BuG 381 Ė Bericht uit het Gewisse Ė 13 februari 2018
   
BuG 381 on-line                                   Printversie (25p)

Belgische jongeren steeds meer uit beroepsbevolking gestoten
bevestigd in de Labour Force Statistics OESO - 2017 van 02/02/2018.
 
Heeft iemand iets opgevangen van het nieuw en belangwekkend OESO-rapport
2017 van vorige week over de Arbeidskrachten met vergelijking van BelgiŽ met
alle andere Europese landen, de andere OESO landen, Rusland en Zuid-Afrika?

Npdata maakt de analyse van de jeugdwerkloosheid 20-24 en 25-29 jr op
basis van deze vergelijkende Eurostat-EnquÍte naar de Arbeidskrachten.

Tabel OESO Werk, 20-24 en 25-29 jr, 2000-2016
 Download het Rapport Labour Force 2017          
Toegang tot de Database OESO                      

BelgiŽ: 20-24 jaar naar % Werkend, Werkloos en Inactief


20-24 jaar - BelgiŽ en de buurlanden: % Inactief


1. Inleiding: Uitstoot jongeren uit de arbeidsmarkt is zeggen: "jullie tellen voor ons niet meer mee".

Het ergste wat met een bevolkingsgroep kan gebeuren is hen uit de actieve bevolking, dwz de beroepsbevolking stoten. Dat is wat gebeurd is en nog altijd gebeurt met de jongeren die na afstuderen of schoolonderbreking naar de bestaanszekerheid worden doorgeschoven. Doordat zij na een tijd niet meer als werkloze meetellen vallen zij uit de beroepsbevolking. De beroepsbevolking bestaat enkel uit werkenden en werklozen. Ook degenen die geen diploma behaalden krijgen onmiddellijk het verdict we hebben jullie niet nodig, jullie worden uit de werkloosheid en sociale zekerheid gestoten, overleef maar in de bestaanszekerheid, hoe jong jullie ook nog zijn, jullie behoren niet meer tot de beroepsbevolking,en hebben enkel het leefloon als inkomen, en daar zullen we ook nog eens de tang van de besparingen op zetten. Dat is niet alleen de boodschap maar de feitelijkheid voor tienduizenden jongeren, vooral in de grotere steden.

De PS en de Di Rupo regering voorop hebben dit donkerste perspectief geopend voor de jongerengeneraties na 2014. Deze rollercoaster van depreciatie en uitstoot rolt zich steeds verder uit, jaar na jaar voor nieuwe generaties jongeren, en wordt nu verder aangezwengeld door de N-VA en de Open-Vld. Dat vooral jongeren met migratieachtergrond en kansarmen met Belgische achtergrond verder de armoede, de perspectiefloosheid en zeg maar voor sommigen de wanhoop en soms de radicalisering worden ingedreven is het echte saldo van het besparingsbeleid, ook al komen er meer jobs vrij en stijgt het jobvolume.

Alleen worden deze ongeren niet (meer) aangesproken voor beroepsopleiding, vorming, training door Acctiris, Forem en VDAB omdat ze niet (meer) werkloos zijn en ook niet werken, omdat ze dus niet meer tot de beroepsbevolking behoren en er uit gestoten zijn. Kunnen CD&V en de regeringspartijen nu nog dit uitsluitingsmechanisme stoppen en binnen deze regeringsperiode de jongeren opnieuw voltuit activeren binnen de werkloosheid en alle mechanismes die langs VDAB, Actiris en Forem bestaan. Zoals reeds is aangetoond in een vorige BuG 369 on-line is het positieve bilan van de Brusselse werkloosheidsdienst, met miljoenen euro's steun van Europa, vooral te verklaren door de uitstoot van haar jongeren naar de bestaanszekerheid, het leefloon en de armoede.

Wanneer hoort iemand eens deze vaststelling die in feite een noodkreet is, en wie doet er iets aan?

2. Het jaarlijks rapport: Labour Forces - 2017

In elk van de Europese en OESO-landen kent men al jaren de EnquÍte naar de Arbeidskrachten. Het is een onderzoek waarbij onder leiding van Eurostat, op een vergelijkbare wijze gepeild wordt naar de deelname aan de arbeidsmarkt volgens een aanzienlijk aantal parameters. In BuG 194 on-line gaven we er reeds uitgebreid aandacht aan de jeugdwerkloosheid in een Europees kader maar een update drong zich op en het Rapport Labour force 2017 kwam dus welgekomen in de bus vallen.

- Download het Rapport Labour Force 2017 - met een statistische fiche van voor elk land - 2007-2016
- Toegang tot de Database OESO - Maak een account aan en je komt in een wondere wereld - 2000-2016

Het is een constant op peil gehouden gegevensbron die we hier maar uit enkele oogpunten vanuit de jeugdwerkloosheid, - werken en -inactiviteit analyseren.
 
2.1. LeeftijdscategoriŽn: 20-24 jaar en 25-29 jaar

De werkloosheid wordt er ingedeeld naar leeftijdscategorieŽn van 5 jaar. De categorie 15-19 jaar laten we terzijde omdat voor BelgiŽ dit in hoofdzaak nog 'niet-actieven' betreft, nl studenten. Voor de categorie 20-29 is dit ook nog het geval voor hoger onderwijs-studenten maar men kan er van uitgaan dat dit in de diverse landen gelijklopend is. Omdat de leeftijdscategorie 25-29 de uitloop van de jongerenleeftijd is komen zij hier ook nog in beeld. We zullen zelfs nagaan in welke mate de verdeling van de 20-24 jarigen over werkenden, werklozen, inactieven van bv 2011 nog terug te vinden zijn als 25-29 jarigen in 2016 en dit voor alle jaren waarvoor deze vergelijking mogelijk is.

De Labour-force gegevens laten toe de bevolking van elk van deze leeftijdscategorieŽn te verdelen over
- % Werkenden
- % Werklozen en
- % Inactieven, dwz niet-werkend en niet-werkloos. in totaal is dus 100%.

Voor de omschrijving van deze categorieŽn, zie Statbel-Definities

2. Geen appelen met citroenen vergelijken: % op de bevolking


Getrouwe lezers van de BuG's weten al dat de Werkloosheidsgraad al langer dan vandaag in de vuilbak is gekieperd. Deze 'graad' is van een andere orde dan de Werkzaamheids- of Werkgelegenheidsgraad. Deze laatste heeft de bevolking als noemer, de Werkloosheidsgraad enkel de Werklozen en Werkenden binnen deze bevolking. Langs de Werkloosheidsgraad blijven de Niet-actieven, dwz die noch werken, noch werkloos zijn volledig buiten beeld. Bij de niet-Actieven bevinden zich bv ook de NEET's, de Not-Education, Employment and Training, dwz jongeren die niet naar school gaan, geen werk hebben en geen beroepsopleiding volgen, maar die bv wel een werkloosheidsuitkering of leefloon krijgen, maar evengoed ook de anderen die niet in deze systemen zitten.De niet-actieven geven goed het potentieel aan dat kan gerecupereerd worden voor de beroepsbevolking, hetzij als werkende of werklozen, de werkloosheid dan als een opstap naar de tewerkstelling. Door de Werkloosheidsgraad te gebruiken verdwijnt deze groep evenwel van de radar.

In de volgende overzichten en grafieken worden dus drie categorieŽn gebruikt, telkens als % van de betreffende bevolking, die samen dus 100% als totaal geven.

2.3. Alle landen van de EA, andere Europa, andere OESO, Rusland en Zuid-Afrika.

De OESO-gegevens werden samengebracht in een tabel die toelaat voor elk van de verwerkte landen een specifiek beeld te krijgen van de arbeidssituatie van de 20-24 jarigen enerzijds en de 25-29 jarigen anderzijds, en dit onderscheiden naar geslacht. Met twee muisklikken worden 24 grafieken gegenereerd volgens elk land van keuze.
Daarnaast hebben we zelf BelgiŽ in beeld gebracht, enerzijds naast de drie buurlanden en anderzijds naast de zuid-Europese landen. Tot slot brengen we alle landen in beeld op 12 grafieken met de situatie in 2016 zodat telkens voor de diverse leeftijdscategorieŽn, onderscheiden voor mannen en vrouwen het % werken, werkloos en inactief duidelijk wordt en de positie van BelgiŽ tav elk ander land en het gemiddelde voor de OESO.

2.4. De npdata-tabel Labour Force 20-24, 25-29, 2000-2016

In de tabel OESO Werk, 20-24 en 25-29 jr, 2000-2016 vind je 10 blz.
- Oeso-Data, % Actief en Werkloosheidgraad, op basis van deze twee gegevens kan % Werkend, Werkloos en
  Inactief op de bevolking berekend worden
- Grafiek 1: Door de rij met de gegevens van het gekozen land te kopieren en te plakken op rij 2 van het blad
  Grafiek 1 worden automatisch 4 blz grafieken gegenereerd. Op dit blad voor 20-24 en 25-29 jr naar geslacht en
  het totaal het % werkend, werkloos en Inactief van 2000 tot 2016.
- Grafiek MV: voor elk statuut worden de gegevens voor 20-24 en 25-9 jr  nr geslacht onder elkaar gezet
- Grafiek Lftd: voor elk statuut worden de gegevens voor 20-24 en 25-9 jr nr geslacht onder elkaar gezet
- Grafiek Lftd+5jr: zoals vorig blad maar nu wordt de categorie 20-24 jr 5 jaar voortgeschoven onder 25-29 jr.

Een voorbeeld BelgiŽ met 4x6 grafieken: : Grafiek 1, Grafiek MV, Grafiek Lftd, Grafiek Lftd+5jr

De volgende vijf blz betreffen vijf gegevens met een vergelijking BelgiŽ en de Buurlanden/Zuid-Europese landen
- Vgl-20-24-BL: BelgiŽ en Duitsland, Nederland, Frankrijk voor de 20-24 jarigen naar geslacht
- Vgl-25-29-BL: BelgiŽ en Duitsland, Nederland, Frankrijk voor de 25-29 jarigen naar geslacht
- Vgl-Totaal-BL: BelgiŽ en Duitsland, Nederland, Frankrijk voor de 20-24 en 25-29 jarigen, Totaal
- Vgl-20-24-ZL: BelgiŽ en ItaliŽ, Griekenland, Spanje en Portugal voor de 20-24 jarigen naar geslacht
- Vgl-25-29-ZL: BelgiŽ en ItaliŽ, Griekenland, Spanje en Portugal voor de 25-29 jarigen naar geslacht

- Oeso-landen: Grafieken met alle landen van hoog tot laag Werkend, Werkloos, Inactief, voor 20-24 en 25-29
   jaar naar geslacht.

Er kunnen uiteraard nog meer grafieken worden aangemaakt. Alle gegevens zijn in de tabel aanwezig om dat te doen. Wie vragen heeft of toelichting behoeft kan zich altijd richten naar info@npdata.be. Of wie voor andere leeftijdscategorieŽn gelijkaardige grafieken wil, waarom niet de 55-64 jarigen bv, kan deze ook aanvragen.
   
3. Voor elk land 24 grafieken (eenvoudig aan te maken voor elk van de 42andere landen)

3.1. Hieronder enkele grafieken over % Inactiviteit bij de 20-24 jarigen naar geslacht

BelgiŽ - 20-24 jr - Totaal

Na 2006 zijn de Inactieven stijgend, met een versnelling in 2016, de werkloos-
heid als % op de bevolking blijft vrij constant, werkgelegenheid daalt dus ten
koste van inactiviteit die maar beperkt door stijging studenten kan verklaard.

BelgiŽ - 20-24 jr - Mannen

Werkloosheid en werkenden dalen, Inactieven stijgen fors in 2016

BelgiŽ - 20-24 jr -
Vrouwen

Zelfde evolutie maar op een hoger procentueel niveau. Sinds 2010 is
meer dan de helft van de vrouwen 20-24 jr Inactief in een alsmaar sterker
stijgende dynamiek. Voor wanneer bv de opheffing van kledijbeperking
 in scholen en ondernemingen om economische redenen?


3.2. Is BelgiŽ mainstream of een uitzondering in vergelijking met andere landen?

BelgiŽ en Buurlanden - % Inactieven - Mannen


BelgiŽ en Buurlanden - %
Inactieven - Vrouwen

De stijging van het aantal Inactieven zowel bij mannen als bij vrouwen
is volledig atypisch, dwz het is het gevolg van een politiek die enkel
in BelgiŽ wordt toegepast, en dat is de uitsluiting van de jongeren uit
de arbeidsmarkt, door hen niet meer in de werkloosheid op te nemen.

BelgiŽ en Zuiderse landen - % Inactieven - Mannen


BelgiŽ en Zuiderse landen - %
Inactieven - Vrouwen

De evolutie van het % Inactieven is nu wel mainstream in BelgiŽ
maar aan de onderste zijde van de Europese ladder, niets om fier
over te zijn dus, BelgiŽ heeft bij de mannen Griekenland ingehaald.


3.3. BelgiŽ vergeleken met alle andere landen - welke plaats in 2016 voor Belgische 20-24 jarigen


20-24 jr - % Inactief - Mannen


20-24 jr - % Inactief - Vrouwen

Van alle andere landen doen naast Griekenland en ItaliŽ, ook Zuid-Afrika
het minder goed bij de vrouwen, en daarbij nog Korea bij de mannen.


Met deze grafiek heeft men meteen een beeld van alle andere landen waarvoor men eenvoudig alle 24 statistieken kan genereren voor de 20-24 en de 25-29 jarigen.

20-24 jr - % Werkend - Mannen


20-24 jr - % Werkend - Vrouwen

Spanje bij mannen en vrouwen en Turkije bij de vrouwen vervoegt BelgiŽ
bij de laagste Tewerkstellingsgraad van alle OESO-landen. Vraag is in
welke mate deze jongeren dan in de werkloosheid terug te vinden zijn
of dat ze vooral terug te vinden zijn bij de niet-actieven?

20-24 jr - % Werkloos - Mannen

 
20-24 jr - % Werkloos - Vrouwen

Wat % werklozen betreft situeert BelgiŽ zich niet ver van het OESO-gemid-
delde, daar zit dus niet het verschil, wel in de niet-actieven, dwz bij de
jongeren die door Belgisch beleid buiten de arbeidsmarkt gesloten zijn.

Voor een zelfde reeks grafieken voor 25-29 jaar, zie de tabel laatste blad (Oeso-landen) of klik op de link Oeso-landen 25-29 jaar, en voor bovenstaande grafieken op Oeso-landen-20-24 jaar.

4. Enkele grafieken voor geselecteerde landen

4.1. % Werkend, Werkloos, Inactief

Verenigde Staten - Totaal 20-24 jaar


Russische Federatie - Totaal - 20-24 jaar

Bij gelijke werkloosheid is er 10% hogere Inactiviteit in Rusland ten
koste van de tewerkstelling maar nog altijd 1į% hoger dan in BelgiŽ

Verenigde Staten - Totaal 25-29 jaar


Russische Federatie - Totaal - 25-29 jaar

Bij de 25-29 jarigen scoort Rusland op alle vlak beter dan de USA


4.2. % Werken, Werkloos en Inactiviteit bij de vrouwen voor enkele landen

   
Turkije - Vrouwen - 20-24 jaar


Turkije - Vrouwen - 25-29 jaar

In Turkije schuilt er nog een groot potentieel aan vrouwelijke arbeids-
krachten, of is het een arbeidsreserve voor Europa de komende decennia?

Mexico - Vrouwen - 20-24 jaar


Mexico - Vrouwen - 25-29 jaar


Zwitserland - Vrouwen - 20-24 jaar


Zwitserland - Vrouwen - 25-29 jaar

Zeer lage Inactiviteit zowel bij 20-24 als 25-29 jarigen. Of is dit een kwestie
van 'administratieve behandeling/verwerking' van jongeren, dwz dat bv
studentenarbeid of stages mee als tewerkstelling worden beschouwd
door diegenen die de EnquÍte naar de Arbeidskrachten beantwoorden?


5. En wat als de 20-24 jarigen van vijf jaar geleden nu 25-29 jarigen zijn

De leeftijdsdynamiek, of de vergelijking van een fenomeen in twee verschillende leeftijdsgroepen kan op drie manieren gebeuren:

- Door de evoluties op elk van de onderdelen in de leeftijdscategorieŽn naast mekaar te leggen
- Statisch door bv de Inactiviteit binnen twee leeftijdscatgorieŽn onder elkaar te leggen
- Dynamisch door dezelfde Inactiviteit van de leeftijdsgroep 20-24 jaar vijf jaar door te schuiven en ze
  vijf jaar later onder dezelfde groep, nu 25-29 jarigen te leggen.

5.1. % Werkend, Werkloos en Inactief bij de 25-29 jarigen naar geslacht

BelgiŽ - 25-29 jr - Totaal


BelgiŽ - 25-29 jr - Mannen


BelgiŽ - 25-29 jr - Vrouwen


% Inactiviteit ligt bij Vrouwen iets hoger maar veel lager dan bij de 20-24
jarigen.
Werkloosheid is gelijk naar geslacht op een laag niveau en de
tewerkstelling weerspiegelt aldus de hogere Inactiviteit bij de vrouwen.
Eens 25 jaar gebeurt er een normalisering van bij de jongvolwssenen.


5.2. % Werkend, Werkloos en Inactief 20-24 en 25-29 jaar in BelgiŽ en buurlanden
   

% Werkend - 20-24 jaar - Totaal Man en Vrouw


% Werkend - 25-29 jaar - Totaal Man en Vrouw

Hoe groot de verschillen waren bij de 20-24 jarigen, vijf jaar later
is wat tewerkstelling betreft de hemel opgeklaard, BelgiŽ komt hier
op de eerste plaats wat de integratie in de tewerkstelling betreft.


- % Werkloos, mannen en vrouwen samengenomen


% Werkloos - 20-24 jaar - Totaal Man en Vrouw



% Werkend - 25-29 jaar - Totaal Man en Vrouw

 Werkloosheidsevolutie in BelgiŽ is vrij stabiel tussen 9 en 10% zowel voor
 20-24 als 25-29 jaar, wat 4% hoger is dan Nederland en Duitsland. Merk de
forse stijging van werkloosheid in Duitsland in 2005, en de meer dan
halvering ervan in 2016 op tien jaar tijd. Nederland verloor haar koppositie
in 2013. In alle landen is het werkloosheids% dalend, naar de Inactieven?

 
- % Inactief, mannen en vrouwen samengenomen


% Inactief - 20-24 jaar - Totaal Man en Vrouw



% Inactief - 25-29 jaar - Totaal Man en Vrouw

Zoals reeds vastgesteld is de stijging van het % Inactieven in BelgiŽ volledig
atypisch en enkel te verklaren door de uitstoot uit de arbeidsmarkt van
jongeren. Een onmiddellijke correctie om met Europa te wedijveren
dringt zich hier op. Waar BelgiŽ in 2000 bij de 25-29 jarigen nog het laagste
 % Inactieven had trekken zij in 2016 op Duitsland na, mee de kop. Duits-
land heeft haar laag Werkloosheids% ook te danken aan een hoog % In-
actieven. Misschien dat ook daar een uistoot gebeurt(d is) om de werkloos-
heidscijfers op te smukken. Mannen en vrouwen opgesplitst voor 25-29 jaar:

% Inactief 25-29 jaar: Mannen


% Inactief 25-29 jaar: Vrouwen


In 2000 was 25% van de vrouwen tussen 25-29 in Duitsland Inactief,
dat is maar gedaald tot 21% in 2016. Ook bij de mannen lag dit met
goed 12% hoog in 2000, stijgend tot 16% in 2004 en dan amper dalend
tot 14% in 2016, bij een werkloosheid van maar 5,1% voor de mannen.

% Werkloos
25-29 jaar: Mannen


Achter de lage werkloosheid in Duitsland verschuilt zich een hoog
% Inactiviteit dat zelfs hoger ligt dan de toch ook bij mannen fors stijgende
Inactiviteit in BelgiŽ. Dient ook de Inactiviteit in Duitsland best mee verre-
kend naast de werkloosheid als % van de bevolking. De 'werkloosheidsgraad'
zegt daar niets over en verdoezelt volledig deze werkelijkheid. En is de stijgen-
de Inactivteit bij Belgische mannen 25-29 jr al een verder werkend gevolg van
de  uitstoot uit de Arbeidsmarkt die pas nu goed haareffect doet gelden ?


5.3. Evolutie 20-24 en 25-29 jaar onder mekaar geplaatst

BelgiŽ, Mannen - % Inactief


BelgiŽ, Vrouwen - % Inactief


Gemiddelde OESO-landen, Mannen - % Inactief


Gemiddelde OESO-landen, Vrouwen - % Inactief

Deze grafieken opnieuw voor zichzelf. Wanneer herstelt BelgiŽ de
positie van de jongeren door hen terug in de Arbeidsmarkt op te nemen?


5.4. Doorschuiven van 20-24 jarigen met 5 jaar tav de evolutie van 25-29 jaar
   

BelgiŽ, Mannen - % Inactief


BelgiŽ, Vrouwen - % Inactief

Bij de vrouwen is er stabilisatie Inactief op 20% bij de 25-29 jarigen,
Bij de mannen zet de stijging van Inactieven zich door bij 25-29 jarigen.

 

Tot slot: Deze cijfers betreffen het Belgische niveau. Een differentiering per gewest zou opnieuw opmerkelijke resultaten opleveren. Npdata beschikt over alle cijfers om na te gaan van de evolutie is voor de 20-24 en 25-29 jarigen in % Werkend, Werkloos en Inactief per gewest. Maar dat is voor een van de volgende BuG's.
   
Jan Hertogen, socioloog