BuG 348 Ė Bericht uit het Gewisse Ė 10 januari 2017
   
BuG 348 on-line                                  Printversie (45p)

Het meest invloedrijke krijgt het minste aandacht


De generatiewisseling zal de arbeidsmarkt uitroken
en jaar op jaar de strijd om de werknemers opvoeren
ook voor de werknemers met migratieachtergrond,
en dat gedurende minstens twee tot drie decennia.

Tabel:
Generatiewissel oudere door jongere werknemers      
Voorbeeldfiches BelgiŽ - Vlaams, Brussels, Waals gewest
BuG 274: Generatiewissel alle landen van de wereld            

Op vraag van lezers hebben we volgende bijkomende Fiches
generatierwissel aangemaakt: Brakel, Oosterzele, Haaltert,    
Evergem, Wachtebeke, Lochristi, Gingelom.                         


De waaromvraag

Men mag/kan zich afvragen waarom economen, politicologen, politici, beleidsvoerders, onderzoekscentra, studiediensten van vakbonden en werkgevers, progressieven, partijen, ook de communisten en media (waar blijven de journalisten van de Tijd, De Morgen of de Standaard die zich sterk maken om sociaaleconomisch bij de tijd en zeker de toekomst te zijn) volledig voorbijgaan aan datgene wat de komende decennia de arbeidsmarkt en de samenleving drastisch zal wijzigen. Is het onvermogen, onkunde of onwil om het voordehand liggende materiaal te analyseren en wetenschappelijk te kaderen? Deze redenen zijn geen verontschuldiging voor de dringendheid en de indringendheid van het inzicht in de Generatiewissel (met grote G te schrijven) die er zit aan te komen dwz van de leeftijdsjaren en cohorten die ťťn voor ťťn de arbeidsmarkt zullen verlaten en de jongere generatie die, jaar op jaar hen op de arbeidsmarkt zal vervangen. Het is een (vrij) eenvoudige oefening die we hier al summier enkele malen gemaakt hebben, maar die we nu integraal en met een nieuwe grafische weergave ťn splijtende tabellen zullen illustreren en dit voor alle administratieve niveaus in BelgiŽ: gemeente, arrondissement, provincie, gewest en BelgiŽ.

Gegevensbron

Voortgegaan wordt op het rijke Bronbestand ons toegeleverd op eenvoudige vraag door de administratie van de AD SEI, het statistische hart van de publieke gegevensverzameling in BelgiŽ. Het betreft de verdeling van de bevolking per leeftijdsjaar voor elke gemeente in BelgiŽ en dit op 01/01/2016. Het vorige bestand van 01/01/2015 is trouwens door ons bewerkt voor de toepassing in HLN 'De hoeveelste Belg' die nog altijd online staat, zie http://hoeveelstebelg.hln.be/.

'Jobs, jobs, jobs, kan het wat minder'

In de loop van vorig jaar beloofden we een BuG te maken over 'Jobs, jobs, jobs, kan het wat minder'. En daar wordt nog altijd aan gewerkt. Maar dit moeten we al meegeven. De nationale bank bij monde van haar stoÔcijnse goedlachse directeur Jan Smets, nog een oud collega van de NVK nog voor LBC- en NVK samengingen, laat niet na te wijzen op de 140.000 nieuwe jobs tussen 2016 en 2019 die er staan aan te komen. Voor wie over enig abstractievermogen beschikt valt het niet moeilijk zich voor te stellen dat deze 140.000 een 'saldo is' dwz een verschil tussen werkenden die de arbeidsmarkt verlaten en die er bijkomen. Om er 'netto' 140.000 bij te krijgen dient ook het verschil tussen aantal vertrekkers en bijkomers ondervangen te worden, dwz het negatieve saldo op de generatiewisseling. Dat valt de volgende drie jaar nog mee maar daarna gaat het volledig de dieperik in. Als men dus spreekt over 140.000 bijkomende jobs dient het (eventueel) negatief saldo van de generatiewisseling bijgeteld, negatief saldo dat de komende decennia met rasse schreden zal toenemen.

Geboortecijfer heeft komende 25 jaar geen invloed

Een verhoging van het geboortecijfer, om welke reden of door welke groep ook, heeft geen enkele impact op de evolutie de komende 25 jaar. We gaan er in onze berekeningen van uit dat op 25 jaar een volledige generatie tot de arbeidsmarkt zal zijn goedtreden evenals het feit dat alle huidige 40-jarigen de arbeidsmarkt zullen verlaten hebben. De verlenging van de arbeidsleeftijd zal in deze slechts marginale invloed hebben, gesteld dat deze verlenging de komende 25 jaar niet terug gedraaid wordt. De tekorten op de arbeidsmarkt zullen dus dienen opgevangen door werklozen, actief maken van de huidige niet-actieven (het hoofddoekverbod gaat er om 'economische' motieven aan) en vooral ook immigraties kunnen opgelost worden wil men het welvaartsniveau en de betaalbaarheid van pensioenen en van de sociale zekerheid waarborgen.

Noodzaak aan behoud/uitbouw sociale- en bestaanszekerheid

Deze evoluties brengen ook mee dat de komende decennia  dat de uitgaven voor leefloon en sociale zekerheid zullen dalen en minstens op het huidige niveau dienen gehandhaafd. Gezien de slinkende arbeidsreserve in de toekomst is het meer dan nodig om de bestaande systemen van bestaans- en sociale zekerheid te handhaven en uit te bouwen om deze arbeidsreserve kwalitatief en mťt koopkracht in de beste omstandigheden te laten leven. Ook omdat deze een belangrijke en essentiŽle buffer zijn voor nieuwe immigranten die nodig zijn voor het behoud van de welvaartstaat. Elke roep om nog verder de sociale zekerheid aan te pakken getuigt van een totale blindheid voor de aan de gang zijnde evolutie en de toekomst. Het is de roep van de verliezer die de oude tijden van ongelijkheid wil versterken, om racistische en xenofobe redenen, voor de rijkdom van enkelen en die niet ziet dat de samenleving, enkel al om socio-demografische redenen naar een grotere verdeling van arbeid en inkomen gaat.

Het vooruitgangsoptimisme versus de feiten die er (zullen) toe doen

Dit heeft niets met vooruitgangsoptimisme te maken, cfr de te harde kritiek van Thomas Decreus op DWM van 01/06/2017
of de wat zachtere analyse van Johan Brankaert in de Humo van 03/01/2017 en de terechte kritiek erop van Michael De Cock in DM van 09/01/2017.Het is echter verwonderlijk dat niemand blijkbaar kennis heeft of neemt of verwonderd is door deze inherente evolutie die, los van elk komend beleid, doorgang zal vinden. Wie nu al zegt de strepen te verdienen van de 'jobcreatie' is op zijn beurt blind voor de onderliggende dynamieken in de samenleving die zich nu pas laten gelden en die de samenleving zullen optillen, naar een samenleving waar alsmaar meer werk zal zijn voor iedereen.

Generaties zijn geen beroepsbevolking

In deze oefening worden generaties vergeleken, en niet de beroepsbevolking, kan men opwerpen. De generatie of een 'cohorte', dwz ťťn leeftijdsjaar bij ouderen en jongeren heeft een verschillende samenstelling uit het oogpunt van de beroepsbevolking. Maar allen tussen 25 en 64 jaar zijn in merendeel verbonden aan een tewerkstellings- of sociale zekerheidsstatuut, of zijn mobiliseerbaar voor de arbeidsmarkt, mobilisatie die zich trouwens de komende decennia zal versterken.

Geen pessimisme maar kennis van zaken geeft toekomstperspectief

Voor progressieven, linksen, burgerbewegingen, het middenveld enz is het belangrijk om de kansen voor tewerkstelling, wonen, opleiding te zien en ten volle aan te wenden. Het is van belang om elkeen optimaal voor te bereiden op deze mogelijkheden en niet te vervallen in pessimisme en depressiviteit omwille van  'populisme' en het 'gevoel' dat het allemaal de verkeerde kant opgaat. De echte profeten zijn niet de Boudry's en de Holslags en die hen een forum geven.

Het is nu om aan de jongeren mee te geven dat voor elke opleiding en voor elke kwalificatie voldoende tewerkstelling zal open komen. In eerste instantie ter vervanging van de uitstromende werknemers en ook voor nieuwe jobs die vooral in de publieke dienstverlening tot stand komen. Want ook de bijkomende jobs situeren zich in hoofdzaak, dwz voor 60% in de publieke dienstverleningen. Maar de beleidsvoerders geven maar al te graag de indruk dat de nieuwe jobs in vooral gecreŽerd worden in de private op winst gerichte sectoren, niets is minder waar. En dat het vermaledijde 'overheidsbeslag' zou afnemen. Daar is misschien iets op gekort maar niet op de tewerkstelling die er van afhangt. Men krijgt zelfs z'n elementaire 'staats'diensten niet opgevuld, cfr Spoor, Gevangenisbewaring, Politie, en men mag zich afvragen in welke mate een racistisch en xenofoob aanwervingsbeleid daarin een bepalende factor is.

Jongeren mogen terecht (opnieuw) hoop koesteren in de toekomst.

Een laatste slotoverweging gaat voort op wat de bergbeklimmer Messner in Ter Zake van 09/01/2017 als bekommernis uitte. Geboren op het einde van WO2 zag hij nu veel jongeren van 20 jaar en ouder die de laatste twintig jaar hun hoop op een betere samenleving kwijt raakten. Zoals in de tachtiger jaren, toen de babyboom haar top van instroom in de arbeidsmarkt bereikte en de werkloosheid historisch hoog piekte, zo is er er de laatste tien jaar nog een grote, weliswaar afnemende instroom geweest tav van de 'magere oorlogsgeneraties'. Dwz de generatiewissel was, zeker in grotere steden, nog altijd met een groot overschot voor de  jongeren. Maar nu staan we voor een historisch keerpunt waar voor het eerst alsmaar minder jongeren instromen dan er ouderen, in alsmaar grotere getale, uitstromen uit de arbeidsmarkt. Dat is een 'feit' dat door niemand weg te cijferen zal zijn en dat de werkelijkheid van de arbeidsmarkt en de toegang er toe zal 'revolutioneren'. Door de tekenen ervan te herkennen en te erkennen dient daar voluit op geanticipeerd daar het onderwijs, opleiding en vorming, ook van volwassenen. Dat is de wezenlijke  opdracht voor elkeen die mee wil zijn met deze tijd.

Familiehulp geeft al een serieuze voorzet met 1.400 aanwervingen in het verschiet te stellen, die zelfs blinden kunnen doen zien, Familiehulp DS 10/01/2017. Het zou hen sieren moesten ze uitdrukkelijk melden dat dames met hoofddoek voor alle functies in aanmerking komen.
 
1. De generatiewissel per jaar,  per 5 jaar, op 15 en op 25 jaar

In ťťn grafiek en langs twee bijhorende tabellen wordt de 'dramatische' evolutie van de generatiewissel geÔllustreerd en toegankelijk gemaakt. Voorgaande op de leeftijdsverdeling van de bevolking per leeftijdsjaar wordt de generatie 0 tot 24 jaar geschoven onder de huidige leeftijdsgroep 40-64 jaar. Van rechts naar links, en dat vraag enig voorstellingsvermogen, kan zo nagegaan wat de toekomst zal brengen wanneer achtereenvolgens de 64-jarigen, de 63, de 62 de 61 en de 60 jarigen de arbeidsmarkt verlaten en respectievelijk vervangen worden door de huidige 24-jarigen, de 23-, 22-, 21- en 20 jarigen. De leeftijden worden zo gekozen omdat vanaf 25 jaar jaar de jongere generatie definitief is toegetreden tot de arbeidsmarkt en de 65 jarigen de arbeidsmarkt definitief verlaten hebben. Tewerkstelling, ook van zelfstandigen is na 65 jaar is marginaal tav van de globale evolutie die we hier onder ogen nemen.

Maar om een extra 'touch' te geven aan deze voorstelling van zaken wordt de evolutie van de 5 vorige jaren ook in beeld gebracht, nl de vervanging van de huidige 65-69 jarigen door de huidige 25-29 jarigen. Voor de 65-69 zal mortaliteit of emigratie enige rol kunnen spelen maar ook hier is deze (nog) marginaal. Het geeft hoe dan ook een tendens aan die de huidige situatie en toekomst meer in profiel kan stellen. Het betreft dan merendeel een situatie van soms extreem hogere instroom (bv Brussels gewest) van jongeren en lage uitstroom van ouderen (die veel minder aanwezig zijn in Brussel bv). Maar op (zeer) korte termijn verandert deze toestand, en deze verandering is, zoals we zullen zien in Brussel ook extreem.

De werkelijkheid van deze Generatiewissel is op het lokale niveau van een gemeente of stad het meest sprekend en eenduidig. Op gewestelijk niveau en andere tussenliggende administratieve eenheden (arrondissement en provincie) is het een gemiddelde situatie voor de onderliggende locaties.

Om de opmaak van grafieken en tabellen te illustreren nemen we het Vlaamse gewest als voorbeeld. De opbouw van de grafiek bestaat uit  drie samenstellende delen:

1. De leeftijdsverdeling op 01/01/02016, zie donkerblauwe lijn
2. De  0-24 jarigen worden gekopieerd en doorgeschoven onder de 40-64 jarigen, lichtblauwe lijn
3. Na de 0-24 jarigen worden de 25-29 toegevoegd en ondergeschoven bij de 65-69 jarigen, paarse lijn


Vlaams gewest

De overeenstemmende leeftijd 01/01/2016 is de loodrechte getrokken vanaf het punt tussen de lichtblauwe en de paarse lijn. Het komt overeen met 65 jaar.

De grafiek leest van rechts naar links, nl de jongeren die de ouderen vervangen hebben op 69 jaar (de huidige 29 jarigen), en zo terug tot de situatie vandaag, de 24 jarigen die de 64 jarigen vervangen hebben in 2015, de 23-jarigen de 63 jarigen in 2016, de 22 jarigen de 62-jarigen in 207 enz tot de huidige 0-jarigen die binnen 25 jaar de huidige 40-jarigen zullen vervangen. Zoals gezegd kan enkel immigratie hierop nog een correctief geven. Het overschot van de jongereninstroom tot 2016 werd opgevangen door een stijging van de tewerkstelling en de bestaans- en sociale zekerheidssystemen als buffer.

Voor elke gemeente of administratief niveau is deze grafiek verschillend maar eenvoudig te genereren in tabel Generatiewissel oudere door jongere werknemers door twee muisklikken.

In Vlaanderen is 2015 het keerpunt van waar de instroom alsmaar verder tekort komt om de uitstroom op te vangen. Tot 2015 was die nog licht stijgend, maar wat al zichtbaar wordt in de werkloosheidsstatistiek, ook bij de 'allochtonen' is een daling die zich het komende decennium alsmaar verder zal doorzetten. Na een verhoging van de instroom van jongeren binnen 15 jaar zal ze opnieuw, en dit om dezelfde demografische redenen de dieperik ingaan.

In % op de bevolking komt hetzelfde beeld tot stand maar doordat het in % wordt uitgedrukt is het vergelijkbaar met de andere gemeenten en administratieve niveau's.


Vlaams gewest


Het verschil, dwz voor Vlaanderen een tekort in de generatiewissel vanaf 2017 al kan eenvoudig zichtbaar gemaakt worden in volgende twee grafieken, ťťn met aantallen, en een tweede, met het % tekort, dat toelaat de evolutie exact en vergelijkbaar in beeld te brengen. De aantallen betreffen de tekorten per leeftijdsjaar.

Vlaams gewest

 
Vlaams gewest


Wanneer de huidige 52 jarigen zullen uittreden, dwz 65 jaar zullen worden, zal er een tekort zijn op de instroom van 32,5% in het Vlaams gewest. Voor wie verder de resultaten per provincie en gemeente analyseert, zal vaststellen dat dit tekort zich vooral in kleinere steden en landelijke gemeenten voordoet en minder in grote steden. De immigratie zal langs verhuis en buitenlandse immigratie dan ook de kleinere steden en landelijke gemeenten bereiken. De tewerkstellingsgroei zal vooral plaatsvinden in middelgrote en grote(re)steden zodat ook hier immigratie uitkomst zal bieden om het welvaartsniveau verder te doen stijgen en de betaalbaarheid van sociale en bestaanszekerheid meer dan voldoende te waarborgen.

Een grafische voorstelling is iets maar een tabel voegt er de concrete cijfers per vijf jaar en de evolutie per jaar aan toe. Ook deze zijn in dezelfde fiche per administratieve lokaliteit te exploreren.
   

Instroom en uitstroom , saldo en % verschil in de vervangingsgraad
  Tussen Tussen Tussen Tussen Tussen Tussen
  2000-2014 2015-2019 2020-2024 2025-2029 2015-2029 2015-2039
  % Verschil % Verschil % Verschil % Verschil % Verschil % Verschil
Jong 392.861 382.467 349.737 338.930 1.071.134 1.782.301
Oud 360.450 399.555 454.521 489.426 1.343.502 2.220.947
Verschil 32.411 -17.088 -104.784 -150.496 -272.368 -438.646
% verschil 9% -4% -23% -31% -20% -20%
  
Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 74.417 80.598 6.181 8,3%
2016 78.435 79.611 1.176 1,5%
2017 79.300 76.806 -2.494 -3,1%
2018 82.436 73.358 -9.078 -11,0%
2019 84.967 72.094 -12.873 -15,2%
2020 86.773 71.466 -15.307 -17,6%
2021 89.056 71.437 -17.619 -19,8%
2022 91.142 69.641 -21.501 -23,6%
2023 93.925 68.440 -25.485 -27,1%
2024 93.625 68.753 -24.872 -26,6%
2025 95.869 67.054 -28.815 -30,1%
2026 96.944 66.365 -30.579 -31,5%
2027 98.735 66.642 -32.093 -32,5%
2028 100.598 68.873 -31.725 -31,5%
2029 97.280 69.996 -27.284 -28,0%
2030 95.089 71.620 -23.469 -24,7%
2031 92.127 72.196 -19.931 -21,6%
2032 91.211 74.134 -17.077 -18,7%
2033 90.628 73.261 -17.367 -19,2%
2034 91.291 73.660 -17.631 -19,3%
2035 89.201 72.261 -16.940 -19,0%
2036 86.304 70.896 -15.408 -17,9%
2037 82.597 69.055 -13.542 -16,4%
2038 80.649 68.304 -12.345 -15,3%
2039 78.348 65.780 -12.568 -16,0%

 
Meer dan WalloniŽ en Brussel zal in Vlaanderen de 'strijd om de werknemer, ook de 'allochtone' in volle hevigheid losbarsten. De pendel zal opdrogen, zodat in Brussel de tewerkstelling van haar inwoners in de privť, de overheidsdiensten en publieke dienstverlening zal toenemen. De demografie zal er voor zorgen dat er een groter evenwicht tot stand komt in de verdeling van de tewerkstelling tussen de gewesten en tussen de samenstellende leden van de samenleving. En geen enkel beleid, perceptie of 'opinie' zal dat kunnen tegenhouden.

Een fiche met 4 grafieken en 2 tabellen kan eenvoudig aangemaakt worden voor elke administratieve lokaliteit. Bij inzwarting kan men deze fiche uitprinten of op een wordblad bewaren. Hierbij voorbeeldfiches voor BelgiŽ. Vlaams, Brussels en Waals gewest

2. Het Brussels gewest

Maar laat ons oog toch even rusten op de situatie en toekomst in het Brusselse gewest. De fiche van Brussel kan in twee muisklikken gegenereerd worden in tabel Generatiewissel oudere door jongere werknemers, we pikken er zo de onderstaande grafieken uit.

Brussels Hoofdstedelijk gewest

 
Brussels Hoofdstedelijk gewest

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 9.403 17.733 8.330 88,6%
2016 10.319 16.278 5.959 57,7%
2017 10.472 15.156 4.684 44,7%
2018 10.797 14.293 3.496 32,4%
2019 11.388 13.598 2.210 19,4%
2020 11.739 13.165 1.426 12,1%
2021 11.814 12.790 976 8,3%
2022 12.476 12.068 -408 -3,3%
2023 13.018 12.544 -474 -3,6%
2024 13.665 12.614 -1.051 -7,7%
2025 13.556 12.746 -810 -6,0%
2026 13.918 12.688 -1.230 -8,8%
2027 14.348 13.222 -1.126 -7,8%
2028 14.950 13.880 -1.070 -7,2%
2029 15.085 14.275 -810 -5,4%
2030 15.219 14.884 -335 -2,2%
2031 15.301 15.424 123 0,8%
2032 16.142 15.826 -316 -2,0%
2033 16.530 16.484 -46 -0,3%
2034 17.023 17.128 105 0,6%
2035 16.844 16.949 105 0,6%
2036 17.183 17.497 314 1,8%
2037 17.454 17.483 29 0,2%
2038 17.873 18.095 222 1,2%
2039 17.819 17.976 157 0,9%


Vooreerst valt de extreem hoge instroom op van jongere generaties in het Brusselse gewest de laatste vijf jaar, in een combinatie van hoog aantal instromende jongeren en zeer laag aantal uitstromende ouderen. Maar meer nog dan dit grotere verschil is de zeer sterke daling van dit 'overschot' tot een situatie van evenwicht binnen een vijftal jaar, om van dan af merkwaardig gelijk te lopen voor de komende decennia.

Met een alsmaar groeiende impact zal de vermindering van het overschot en het ook in Brussel groeiende tekort, tot 10%, de werkloosheid opdrogen, de bestaansonzekeren een perspectief bieden. Ook voor de  nieuwe immigranten komt er een beter tewerkstellingsperspectief. Want niet alleen de vervanging van uitstromende generaties maar ook de jobcreatie die volgens de zieners van de Nationale Bank 140.000 op drie jaar zal bedragen, worden in belangrijke mate in de steden gecreŽerd.

2. Het Waals gewest

En het Waalse gewest? Dat staat er eigenlijk het beste voor om de komende (tewerkstellings)uitdagingen aan te gaan.


Waals gewest

 
Waals gewest

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 41.923 47.757 5.834 13,9%
2016 43.294 46.855 3.561 8,2%
2017 44.384 44.787 403 0,9%
2018 45.465 43.281 -2.184 -4,8%
2019 46.276 42.865 -3.411 -7,4%
2020 47.028 43.721 -3.307 -7,0%
2021 48.153 43.287 -4.866 -10,1%
2022 49.277 42.982 -6.295 -12,8%
2023 50.484 42.728 -7.756 -15,4%
2024 50.531 43.836 -6.695 -13,2%
2025 50.900 43.282 -7.618 -15,0%
2026 50.193 41.956 -8.237 -16,4%
2027 51.852 42.006 -9.846 -19,0%
2028 52.905 42.280 -10.625 -20,1%
2029 51.717 42.459 -9.258 -17,9%
2030 50.589 43.200 -7.389 -14,6%
2031 49.494 42.823 -6.671 -13,5%
2032 49.095 43.108 -5.987 -12,2%
2033 49.627 42.886 -6.741 -13,6%
2034 50.194 42.748 -7.446 -14,8%
2035 51.087 41.954 -9.133 -17,9%
2036 50.497 41.216 -9.281 -18,4%
2037 49.049 40.067 -8.982 -18,3%
2038 47.190 39.299 -7.891 -16,7%
2039 45.638 38.037 -7.601 -16,7%

 
De druk op de tewerkstelling vanuit de generatiewissel is zich snel aan het opbouwen en zal in 2017 acuut worden en naar een tekort van 20% gaan het daarop volgende decennium. Na een lichte herneming gaat evenwel dat tekort, zoals in Vlaanderen trouwens, opnieuw de dieperik in. Enkel Brussel is dan omwille van de demografische boom die nu aan de gang is, voor de toekomst van tewerkstelling verzekerd.

4. De drie gewesten samen geven het resultaat voor BelgiŽ

Het overzicht voor BelgiŽ verdoezelt de specifieke situaties in de gewesten. Maar ook voor  BelgiŽ dat er internationaal toe doet dient uiteraard het overzicht op landelijk niveau opgemaakt.

BelgiŽ wijkt in haar generatiewissel (en tekort)  niet af van Duitsland bv, dat geconfontreerd zal worden met veel ernstiger tekorten in de generatiewissel. Deze zullen meer dan het dubbele bedragen van deze van BelgiŽ, zie
BuG 274: Generatiewissel alle landen van de wereld.
   

BelgiŽ


Het Vlaams gewest weegt zichtbaar het sterkste door in de Belgische evolutie van de generatiewissel. De neergang van de jongereninstroom in de arbeidsmarkt tav de uitstroom van de ouderen is ingezet en zal in 2018 van overschot in tekort omslaan dat in 2028 z'n hoogste piek zal bereiken met -26,1%.

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 125.743 146.088 20.345 16,2%
2016 132.048 142.744 10.696 8,1%
2017 134.156 136.749 2.593 1,9%
2018 138.698 130.932 -7.766 -5,6%
2019 142.631 128.557 -14.074 -9,9%
2020 145.540 128.352 -17.188 -11,8%
2021 149.023 127.514 -21.509 -14,4%
2022 152.895 124.691 -28.204 -18,4%
2023 157.427 123.712 -33.715 -21,4%
2024 157.821 125.203 -32.618 -20,7%
2025 160.325 123.082 -37.243 -23,2%
2026 161.055 121.009 -40.046 -24,9%
2027 164.935 121.870 -43.065 -26,1%
2028 168.453 125.033 -43.420 -25,8%
2029 164.082 126.730 -37.352 -22,8%
2030 160.897 129.704 -31.193 -19,4%
2031 156.922 130.443 -26.479 -16,9%
2032 156.448 133.068 -23.380 -14,9%
2033 156.785 132.631 -24.154 -15,4%
2034 158.508 133.536 -24.972 -15,8%
2035 157.132 131.164 -25.968 -16,5%
2036 153.984 129.609 -24.375 -15,8%
2037 149.100 126.605 -22.495 -15,1%
2038 145.712 125.698 -20.014 -13,7%
2039 141.805 121.793 -20.012 -14,1%

BelgiŽ


Misschien kunnen wetenschappers, economen, politici, onderzoekscentra, universiteiten, partijen, vakbonden, werkgevers, journalisten eens enige aandacht geven aan deze omslag van alsmaar lagere jongereninstroom tav alsmaar hogere uitstroom van ouderen, een fenomeen trouwens dat zich voor het eerst na WO2 voordoet en in Duitsland extreme vormen zal aannemen. Niet toevallig Duitsland omdat zij naast de 'gewone' babyboom van Duitse inwoners na WO2 voor een tweede gelijktijdige babyboom hebben gezorgd, nl  de 12 miljoen 'ontheemden' die uit andere landen naar Duitsland werden verdreven. Deze dubbel babyboom bereikt binnen 15 jaar haar toppunt in Duitsland met -43,5% op de generatiewissel.

5. De Generatiewissel in enkele gemeenten en steden.

Wie nu nog geen 'goesting' heeft om de tabel Generatiewissel oudere door jongere werknemers eens te exploreren doet zichzelf en anderen intellectueel en maatschappelijk tekort. Maar voor wie deze stap nog te groot is, en daar hebben we alle begrip voor, hierbij enkele grafieken van alle provincies en van enkele grotere en kleinere steden en landelijke gemeenten.
  
5.1. Provincie Antwerpen


Provincie Antwerpen

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 4.579 7.344 2.765 60,4%
2016 5.133 6.704 1.571 30,6%
2017 5.117 6.131 1.014 19,8%
2018 5.507 5.737 230 4,2%
2019 5.525 5.536 11 0,2%
2020 5.652 5.319 -333 -5,9%
2021 5.692 5.457 -235 -4,1%
2022 5.864 5.191 -673 -11,5%
2023 6.082 5.158 -924 -15,2%
2024 6.036 5.306 -730 -12,1%
2025 5.993 5.330 -663 -11,1%
2026 6.103 5.342 -761 -12,5%
2027 6.312 5.637 -675 -10,7%
2028 6.584 5.926 -658 -10,0%
2029 6.396 6.045 -351 -5,5%
2030 6.306 6.295 -11 -0,2%
2031 6.198 6.614 416 6,7%
2032 6.586 6.731 145 2,2%
2033 6.632 7.003 371 5,6%
2034 6.762 7.264 502 7,4%
2035 6.767 7.269 502 7,4%
2036 6.820 7.525 705 10,3%
2037 6.595 7.297 702 10,6%
2038 6.621 7.475 854 12,9%
2039 6.848 7.580 732 10,7%


We nemen eerst Heist-op-den-Berg omdat daar een 'Pegida-kern' actief is. Meer dan andere Kempense gemeenten zullen zij immigratie nodig hebben om hun levensstandaard te behouden.
   

Heist op den Berg

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 536 456 -80 -14,9%
2016 545 459 -86 -15,8%
2017 575 492 -83 -14,4%
2018 549 499 -50 -9,1%
2019 554 466 -88 -15,9%
2020 566 452 -114 -20,1%
2021 632 443 -189 -29,9%
2022 676 431 -245 -36,2%
2023 628 406 -222 -35,4%
2024 681 390 -291 -42,7%
2025 696 393 -303 -43,5%
2026 713 416 -297 -41,7%
2027 699 397 -302 -43,2%
2028 714 412 -302 -42,3%
2029 712 430 -282 -39,6%
2030 712 454 -258 -36,2%
2031 612 416 -196 -32,0%
2032 626 467 -159 -25,4%
2033 623 444 -179 -28,7%
2034 639 416 -223 -34,9%
2035 618 456 -162 -26,2%
2036 565 411 -154 -27,3%
2037 549 426 -123 -22,4%
2038 534 390 -144 -27,0%
2039 558 379 -179 -32,1%


Heist-op-den-Berg heeft niet alleen met Pegida-Heist-op-den-Berg, maar ook wat demografie betreft wat weg van klein-Duitsland. De redenen ervoor zijn dezelfde, de noodzaak en onontkoombaarheid van de immigratie, een beetje zoals Zwarte Zondag een opstoot was tegen een immigratie die noodzakelijk was om 't stad voor uitsterven te behoeden.


Antwerpen

 
Antwerpen


De instroom van jongeren als vervanging van de uitstromende ouderen is in Antwerpen in vrije val, en dat laat zich ook voor de werkloosheid van inwoners met migratieachtergrond voelen.  Alleen wordt deze evolutie niet als reden aangemerkt door de VDAB of onderzoekers.

Vanaf 2020 zal Antwerpen evenwel ook een tekort op de generatiewissel vertonen dat tot 15,2% zal oplopen in 2023.
Door de tewerkstellingsexpansie zal ook in Antwerpen al veel vroeger druk komen op de arbeidsmarkt en zal ook hier de strijd om de (allochtone) werknemer alsmaar groter worden.
 

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 4.579 7.344 2.765 60,4%
2016 5.133 6.704 1.571 30,6%
2017 5.117 6.131 1.014 19,8%
2018 5.507 5.737 230 4,2%
2019 5.525 5.536 11 0,2%
2020 5.652 5.319 -333 -5,9%
2021 5.692 5.457 -235 -4,1%
2022 5.864 5.191 -673 -11,5%
2023 6.082 5.158 -924 -15,2%
2024 6.036 5.306 -730 -12,1%
2025 5.993 5.330 -663 -11,1%
2026 6.103 5.342 -761 -12,5%
2027 6.312 5.637 -675 -10,7%
2028 6.584 5.926 -658 -10,0%
2029 6.396 6.045 -351 -5,5%
2030 6.306 6.295 -11 -0,2%
2031 6.198 6.614 416 6,7%
2032 6.586 6.731 145 2,2%
2033 6.632 7.003 371 5,6%
2034 6.762 7.264 502 7,4%
2035 6.767 7.269 502 7,4%
2036 6.820 7.525 705 10,3%
2037 6.595 7.297 702 10,6%
2038 6.621 7.475 854 12,9%
2039 6.848 7.580 732 10,7%


Mechelen


In Mechelen een gelijkaardige evolutie die in 2025 zal leiden tot een tekort van 20% in de generatiewissel.


Kapellen (Antwerpen)

 
Schoten


Puurs


Geel


Turnhout

 
Lier


5.2. Provincie Limburg
 


Provincie Limburg

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 10.736 10.627 -109 -1,0%
2016 11.271 10.535 -736 -6,5%
2017 11.443 10.127 -1.316 -11,5%
2018 11.877 9.432 -2.445 -20,6%
2019 12.212 9.352 -2.860 -23,4%
2020 12.238 9.259 -2.979 -24,3%
2021 12.744 9.467 -3.277 -25,7%
2022 13.141 8.967 -4.174 -31,8%
2023 13.591 8.951 -4.640 -34,1%
2024 13.492 8.877 -4.615 -34,2%
2025 13.719 8.753 -4.966 -36,2%
2026 13.846 8.622 -5.224 -37,7%
2027 13.874 8.447 -5.427 -39,1%
2028 14.097 8.822 -5.275 -37,4%
2029 13.508 8.818 -4.690 -34,7%
2030 13.223 9.048 -4.175 -31,6%
2031 12.657 9.311 -3.346 -26,4%
2032 12.306 9.428 -2.878 -23,4%
2033 12.409 9.360 -3.049 -24,6%
2034 12.312 9.394 -2.918 -23,7%
2035 11.610 9.326 -2.284 -19,7%
2036 11.406 9.069 -2.337 -20,5%
2037 10.862 8.661 -2.201 -20,3%
2038 10.871 8.635 -2.236 -20,6%
2039 10.362 8.259 -2.103 -20,3%


Juist door de 'katholieke' babyboom in Limburg na de oorlog, waar wij zelf de vrucht van zijn, komt de generatiewissel in Limburg alsmaar meer onder grote druk. De daling van de jongereninstroom is nu al ingezet en de ouderen zullen in alsmaar grotere getale uitstromen. Het verschil loopt op tot -40%. Limburg heeft al veel economische- en tewerkstellingsschokken moeten opvangen, maar nu komen er decennia van tewerkstellingsaanbod, en allicht ook -groei aan, want na een lichte herneming van het geboortecijfer zijn de geboorten in deze provincie sinds een zestal jaren opnieuw in vrije val. Limburg wordt (opnieuw) de immigratieprovincie van de toekomst.

Genk


En dit tekort op de generatiewissel is niet zozeer kenmerkend voor de oude mijngemeenten maar voor de centrumsteden zoals Hasselt, kleinere steden en landelijke gemeenten.


Hasselt


Sint-Truiden

 
Lommel

 
Riemst


Maasmechelen


Maasmechelen

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 429 500 71 16,6%
2016 467 472 5 1,1%
2017 472 453 -19 -4,0%
2018 565 407 -158 -28,0%
2019 548 430 -118 -21,5%
2020 509 396 -113 -22,2%
2021 586 402 -184 -31,4%
2022 561 380 -181 -32,3%
2023 597 386 -211 -35,3%
2024 591 402 -189 -32,0%
2025 612 412 -200 -32,7%
2026 563 369 -194 -34,5%
2027 577 423 -154 -26,7%
2028 572 431 -141 -24,7%
2029 596 384 -212 -35,6%
2030 592 422 -170 -28,7%
2031 547 415 -132 -24,1%
2032 513 447 -66 -12,9%
2033 540 436 -104 -19,3%
2034 584 437 -147 -25,2%
2035 528 436 -92 -17,4%
2036 487 425 -62 -12,7%
2037 473 408 -65 -13,7%
2038 473 413 -60 -12,7%
2039 463 369 -94 -20,3%


Ook in Maasmechelen zal het tekort in de Generatiewissel oplopen tot 36%

5.3. Oost-Vlaanderen

Provincie Oost-Vlaanderen

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 16.814 18.701 1.887 11,2%
2016 17.260 18.076 816 4,7%
2017 17.390 17.382 -8 0,0%
2018 18.191 16.490 -1.701 -9,4%
2019 18.731 16.218 -2.513 -13,4%
2020 19.269 16.261 -3.008 -15,6%
2021 19.808 16.459 -3.349 -16,9%
2022 20.416 15.761 -4.655 -22,8%
2023 20.884 15.552 -5.332 -25,5%
2024 20.863 15.745 -5.118 -24,5%
2025 21.358 15.291 -6.067 -28,4%
2026 21.754 15.011 -6.743 -31,0%
2027 22.278 15.155 -7.123 -32,0%
2028 22.811 16.076 -6.735 -29,5%
2029 21.917 16.136 -5.781 -26,4%
2030 21.590 16.709 -4.881 -22,6%
2031 21.383 16.620 -4.763 -22,3%
2032 21.301 17.259 -4.042 -19,0%
2033 20.972 17.011 -3.961 -18,9%
2034 21.236 16.827 -4.409 -20,8%
2035 21.157 16.779 -4.378 -20,7%
2036 20.425 16.259 -4.166 -20,4%
2037 19.542 15.780 -3.762 -19,3%
2038 19.086 15.602 -3.484 -18,3%
2039 18.647 15.344 -3.303 -17,7%

  
Geraardsbergen


In een uiteenzetting voor het Geraardbergse schepencollege en de gemeentelijke ambtenaren enige tijd geleden hebben we gesproken over de 'demografische berg van Geraardsbergen waartegen ook deze gemeente moet opboksen.

Gent

 

Gent vertoont het typische grootstedelijke profiel. Maar omdat het een studentenstad i met een grotere jongerenpiek. Toch is het tekort op de Generatiewissel groter en langduriger dan in Antwerpen en Brussel en gaat tot -26%.

Aalst

 
Erpe Mere

 
Sint-Niklaas


Lokeren

 
Beveren


5.4. West-Vlaanderen
 

Provincie West-Vlaanderen

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 14.478 14.579 101 0,7%
2016 15.283 14.531 -752 -4,9%
2017 15.264 14.304 -960 -6,3%
2018 15.760 13.582 -2.178 -13,8%
2019 16.212 13.132 -3.080 -19,0%
2020 16.450 13.071 -3.379 -20,5%
2021 16.531 12.811 -3.720 -22,5%
2022 16.829 12.479 -4.350 -25,8%
2023 16.935 11.900 -5.035 -29,7%
2024 17.010 12.024 -4.986 -29,3%
2025 17.564 11.641 -5.923 -33,7%
2026 17.784 11.447 -6.337 -35,6%
2027 17.940 11.233 -6.707 -37,4%
2028 18.488 11.534 -6.954 -37,6%
2029 17.811 11.867 -5.944 -33,4%
2030 17.232 12.028 -5.204 -30,2%
2031 16.534 12.130 -4.404 -26,6%
2032 16.060 12.574 -3.486 -21,7%
2033 16.079 12.104 -3.975 -24,7%
2034 16.127 12.249 -3.878 -24,0%
2035 15.769 11.977 -3.792 -24,0%
2036 15.039 11.667 -3.372 -22,4%
2037 14.353 11.417 -2.936 -20,5%
2038 13.956 11.200 -2.756 -19,7%
2039 13.308 10.885 -2.423 -18,2%


Gezien de hoge tewerkstellingsgraad in West-Vlaanderen en de lage werkloosheid is de periode ingezet waarin het echt een zoektocht zal worden naar nieuwe werknemers in West-Vlaanderen. Door de ontvolking zullen er evenwel woningen vrijkomen die zullen roepen om bewoning door immigranten uit het buitenland en verhuizers binnen BelgiŽ. Ook West-Vlaanderen zal (eindelijk) een immigratieprovincie worden nadat zovelen de laatste anderhalve eeuw naar WalloniŽ en Amerika verhuisd zijn.

In de kustgemeenten, waar veel ouderen hun oude dag doorbrengen, zelfs voor hun 65 jaar, komt een ander beeld tot stand. De instroom van jongeren in de arbeidsmarkt ligt al jaren continue onder deze van de aanwezigheid van oudere werknemers, maar ook hier wordt een duik genomen.


Oostende

  

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 1.032 804 -228 -22,1%
2016 1.075 781 -294 -27,3%
2017 1.079 780 -299 -27,7%
2018 1.083 773 -310 -28,6%
2019 1.002 748 -254 -25,3%
2020 1.086 662 -424 -39,0%
2021 1.022 683 -339 -33,2%
2022 1.023 602 -421 -41,2%
2023 1.009 583 -426 -42,2%
2024 1.026 622 -404 -39,4%
2025 1.046 583 -463 -44,3%
2026 1.025 562 -463 -45,2%
2027 1.025 573 -452 -44,1%
2028 1.006 565 -441 -43,8%
2029 991 566 -425 -42,9%
2030 981 607 -374 -38,1%
2031 922 598 -324 -35,1%
2032 887 609 -278 -31,3%
2033 893 596 -297 -33,3%
2034 835 584 -251 -30,1%
2035 870 639 -231 -26,6%
2036 852 560 -292 -34,3%
2037 768 582 -186 -24,2%
2038 755 638 -117 -15,5%
2039 749 556 -193 -25,8%


Middelkerke

  

Roeselare



Kortrijk



Kortrijk


Ieper


Torhout


Oostkamp


5.5. Vlaams-Brabant

Provincie Brabant

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 12.543 13.796 1.253 10,0%
2016 13.059 13.719 660 5,1%
2017 13.413 13.362 -51 -0,4%
2018 13.817 13.179 -638 -4,6%
2019 14.391 13.075 -1.316 -9,1%
2020 14.939 12.858 -2.081 -13,9%
2021 15.421 12.756 -2.665 -17,3%
2022 15.576 12.729 -2.847 -18,3%
2023 16.096 12.649 -3.447 -21,4%
2024 16.387 12.741 -3.646 -22,2%
2025 16.493 12.615 -3.878 -23,5%
2026 16.586 12.508 -4.078 -24,6%
2027 17.151 12.653 -4.498 -26,2%
2028 17.526 12.861 -4.665 -26,6%
2029 17.051 13.109 -3.942 -23,1%
2030 16.649 13.376 -3.273 -19,7%
2031 16.131 13.246 -2.885 -17,9%
2032 16.094 13.295 -2.799 -17,4%
2033 15.918 13.241 -2.677 -16,8%
2034 16.038 13.265 -2.773 -17,3%
2035 15.663 12.629 -3.034 -19,4%
2036 15.459 12.448 -3.011 -19,5%
2037 14.897 12.342 -2.555 -17,2%
2038 14.470 11.972 -2.498 -17,3%
2039 14.014 11.275 -2.739 -19,5%


Door de verhuis van Brusselaars naar de rand gebeurt er een ophoging van de jongereninstroom die evenwel onvoldoende is om de verhoogde uitstroom van de ouderen op te vangen.

In Leuven, zoals in andere studentensteden is er een piek bij inwoners op studentenleeftijd, maar ook hier is er vanuit de 'blijvers' een daling van jongereninstroom versus uitstroom ouderen.


Leuven

 
Aarschot

 
Tienen

 
Vilvoorde


Een volledig atypische situatie in Vilvoorde. Door de verhuis vanuit Brussel van in hoofdzaak jongere gezinnen, die meteen ook voor een kroost zorgden, wordt zoals in Brussel zelf trouwens, de instroom gelijk getrokken met de uitstroom binnen enkele jaren. De toekomst van de arbeidsmarkt in Vilvoorde wordt hierdoor voor de komende decennia verzekerd, zoals in Brussel trouwens.


Asse


Een typisch beeld voor de meeste randgemeenten rond Brussel, nl dat er geen dip gekomen is  in de bevolkingsverdeling zodat nu voldoende 20 jarigen gereed staan om babyboomuitstroom beter op te vangen dan in de rest van het Vlaams gewest.

5.6. De Waalse provincies en enkele gemeenten


Provincie Waals-Brabant

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 4.518 5.312 794 17,6%
2016 4.713 5.321 608 12,9%
2017 4.836 5.221 385 8,0%
2018 4.869 5.116 247 5,1%
2019 5.124 5.005 -119 -2,3%
2020 5.140 5.182 42 0,8%
2021 5.268 5.046 -222 -4,2%
2022 5.409 4.902 -507 -9,4%
2023 5.533 4.963 -570 -10,3%
2024 5.792 4.967 -825 -14,2%
2025 5.676 5.027 -649 -11,4%
2026 5.731 4.839 -892 -15,6%
2027 5.739 4.800 -939 -16,4%
2028 5.897 4.829 -1.068 -18,1%
2029 5.862 4.873 -989 -16,9%
2030 5.799 4.909 -890 -15,3%
2031 5.641 4.816 -825 -14,6%
2032 5.456 4.777 -679 -12,4%
2033 5.572 4.762 -810 -14,5%
2034 5.552 4.701 -851 -15,3%
2035 5.879 4.331 -1.548 -26,3%
2036 5.669 4.242 -1.427 -25,2%
2037 5.443 4.209 -1.234 -22,7%
2038 5.177 4.036 -1.141 -22,0%
2039 5.088 3.966 -1.122 -22,1%

Waver


Nijvel

 
Provincie Henegouwen

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 15.786 17.384 1.598 10,1%
2016 16.144 16.922 778 4,8%
2017 16.698 16.074 -624 -3,7%
2018 17.303 15.477 -1.826 -10,6%
2019 17.399 15.578 -1.821 -10,5%
2020 17.727 15.872 -1.855 -10,5%
2021 17.893 15.850 -2.043 -11,4%
2022 18.488 15.871 -2.617 -14,2%
2023 18.914 15.867 -3.047 -16,1%
2024 18.665 16.290 -2.375 -12,7%
2025 18.702 16.186 -2.516 -13,5%
2026 18.413 15.655 -2.758 -15,0%
2027 19.077 15.637 -3.440 -18,0%
2028 19.366 15.801 -3.565 -18,4%
2029 18.943 15.870 -3.073 -16,2%
2030 18.594 16.136 -2.458 -13,2%
2031 18.215 16.165 -2.050 -11,3%
2032 18.295 16.083 -2.212 -12,1%
2033 18.760 15.970 -2.790 -14,9%
2034 18.992 15.853 -3.139 -16,5%
2035 19.316 15.587 -3.729 -19,3%
2036 19.226 15.340 -3.886 -20,2%
2037 18.666 14.964 -3.702 -19,8%
2038 17.833 14.630 -3.203 -18,0%
2039 17.201 14.07 -3.128 -18,2%

Charleroi

 

Opvallend is dat er in WalloniŽ geen echte babyboom'piek' is geweest, en het geboortecijfer de laatste 20 jaar niet spectaculair gedaald is zoals in Vlaanderen zodat de afstand tussen beide minder groot is.

  
La LouviŤre

 
Bergen


Zinnik


Doornik


Provincie Luik

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 12.905 14.929 2.024 15,7%
2016 13.126 14.364 1.238 9,4%
2017 13.518 13.856 338 2,5%
2018 13.846 13.252 -594 -4,3%
2019 14.184 12.996 -1.188 -8,4%
2020 14.243 13.117 -1.126 -7,9%
2021 14.842 12.867 -1.975 -13,3%
2022 15.090 12.648 -2.442 -16,2%
2023 15.368 12.623 -2.745 -17,9%
2024 15.381 12.767 -2.614 -17,0%
2025 15.459 12.753 -2.706 -17,5%
2026 15.227 12.335 -2.892 -19,0%
2027 15.927 12.350 -3.577 -22,5%
2028 16.235 12.265 -3.970 -24,5%
2029 15.794 12.484 -3.310 -21,0%
2030 15.474 12.730 -2.744 -17,7%
2031 15.016 12.483 -2.533 -16,9%
2032 14.985 12.957 -2.028 -13,5%
2033 14.810 12.966 -1.844 -12,5%
2034 15.078 12.987 -2.091 -13,9%
2035 15.042 12.902 -2.140 -14,2%
2036 14.890 12.643 -2.247 -15,1%
2037 14.542 12.208 -2.334 -16,1%
2038 14.075 12.189 -1.886 -13,4%
2039 13.600 11.725 -1.875 -13,8%


Herstal


Luik

Evolutie 2015-2039 saldo Generatiewisseling
Jaar Oud Jong Verschil %
2015 2.072 3.251 1.179 56,9%
2016 2.068 3.053 985 47,6%
2017 2.179 2.714 535 24,6%
2018 2.276 2.517 241 10,6%
2019 2.245 2.296 51 2,3%
2020 2.370 2.145 -225 -9,5%
2021 2.379 1.990 -389 -16,4%
2022 2.487 1.877 -610 -24,5%
2023 2.469 1.893 -576 -23,3%
2024 2.561 1.805 -756 -29,5%
2025 2.434 1.893 -541 -22,2%
2026 2.458 1.834 -624 -25,4%
2027 2.485 1.867 -618 -24,9%
2028 2.554 1.838 -716 -28,0%
2029 2.582 1.960 -622 -24,1%
2030 2.442 2.001 -441 -18,1%
2031 2.399 2.085 -314 -13,1%
2032 2.474 2.113 -361 -14,6%
2033 2.423 2.231 -192 -7,9%
2034