BuG 389 Ė Bericht uit het Gewisse Ė 11 juni 2018
   
BuG 389 on-line                              Printversie (9p)

Invaliditeit, opvangnet voor afbouw Brugpensioen



Verregaande substitutie van Brugpensioen door Invaliditeit
Van 30% Volledige Invaliditeit in 2009 tot 51,3% in WalloniŽ,
47,5% in het Vlaamse gewest en 40,8% in het Brussels gewest
op het totaal Volledige Werkloosheid+Volledige Invaliditeit

% Volledige Invaliditeit op totaal Volledig Werkloos+Volledig Invalide

 
% Volledig Brugpensioen op bevolking 50-64 jaar

Vooral in Vlaanderen is het % Bruggepensioneerden zeer hoog
en is de terugval van het Brugpensioen ronduit dramatisch van
6,8% tot 4,2%, zeker ook omdat de toegang voor vrouwen die pas
doorstroomden naar 50+ op hun neus werd/wordt dichtgeklapt.


In 2001 was de helft van Volledig Werkloze mannen op Brugpensioen,
bij de vrouwen was dat 14%, in 2017 was dat nog altijd 40,9% bij de
mannen en 27,8% bij de vrouwen, een verschil dat zal aanhouden
 
Gedetailleerde grafieken met alle Werkloosheidsstatuten 50+,
en een vergelijking met de evolutie Volledige Invaliditeit.
Bron: speciaal opgemaakte listings door de RVA en RIZIV

  

Het aantal 'invaliden' (meer dan een jaar op de ziekteverzekering) is in 2017 met 3,8% toegenomen volgens De Tijd, de laagste toename van de laatste jaren maar dus toch nog altijd een stijging. Maar na 2001 is het aantal 50+ Volledig Invaliden meer dan verdubbeld, vooral na 2010, toen de afbraak Brugpensioen begon. Best is ook de impact van de verhoogde instroom van vrouwen in de 50+ en vooral ook 60+ na 1997 (progressief optrekken pensioenleeftijd vrouwen van 60 naar 65 jaar).

Maar even belangrijk  is na te gaan in welke mate de forse toename van 50+ in de Volledige Invaliditeit de vermindering van de andere segmenten van de Volledige Werkloosheid compenseert/substitueert, vooral dan bij het Volledig Brugpensioen (huidig Stelsel van Werkloosheid met Bedrijfstoeslag - het SWT), mt daarnaast nog de (bijna tot z'n einde komende) vermindering van "Oudere Niet-werkzoekende werklozen 50+" en  de ontmoediging van voltijds tijdskrediet en voltijdse loopbaanonderbreking, alsmede de Niet Werkzoekende Volledig Werklozen.

Wij brengen deze eerst in beeld voor BelgiŽ en de gewesten op 31/12/2017 (actueler kan niet):
  




De bovenste lijn geeft de totale evolutie Volledige Werkloosheid 50+


Het Voltijds Brugpensioen daalt van 118.686 in 2010 tot 78.345 in 2017. Tevens is het statuut van Oudere Niet Werkzoekende Werkloze 50+" op sterven na uitgedoofd tot 25.150 in 2017. Merk de steile afgang van dit statuut vanaf 2002 dat met 150.331 de grootste populariteit genoot. Men doet er dus goed aan ver genoeg achteruit te kijken om de impact van afbraak en substitutie te weten. In veel mindere mate wat aantallen betreft is er de volledige terugval van voltijds tijdskrediet/loopbaanonderbreking en de stijging van het aantal Niet Werkzoekende Volledig Werklozen (verdrievoudiging in vergelijking in vergelijking met 2007). De echte klik naar een verhoging 'gewone' werklozen 50+ is gekomen in 2013, dwz (nog) onder PS-regime, maar vanaf 2014 een daling en daar, toch verwonderlijk, een stabilisatie, allicht als gevolg van de conjunctuur.

Evolutie Volledige Invaliditeit bij de 50+

Wat is het beeld als bovenop deze evolutie van de Volledige Werkloosheid bij de 50+ de evolutie van de Volledige Invaliditeit wordt uitgezet. Voor deze invalliditeitsevolutie wordt dus voortgegaan op de Volledig Invaliden met gekende gegevens van 2003, 2009, 2010 en van 2013 tot 2016. Omdat het een gestage evolutie is
- interpoleren (tussenvoegen tussen twee gekende waarden) we tusen 2003 en 2009 en tussen 2010 en 2013,
- extrapoleren we naar 2017 met de gekende stijging van 3,8%
- intrapoleren (voorgaande waarden berekenenop de basis van de gekende navolgende waarden) we voor 2001 en 2002.



Sinds het millennium is er een verdubbeling van het aantal invaliden stelt de Tijd en voor de 50+ is deze evolutie nog meer uitgesproken. Tot 2009 was er gestage evolutie van 89.139 in 2001 tot 125.189. Vanaf 2010 komt er een versnelling van het aantal invaliden die duurt tot 2016 om in 2017 minder sterk te stijgen.
Interessant is dan na te gaan in welke mate deze versnelling samengaat met andere evoluties (samengaan wil nog niet zeggen dat er een verband is en in welke richting dat dit verband gaat). UVW-Werkloosheid blijft na 2010 enkele jaren constant om in 2013, met de brugpensioenafbouw licht te stijgen. Het uitdovend statuut Oudere niet werkzoekende werknemers blijft in gelijke mate verder afnemen, Ook het in aantal beperkte Volledig Tijdskrediet/Loopbaanonderbreking blijft verder afnemen. Enkel op het Brugpensioen is er beweging, dat begint af te nemen maar 'verklaart' niet volledig de stijging van het aantal invaliden.

Het is evenwel vooral vanaf 2010 dat er forse stijging van Volledig Inavliden tot 2012 om dan sterk en continu te verhogen tot 2016 waarna de stijging minder sterk wordt in 2017. O
ok hier kan de conjunctuur haar rol spelen, naast de maatregelen om de her-tewerkstelling te bevorderen. Een echte 'breuk' is evenwel niet vast te stellen.

Na het brugpensioen zijn vrouwen opnieuw de sigaar bij de invaliditeit


Zoals reeds aangegeven dient de evolutie van invaliditeit opgesplitst voor mannen en vrouwen, omdat de vrouwen om twee redenen hun aandeel in de werknemers (en sociale zekerheid) zagen toenemen bij 50+: de verlenging van de pensioenleeftijd voor vrouwen van 60 naar 65 jaar: 61 vanaf 1/7/1997, 62 vanaf 1 januari 2000, 63 vanaf 1 januari 2003, 64 vanaf 1 januari 2006 en 65 vanaf 1 januari 2009. Een tweede reden is dat vanaf 2000 het aandeel vrouwen in de 50+  alsmaar stijgt als gevolg van de grotere en alsmaar groeiende instroom van vrouwen in de tewerkstelling vanaf 1970. Dat wil zeggen dat vrouwen, zoals voor het brugpensioen trouwens, de eerste en grootste slachtoffers zijn. Niet alleen van de verhoging van de brugpensioenleeftijd - toen zij er aan kwamen moesten ze langer wachten of verdwijnt het recht - maar ook van de restrictieve maatregelen van de invaliditeit en de grotere druk op (gedeeltelijke) werkhervatting mťt inkomensverlies. Wanneer laten de vrouwenorganisaties hierover eens iets horen, na hun volledig stilte bij de historische afbouw van het Brugpensioen die voor de aankomende en alsmaar groeiende groep oudere vrouwen alsmaar verder weg is geschoven.

De evolutie Volledige Werkloosheid en Volledige Invaliditeit bij de 50+


Wat is nu het 'saldo' dwz de evolutie wanneer zowel Volledige Werkloosheid en Volledige Invaliditeit worden samengeteld?


Vanaf 2006 was er een lichte daling van de Volledige Werkloosheid bij de 50+ die stabiliseerde en vanaf 2010 in een versnelde daling kwam die accelereerde vanaf 2014, vooral door de maatregelen mbt het brugpensioen, allicht n combinatie met en verbeterde conjunctuur die een afname van de 'gewone  werkloosheid' tot gevolg had.
In het samengeteld beeld zien we een lichte en voortdurende afname van de sociale zekerheidsregelingen Volledige Werkloosheid en Volledige Invaliditeit, die, zoals gezegd mede conjunctureel bepaald worden en waarbij een vervanging/doorschuiven gebeurt van werkloosheid (vooral brugpensioen) naar Invaliditeit.

Een overzicht per gewest

Voor de overzichten per gewest beschikken we niet over de volledige tijdsreeks Invaliditeit, wel over het gedetailleerd overzicht van de Volledige werkloosheid bij de 50+. We brengen de beschikbare gegevens hierbij in beeld:

Vlaams gewest

Merk het hoge aantal Bruggepensioneerden in Vlaanderen in verge-
king met de andere categorieŽn werkloze 50+, UVW is constant. Invaliditeit
gaat steil de hoogte in na 2010 (2009, 2010 en 2013-2016 reŽle cijfers)

Waals gewest

Berpekt aantal Bruggepensioneerden in vergelijking met dalend UVW.
Invaliditeit compenseert meer dan de daling Brugpensioen en UVW.
Ook in WalloniŽ steile groei van de Volledige Invaliditeit.

Brussels gewest

Verwaarloosbaar aantal Bruggepensioneerden, opnieuw stijgend UVW.


Beperktere groei Invaliditeit met constant stijgende UVW, dit in tegenstelling tot de andere gewesten. Na daling vanaf 2014, sterke stijging in 2017, op een niveau dat nog altijd het aantal Volledig Invaliden overstijgt. Dat wil zeggen dat in Brussel, in tegenstelling tot wat men wel eens denkt, vooral bij 50+ nog een 'ondergebruik' is van bv Invaliditeit in vergelijking met de andere gewesten, of een kleiner aantal vrouwelijke rechthebbenden omwille van de lagere aanwezigheid van sociaal gerechtigde vrouwen 50+ in Brussel.

Merk ook het relatief hoog aantal Volledig Tijdskrediet en Loopbaanonderbreking tussen 2004 en 2007 en de ineenstorting ervan vanaf 2008 en het feitelijk verdwijnen ervan in 2017.


Evoluties Volledige Werkloosheid versus Volledige Invaliditeit


Vlaams gewest


Waals gewest


Brussels gewest


De evoluties zijn globaal vrij gelijklopend in de drie gewesten, weliswaar op en hoger niveau in het Waalse gewest en in Brussel, waar de invaliditeit, in verhouding tot de werkloosheid op een lager niveau blijft.

Vergelijking tussen de gewesten van Volledige Werkloosheid en Invaliditeit
  

Volledige Werklosheid: % op de bevolking 50-64 jaar

  


De Volledige werkloosheid was in 2001 praktisch volledig gelijk in de drie gewesten, nl 15 tot 16%. In het Vlaams gewest was zelfs een hogere werkloosheid dan in WalloniŽ, vooral door het hoge aantal Bruggepensioneerden in Vlaanderen. Waar in andere gewesten na 2003 een daling van de Volledige werkloosheid inzette, een stabilisatie in 2008 en een verdere continue daling na 2009 (afbouw Brugpensioen en later de conjunctuur), zien we in het Brusselse gewest een stijging van de Volledige werkloosheid bij 50+ en een relatief beperktere daling na 2007, daling die in 2017 een einde neemt. Zeker na 2001 speelt de doorstroom mee van een oudere bevolkingsgroep met sociaal zekerheidsrecht naar de 50+ om demografische redenen, nl de migratie-instroom van enkele decennia geleden komt op leeftijd.

Volledige Invaliditeit, % op de bevolking 50-64 jaar



In % op de 50+ is de stijging aantal Volledig  Invaliden het sterkst in WalloniŽ,
Vlaanderen blijft op het laagste niveau, maar is toch stijgend van 6 naar 8%.


Globale evolutie Volledige Werkloosheid + Volledige Invaliditeit

  

Samengeteld is er een gelijklopende evolutie op een verschillend niveau,
voor alle gewesten (behoudens Brussel vanaf 2017) met en langzame daling
vanaf 2014, ondermeer of vooral om conjuncturele redenen? Zaak is om
eens na te gaan wat de impact is van de eindeloopbaanregeling in de
Non-Profit-sectoren (toch goed voor 750.000 werknemers) waarbij werknemers
vanaf 45 jaar 12, vanaf 50 jaar 24 en vanaf 55 jaar 36 bijkomende verlofda-
gen krijgen, dwz dat vanaf 55 jaar hun werknemers in de 32-urenweek werken.


Aandeel Volledige Invaliditeit in het totaal Invaliditeit en Werkloosheid

Tot slot nog eens de evolutie berekenen van het aandeel  Volledige Invaliditeit in het totaal Invaliditeit en Werkloosheid:

   


Aandeel Invaliditeit was voor alle gewesten gelijk rond 30% in 2009. Op 8 jaar tijd is dit gegroeid tot 50% in WalloniŽ, tot 47,5% in het Vlaams gewest en tot 40,8% in het Brusselse gewest, vooral omdat dat de Volledige Werkloosheid hoog gebleven is en in 2017 nog gestegen is bij de 50+.

Slotoverweging

Er zijn nog andere vragen te stellen: hoeveel 50+ in Leefloon, hoeveel Pensioengerechtigde -65 jarigen,, hoeveel naar vervroegde pensioenstelling om medische redenen bij de ambtenaren hetgeen het equivalent is van invaliditeit bij de werknemers in de private sector. Wie maakt daar eens werk van, we zullen zelf niet nalaten deze gegevens eens op te vragen tegen een volgende update voor 2018.

Eerder dan op algemene vaststellingen voort te gaan is het van belang om de cijfers over Invaliditeit en Werkloosheid te differentiŽren, ondermeer in volledige en gedeeltelijke invaliditeit (het tussenplatform voor hertewerkstelling), naar leeftijd met een overzicht per leeftijdsjaar, het detail van de werkloosheidsstatistiek, en vooral ook het onderscheid in de evoluties bij mannen en vrouwen. Want, het moet gezegd, ook hier zijn de vrouwen de pineut, en is er niemand die voor hun belang opkomt bij de destabilisering van de Invaliditeitsregeling en de overgang naar de tewerkstelling.

Jan Hertogen, socioloog