BuG 166 Ė Bericht uit het Gewisse Ė  26 juli 2012 - Printversie (6 p)
 
'Passieve' en 'actieve' migratie: een kaakslag voor migranten
Niet migratiebeleid maar N-VA barometer faalt in registratie migratie

Voor bespreking N-VA-brochure migratie en asiel, zie
BuG 165
 

Migratiebarometer Antwerpen - Perspresentatie
Migratiebarometer Antwerpen - Commentaar.

Begeleidende documenten:
CGKR Jaarverslag migratie - 2011
OESO: Migration Outlook - 2012 
 

BuG 166 on-line  Printversie (6 p)
N-VA cijfers brochure: BuG 165


Vooraf:
Bij onze zoektocht naar de N-VA barometer zijn we uitgekomen op de N-VA migratiebrochure, en er bij blijven stilstaan, en maar goed ook, want anders hadden we niet veel opgestoken over de 'migratievisie' van N-VA. De 2 nieuwe documenten zijn daarbij ook verwarrend, alsof het enkel over Antwerpen gaat wordt de eerste helft van de presentatie gewijd aan het federale perspectief (ten onrechte aangeduid als "Brussel") en pas in het 2de deel wordt Antwerpen onder de loupe genomen. Hiermee is duidelijk dat de 'nationale campagne ' migratiebarometer, Antwerpen als belangrijkste doel heeft, dat wordt zelfs in de titels niet meer verhuld. Onze vaststelling dat over Antwerpen niets gezegd werd in de algemene migratiebrochure was dus voorbarig. In feite gaat het alleen om Antwerpen.

Er zijn 2 documenten: een dia-presentatie met tabellen, en een 2de met commentaar op deze dia's. Voor deze bespreking zijn we enkel uitgegaan van de cijferpresentatie in de dias met enkele beschouwingen van npdata. Wie wil volgen en confronteren moet minstens de perspresentatie openen en voor de N-VA commentaar, ook hun commentaar-brochure.

Het gaat hierbij om eerste reflexies die we de N-VA, zeker na de analyse van hun migratie- en asielbrochure in BuG 165, niet willen onthouden.

Geen loop van de bevolking of nieuwe elementen in de migratiebarometer N-VA

In BuG 165 werd voortgegaan op de uitgebreide migratiebrochure van N-VA en een algemene analyse gemaakt van de enkele migratiecijfers die gebruikt werden. In de migratiebarometer worden spijtig genoeg geen cijfers gegevens over de loop van de vreemdelingen- en asielbevolking in BelgiŽ, zelfs niet over 2007. De verve waarmee Liťgeois wordt opgevoerd met paginagrote foto in de migratiebarometer geeft aan dat het antwoord van de CIRE en vooral ook de verspreiding ervan door de voorzitter van de Arbeidsrechtbank in Brussel essentieel is. Met de loop van de bevolking 1989-2009, inbegrepen de dynamiek van de asielvraag en uitstroom, heeft npdata haar migratiethermometer op punt gesteld en gepubliceerd in BuG 165. Het kan N-VA hopelijk aanzetten om het algemene kader niet uit het oog te verliezen en ook inspanningen te leveren om het totaalbeeld actueel te houden.

De migratiebarometer van N-VA gaat dieper in op een aantal aan migratie gebonden aspecten die we hier kort overlopen en becommentariŽren.
 
1. Te veel passieve en te weinig actieve migratie in BelgiŽ

Op de burgerlijke stand van de gemeente van  inschrijving wordt het migratiekanaal genoteerd voor de eerste verblijfstitel, nl Gezinshereniging (41,4%), erkende vluchtelingen (3,7%) en regularisaties (17,7%) worden door N-VA als passieve kanalen beschouwd, arbeids- (6,1%) en studentenmigratie (8,4%) als actieve kanalen en dit op een totaal aantal van 67.653 "derde landers". De EU vreemdelingen zijn in vergelijking hiermee hoger in aantal maar daar worden geen gegevens over gepubliceerd.  Enkel voor "derde landers", dwz vreemdelingen van buiten de Europese Unie, worden deze gegevens door Eurostat verwerkt. N-VA geeft ook niet aan dat het enkel de "derde landers" betreft, wel dat de asielvragers en illegalen niet in deze statistiek begrepen zijn.

De N-VA- droom: "passieve" migranten weren en "actieve" maar selectief toelaten
 
Migratie duidt op beweging, verplaatsing, op activiteit, spreken over passieve en actieve migratie heeft dan ook geen zin, is verhullend, evenzeer als het spreken over de 'snel Belg' wet verhullend is. Men kan de motieven onder ogen nemen van migranten om zich naar een ander land te verplaatsen en eventueel spreken over op "passiviteit" of over op "activiteit" gerichte migranten. De "passieve migranten" zouden dan slaan op huwelijkskandidaten, huisvrouwen, mannen die bestaans- of sociale zekerheid zoeken zonder te werken of gewerkt te hebben. "Actieve migranten" zou dan slaan op migranten die willen studeren of werken, niet zomaar gelijk welk werk, maar werk waarvoor een zekere scholing als voorwaarde dient gesteld. Canada is dan het voorbeeld.

Onderliggend speelt de redenering of wens dat het 'ontvangende land' het recht heeft of moet krijgen 'passieve' migranten te weren en zelf de criteria te bepalen wie als 'actieve' migranten kan beschouwd worden. Deze denkwijze, laat staan werkwijze, staat in fundamentele tegenspraak met het vrije verkeer van goederen, diensten, ťn mensen, alleszins binnen de Europese Unie, en met de rechten van de mens die elke mens op aarde het recht geeft om zijn levenssituatie te verbeteren. Het opdelen van mensen naar hun 'motieven' zoals meegedeeld aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente van aankomst is op geen enkel punt te verantwoorden.

Het verhullende en op exclusie gerichte taalgebruik "passieve" en "actieve" migratie is daarbij fundamenteel denigrerend en stigmatiserend voor de honderdduizenden en hun nageslacht die langs legale migratie hun plaats in de Belgische samenleving hebben verworven.

"Actief" en "passief" om uit te sluiten en te stigmatiseren

"Actieve" en "passieve" migratie is een uitvindsel van de N-VA, voortgaande op het statistische materiaal zoals verwerkt door het CGKR op basis van Eurostatmateriaal dat zich hiervoor baseert op het antwoord/document van de pas aangekomen migrant buiten de Europese Unie (derde landers) waarom hij migreert. Slechts ťťn antwoord is mogelijk en als iemand antwoord/documenteert: om familiale redenen en om te werken en eventueel te studeren, dan wordt gevraagd welke de hoofdreden is, en het is die reden die voor verdere verwerking wordt meegenomen. Noch Eurostat, noch het CGKR gebruiken evenwel de noties "passief" of "actief" die door N-VA op de motieven/kanalen wordt geplakt om uit te sluiten en te stigmatiseren.

Eerste verblijfstitels voor 'derde landers'

Statistiek, jaarverslagen, Eurostat en DVZ worden wapens tegen de mensen en hun recht op mobiliteit. 75,1% van de 10.064 naar BelgiŽ immigrerende Marokkanen in 2010 verklaarden op de gemeente van inschrijving dat het om familiale redenen ging. Dat was ook zo voor 62,3% van de 3.785 Turken. Turkse en Marokkaanse vreemdelingen vormden samen 13.849 van de 67.653 inkomende 'derde landers', dwz vreemdelingen van buiten de EU. De EU-27 moeten de reden van hun verblijf wel opgegeven maar het wordt door Eurostat/DVZ spijtig genoeg niet verwerkt.

Wat moet er dan met deze 75% Marokkaanse vreemdelingen gebeuren, maar buiten houden zeker, enkel gekwalificeerden toelaten. Het uitlokken van de vraag en het activeren van het nadenken daarover is op zich al pervers in de mate het hier een fundamenteel mensenrecht betreft op familiehereniging en vrije keuze van partner.

Tendentieuze commentaar van N-VA op statistiek eerste verblijfstitels

De 12 nieuwe EU-landen hebben  een veel lager % familiehereniging. Het is dan ook onfair om BelgiŽ met 42,5% familiale redenen met het Europese gemiddelde te vergelijken (29,5%) en niet met Duitsland (44,5%), Frankrijk (42,3%) en Nederland (39,6%). Ook wat 'humanitaire redenen' betreft verengt men dit tot de regularisaties, die in 2010, zoals blijkt een volledig atypisch jaar waren. De eerste verblijfstitel werd in 2010 in 21,5% van de gevallen toegekend aan mensen die al in BelgiŽ verbleven en niet mochten werken nl regularisatie, erkenning vluchteling/subsidiaire redenen, in Nederland was dit 15,9%, maar het Europees gemiddelde was 2,3%, kijk eens aan. En ook deze groepen migranten worden zonder schroom allemaal onder 'passieve' migratie geschoven, dwz beschouwd als 'passieve migranten', want dat bedoelt men, maar passieve migratie klinkt beter en men ziet er geen mensen achter. Die 21,5% die al in BelgiŽ verbleven mochten dus niet werken en konden dus uiteraard geen arbeidskaart voorleggen, ze worden wel als 'passieve migratie' beschouwd. Die nuance is bij N-VA volledig zoek.

Categorie "andere" gestegen van 1% in 2009 tot 21,8% in 2010

En men vergeet daarbij te melden dat door een veranderde methode van opname van het motief op de burgerlijke stand in vergelijking met 2009, er nu 21,8% in de categorie "andere" zitten, het hoogste van Europa, tegenover 1% in 2009. Als er dan weinig 'werkend' uit de bus komt heeft dat ook al met de extreem hoge categorie "andere" te maken.

2. Enkel in BelgiŽ migratiesaldo, asielvraag, reguralisaties, Belgwording zo hoog.

BelgiŽ scoort wat deze factoren betreft hoog in de Eurostatvergelijking (zie voor het detail in cijfers en % de npdata tabel Vreemdelingen en asiel in Europa en commentaar in BuG 148 . De vraag kan met recht en reden gesteld waarom deze 'scores' in andere landen zo laag liggen? En of de wereld er niet beter (en BelgiŽ op termijn) van zou worden als dit ook mainstream in Europa zou zijn. Met welk moreel recht wordt een Eurostat-statistiek als referentie en het algemeen gemiddelde als heilige koe of gouden kalf uitgeroepen. En bestaat een 'barometer' niet op zich, en wanneer staat hij op "rood" voor BelgiŽ, enkel in vergelijking met andere landen?

Hier speelt niet de N-VA migratiebarometer, maar de Euro-barometer, of de CGKR- of DVZ-barometer. Het is de verdienste van de N-VA om, zonder evenwel het algemene kader op te bouwen en in te vullen toch de Eurostat en CGKR-gegevens onder de aandacht te brengen. Dat zij hiermee een politieke boodschap verkopen, aan politiek opbod doen, en verkiezingen willen winnen op alle niveaus is hun goed recht. De totale afwezigheid van universitair valabel onderzoek en proffen die nog met 'iets' bezig zijn maakt evenwel te gemakkelijk de weg voor zulk een politieke discours en bijhorende exclusies vrij.

Asiel: BelgiŽ exemplarisch?

Wat asiel betreft zijn vooral Nederland en Duitsland sinds 5 jaar erg problematisch en de OESO kon haar appreciatie voor de Belgische nationaliteitswetgeving niet op, en ook de migratie was voor de OESO in BelgiŽ een verzekering voor de toekomst.

En wat met vervanging ambtenaren en de nieuwe migratievloedgolven?

En wie gaat er alle ambtenaren die de komende 10 jaar met pensioen gaan vervangen als men rantsoeneert op de Belgische nationaliteit, het gaat dan vooral om brandweer, bewakers van gevangenissen, chauffeurs van de vervoerdiensten en niet in het minst om politieagenten, om van de zorg- en welzijnssectoren maar te zwijgen. Het doorzetten van het N-VA migratiebeleid zou wel eens het begin van de landelijke of Vlaamse armoede kunnen inluiden. En wat met al die Grieken, Spanjaarden en Italianen die BelgiŽ de komende jaren zullen overspoelen, hooggekwalificeerd en misschien ongewenst.

Regularisaties: Nederland niet zo veel minder dan BelgiŽ

Voor wat regularisaties betreft werden (gelukkig) enkel de gegevens tot 2007 onderzocht in het onderzoek Regulations in Europe van het ICMPD, jan 2009. In 2010 lag Nederland niet zo ver onder het +Belgische niveau dat in het overzicht tot 2007 nog niet voorkomt.

3. De werkzaamheidsgraad stijgt niet voor vreemdelingen met 0, 5 en 10 jaar verblijf

Het betreft een OESO-statistiek over werkzaamheid (% werkenden op totaal van de 15-64 jarigen) waar de blokjes van 0, 5 en 10 jaar geleden voor BelgiŽ op de 52% lijn blijven hangen terwijl ze voor alle andere landen  hoger en in positieve zin meer uiteenliggen. Het is evenwel zo atypisch dat het de interesse wekt om het van naderbij te bekijken en te onderzoeken. Zelf heeft npdata alle gegevens om de werkzaamheidsgraad te berekenen van vreemdelingen sinds 2002 tot 2011, nog eens werk van maken, en tjiens, waarom heeft de N-VA deze Eurostatstatistiek op basis van de EnquÍte naar de Arbeidskrachten 'vergeten'?)

De vraagstelling in 2007-2008 betrof de werkzaamheid 10 jaar geleden, 5 jaar geleden en op het moment van de ondervraging, en voor BelgiŽ was dat telkens 52%. Raar maar waar. Voor een Belgische vreemdeling, mannen en vrouwen samen is 52% op zich niet slecht, gezien de algemene werkzaamheidsgraad maar 61% bedroeg in 2008, in  feite is dat zelfs een goed resultaat. De groep van vreemdelingen tussen 1998 en 2008 is ook sterk gewisseld gezien enerzijds het groot aantal nieuwe Belgen dat er uit verdwenen is en vele nieuwe vreemdelingen die zijn toegekomen. Vreemdelingen te vinden die al 10 jaar in BelgiŽ verbleven moet voor de onderzoeker geen sinecure geweest zijn gezien de meest op arbeid en integratie gerichte Belgen niet meer in de onderzoeksgroep aanwezig waren door de 'massale' Belgwording. In vele of de meeste andere landen is de vreemdelingen groep veel stabieler, met minder nationaliteitsverwervingen en ook minder migratie blijkbaar, alhoewel dat beeld dient bijgestuurd door de evolutie op 10 jaar, zie tabel  Vreemdelingen en asiel in Europa.

4. Werkloosheidsgraad vreemdelingen ligt hoog (in 2008)

Door de grote wisseling van vreemdelingen het laatste decennium en de laatste jaren is een hoge(re) werkloosheidsgraad van vreemdelingen in BelgiŽ te begrijpen. Door enerzijds de Belgwordingen, en anderzijds de instroom van telkens nieuwe vreemdelingen die hun zoektocht naar werk dienen te starten, is een relatief hoge werkloosheid het gevolg. Het Itinera-instituut heeft recent ook terecht op dit fenomeen gewezen. Maar er is een 2de reden. Door het hoog % familiehereniging komen er heel wat vrouwen in het vreemdelingenstatuut. Meer dan gemiddeld blijven deze vrouwen niet-actief (in tegenstelling tot wat men denkt) en tellen ook niet mee in de noemer van de werkloosheidsgraad die bestaat uit de formule: aantal werklozen/(het aantal werkenden en werklozen).

In 2 grafieken in de N-VA -barometer  worden eerst de in het buitenland geborenen (Belgen en vreemdelingen) vergeleken met de in BelgiŽ geborenen (vreemdelingen en Belgen) en daarna de niet-EU vreemdelingen en de Belgen. Telkens schieten de in buitenland geborenen of de niet-EU vreemdelingen er bovenuit. Mede omwille van de hierboven opgegeven redenen.

Een oplossing kan er in bestaan om inkomende migrantenvrouwen te oriŽnteren naar inschrijving als werkzoekende, het volgen van VDAB-scholing en het openen van tewerkstellingsperspectieven mťt hoofddoek bv. In feite is er, zoals in 2002 al werd vastgesteld door een medewerker van het Planbureau geen overgebruik van de sociale zekerheid maar een ondergebruik, zeker in de specifieke Belgische situatie van lage werkzaamheidsgraad bij vreemdelingenvrouwen. De werkzaamheidsgraad drukt beter dit probleem uit dan de werkloosheidsgraad: de werkzaamheidsgraad wordt berekend op het totaal van de 15-64 jarigen binnen een groep en niet enkel de beroepsactieven, zoals de werkloosheidsgraad die enkel de werkenden en werklozen in de noemer zetten om het % werkloosheid te berekenen.

5. Enkel in BelgiŽ zo'n lage opvolging van effectieve verwijdering illegalen

In een aantal Europese landen worden de bevelen van verwijdering 200 tot 300% opgevolgd, dat krijgt men als men mensen in dezelfde actie 3 keren over de grens zet. In BelgiŽ wordt een verwijding in 17% van de gevallen effectief doorgevoerd, laag in Europees perspectief.

Belangrijk om vast te stellen is dat het hier Bevelen om het Grondgebied te Verlaten (BVG) betreft die niets van doen hebben met alles wat tot nu toe al besproken is, nl de legale migratie. BVG betreffen "illegalen" en geven een aanduiding van de aanwezigheid van 'illegalen", mensen zonder papieren, zonder verblijfsvergunning of verblijfstitel.

Illegaliteit heeft in se niets met migratie van doen

Meer dan de helft van de N-VA barometer betreft illegalen, die op zich niets met migratie' te maken hebben, behoudens als de politieke oogmerken overwegen tav een effectief tot stand brengen van  een migratie ťn veiligheidsbeleid.
 
6. Bevelen om het Grondgebied te verlaten na interceptie
 
In de tabel BVG nav een interceptie blijken 14.008 bevelen BVG uitgeschreven te zijn. Naar nationaliteit zijn het vooral Marokkanen en Algerijnen maar ook Pakistani en Indiers die als 'illegaal' geintercepteerd worden, 4 nationaliteiten die amper in de asielstatistieken terug te vinden zijn. Ook hier stelt zich de vraag wat illegaliteit niet alleen met migratie maar ook met asiel te maken heeft? Misschien deze vraag ook eens onder het licht houden en onderzoeken.
 
7. Falend verwijderingsbeleid van uitgeprocedeerden en "illegalen"

wat moet blijken uit
- daling met 22% van aantal plaatsen in gesloten centra,
- wel een open maar (nog) geen gesloten terugkeercentrum,
- personeelstekort bij politie die maar 3 terugkeren per dag aankan (ipv 5),
- in 2011 2.420 gedwongen repatrieringen, waarvan 1.250 uitgesprocedeerde asielzoekers, de anderen "illegalen", tegenover 2.656 in 2009. Oost-Europa (Roemenie, Bulgarije, Albanie, Polen) voeren hier merkwaardig genoeg de kop, op AlbaniŽ na toch EU landen,en ook Brazilie en Marokkanen met 250 daar ergens tussenin.

Voor wat dit laatste punt betreft zijn "de overnames bilateraal en Dublin, en de terugdrijvingen niet meegerekend". Dat heeft dan allicht te maken met intercepties of 'overnames' aan de grens die niet in deze cijfers vervat zijn.

Wat zijn hier de voorbeelden van landen met een 'humaan' beleid? En hoe hier een Belgische oplossing aan geven. En hoe dit kaderen in een algemeen ontwikkelings- en niet alleen deelnameaanoorlogendieasielzoekersvoortbrengen beleid.

8. Illegale criminelen en delinquenten in BelgiŽ

Voortgaande op een antwoord van Wathelet wordt een interessant overzicht gegeven van 4.665 feiten tussen januari en juli 2011 waarvoor illegalen  werden opgepakt, het betreft hier ondermeer 3.158 diefstallen. Voor een verder beschouwing zie punt 9.

9. Spectaculaire stijging illegale en legale vreemdelingen in gevangenissen

Het is pas recent, mede door onze vragen, dat een ventilatie gemaakt wordt in ondermeer aanwezigheid van niet verbijfsgerechtigden in de gevangenissen, en de aanduiding ervan in het antwoord van Wathelet in de criminialiteit. In de crimininaliteitsstatistiek is dat niet apart te zetten.

Pedagogische aanpak misdadigheid

Een overzicht van de gevangenisbevolking naar  verblijfsstatuut en nationaliteit laat toe om met meer kracht en effectief de misdrijvigheid te controleren. Zeker landen waar de verdwijning van het communisme meer dan vroeger ruimte gegeven heeft aan het onterecht beslag leggen op andermans goederen dienen speciale aandacht te krijgen. Ook de collaboratie met nazi-Duitsland in Oost-Europese landen en de onderschikking en inschakeling van misdadigers in de beroving, gewelddadige behandeling en liquidatie van gedeporteerden in het nationaalsocialisme zou een punt van aandacht moeten zijn, cfr de inschakeling van misdadigers in het transitkamp van Breendonk in BelgiŽ. Wie niet in staat is de 'ideologische' analyse te maken van factoren die misdaad bevordering zal haar nooit onder controle krijgen.

Maar het is alleszins zo dat de volledige samenleving en politionele krachten meer dan nu, en ook pedagogisch dienen gemobiliseerd om onterechte toe-eigening van goederen en geweldplegingen onder controle te krijgen en "illegaliteit" te voorkomen, te detecteren en te beheersen voor wat misdrijvigheid betreft. Statistiek en wetenschap vormen hiervoor een excellent instrument, voor zover het niet ondergeschikt gemaakt wordt aan politieke doeleinden of als zoethouder voor politieke frustratie omdat men zelf geen beleid kan voeren op deze vlakken. Het is ook verkeerd te stellen dat criminaliteit door 'illegalen' altijd te maken heeft met migratiebeleid: georganiseerde misdaad vanuit andere landen heeft op zich niets met migratie te maken maar met netwerken die internationaal actief zijn.

Niet Migratiebeleid maar N-VA faalt in opnemen beleidsverantwoordelijkheid

De alsmaar terugkerend hoofding Migratiebeleid faalt irriteert en is alleszins niet stimulerend, het is alsof de slogan meer en meer de betekenis krijgt van de N-VA faalt in  haar politieke opzet hierover beleid te (willen) voeren.

10. Ex-gevangen en criminelen beloond met papieren

Als in een rechtstaat de wet niet meer wordt toegepast dan wordt het voor iedereen slecht. En de wet bestaat ook voor verdachten, voor veroordeelden en wie hun straf hebben uitgezeten in de rechtstaat. Zoals blijkt uit de toelichting door De Block over de drie gevallen die haar worden aangewreven, is het antwoord genuanceerder dan de demagogie die rond dit punt speelt. Ook de extrapolatie naar het verleden, met honderden gevallen, is goedkoop. Het betreft een marginaal gegeven in aantal maar van eerste orde om onder ogen te nemen, en los van politiek opbod en stoerpraterij tot oplossingen te komen.

11. Resultaat: enkel in BelgiŽ zo'n negatieve kijk op migratie

Ook in andere landen is er een behoorlijk negatieve kijk op migratie. EnquÍtes en onderzoeken zijn afhankelijk van de vraagstelling, de selectie van de steekproef enz. De Ipsoc-gegevens zijn interessant maar missen het tijdsperspectief. Bij herneming van het onderzoek in de toekomst een interessant ijkpunt. Ook de houding van de Belgen en anderen kan anders worden (verbeteren, verslechteren). Het Ipsoc-onderzoek leert de N-VA alleszins dat het aanboren en uitdiepen van de migratiethematiek een interessant politiek winnigsveld is.

Als het in Brussel regent ... druppelt het in Antwerpen.

Alhoewel. Antwerpen staat bij Brussel een 15 ŗ 20 jaar ten achter wat migratie en 'verwerkte migratie' betreft. Als migranten politiek worden uitgeschakeld zoals in de verkiezingen van 6 jaar geleden in Antwerpen gebeurd is dan kunnen de 'problemen' alleen maar groter worden. Eerder dan Brussel te verdoemen kan ook Antwerpen er haar lering uit trekken voor de toekomst van haar burgers die kortelings uit meer dan helft allochtonen (niet-Belgische afkomst) zal bestaan.

Het algemene migratieprofiel voor BelgiŽ wordt voor het eerst in de barometer weergegeven bij de voorstelling van het Antwerpse deel. Voor BelgiŽ wordt het weergegeven in 4 cijfers: aantal als Belg en als Vreemdeling geboren inwoners, voor deze laatsten het onderscheid tussen vreemdelingen en Belg geworden vreemdelingen, situatie 01/01/2010.. Voor Antwerpen wordt voortgegaan op de integratiemonitor met cijfers voor 2011.

Het zijn blijkbaar barre tijden voor barometers.

De bespreking van de Antwerpse gegevens gebeurt te gelegenertijd.

Jan Hertogen, socioloog
www.npdata.be
0487 335 552
mail