tijdelijk werklozen

 

 

 

 

 

 

 

1.

Tijdelijk werklozen -50 jaar

144.675

121.702

97.824

90.219

93.056

108.655

 

2.

Tijdelijk werklozen +50 jaar

22.275

19.969

16.853

15.844

17.525

20.960

 

Totaal tijdelijk werklozen

166.950

141.671

114.677

106.063

110.581

129.615

4.

Algemene totalen

 

 

 

 

 

 

 

1.

Werkloosheid -50 jaar

652.022

663.118

677.982

667.109

664.868

666.873

 

2.

Werkloosheid +50 jaar

361.064

378.078

402.840

419.762

438.228

463.197

Algemeen totaal

1.013.086

1.041.196

1.080.822

1.086.871

1.103.096

1.130.070