BuG 157 – Bericht uit het Gewisse –  13 februari 2012
 
Brussel 2030: moslimmeerderheid of miskennen werkelijkheid?
 
Aantal en % moslims in 2010 en 2030 in de Brusselse gemeenten en
de belangrijkste gemeenten in het Vlaamse en Waalse gewest.
 
"De erkenning van de godsdiensten is de beste garantie voor het behoud van de
(bestaande) sociale orde, voor de eerbied voor het gezag en de bevordering van
de publieke moraliteit "
zo stelt de grondwet. Is de Belgische staat niet zelf
mee verantwoordelijk voor de niet optimale (geloofs)opvoeding en ondersteuning
van moslimkinderen en - gelovigen in scholen, vrije tijd, hospitalen, gevangenissen
door de discriminerende en nog altijd voortdurende onderfinanciering van de islam?
 
BuG 157 on-line   Printversie (17p)

Inleiding

Op 13/11/2010 organiseerde "La Penséé et les Hommes", de Franstalige Humanistische Vereniging, een colloquium met de uitdagende titel: Een moslimmeerderheid in Brussel in 2030: Hoe ons voorbereiden op een beter 'samen leven'. Op 17 november 2010 publiceerde Le Soir op haar titelbladzijde  de update van de npdata berekening over het aantal moslims in Brussel. Aanleiding voor de Franstalige lekenvereniging aan ons om een bijdrage te leveren voor hun colloquiumrapport dat in december 2011 werd gepubliceerd. Dit artikel, in het Nederlands opgemaakt en door hen in het Frans vertaald, wordt hieronder nu ook voor het eerst in het Nederlands gepubliceerd.

Het colloquiumrapport Une majorité musulmane à Bruselles en 2030: comment nous préparer à mieux "vivre ensemble", 2011 is verschenen als nr. 84 van de publicaties door La Pensée et les Hommes en is daar te bestellen. Het bevat de 6 lezingen op het colloquium en 10 bijdragen waarvoor achteraf mensen werden aangesproken. Een unieke en uit vele oogpunten merkwaardige bundeling van vaststellingen en meningen over een thema dat vele geesten beroert.

Professor Felice Dassetto was erg aangesproken door onze methode en berekening van het aantal moslims en hij heeft ze opgenomen in z'n recent boek "L'Iris et le Croissant" dat in enkele Nederlandstalige media werd besproken onder de titel 1/4 van de Brusselaars is moslim, zie ondermeer Brusselnieuws, zonder evenwel naar de bron van deze vaststelling te verwijzen, dat is dus onderhavige BuG.

Omdat het al enige tijd geleden is dat we nog iets over 'moslims in Brussel' te berde brachten en de cijfers van aantal vreemdelingen per gemeente voor 2008, 2009, 2010 nog altijd niet verschenen zijn, en dus geen update kan gemaakt worden, publiceren we het artikel met daarin ook de cijfers van aantal moslims in België, de gewesten, maar vooral ook per gemeente in Brussel, Vlaanderen en Wallonië in 2010 en 2030 als BuG 157.

Men kan zich afvragen wat al te zeggen is over aantal moslims in 2030. Niet meer maar ook niet minder dan het Planbureau en het AD SEI over de bevolkingscijfers die recent nog geupdated werden nu van 2010 tot 2060, nadat ze pas in 2007 hun vorige oefening deden. Ook zij gaan voort op 'recente' evoluties met inbegrip van migratie. Ook npdata gaat in haar vooruitberekening voort op de evoluties zoals uit de laatste 5 jaar is af te lezen.

We signaleren ook nog onze lezing van 25/11/2011, "Moslims in Brussel: perspektieven en invloed", gehouden in de
Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone kunsten in Brussel en gepubliceerd op dewereldmorgen.be onder de titel "De toekomst van moslims in Brussel is stalend",  n.a.v. de uitreiking van de jaarlijkse emancipatieprijs door VOEM (Vereniging voor Ontwikkeling en Emancipatie van Moslims) waar ondermeer de vertegenwoordiger van minister Bourgeois de prijzen heeft overhandigd.

Tot slot: moet het van Bert Anciaux afhangen?

Voor al wie begaan is met migratie en asiel, politiek en beleid op de eerste plaats, wordt het toch wel tijd om over de volledige migratiegegevens te beschikken voor zeg maar 2008, 2009 en 2010, zodat niet enkel op 2007 dient voortgegaan om een idee te hebben over de migratiestromen per nationaliteit bv, want dat zijn de meest recente die gepubliceerd zijn door het Ad SEI, de enige statistische beleidsbron waarop dient voortgegaan. Wanneer stelt iemand daarover eens een parlementaire. Bert Anciaux geeft alleszins het goede voorbeeld door in de senaat de vraag te stellen wanneer een update beschikbaar komt van het aantal personen in het wachtregister asiel, zie Vraag Bert Anciaux van 28/12/2011. Voor wanneer het antwoord?

BuG 157 on-line   Printversie (17p)

Jan Hertogen, socioloog
0487 335 552

www.npdata.be

*      *
*

“Moslimmeerderheid in Brussel”, een miskennen van de werkelijkheid

Bijdrage in het Nederlands voor het colloquiumrapport van 13/11/2010
georganiseerd door La Pensée et les Hommes,
de Franstalige humanistische vereniging, uitgave 55 jaargang, nr. 84

Het idee vooruitschuiven van een moslimmeerderheid is Brussel komt voort uit een vooroordeel en is een miskenning, een niet-kennen van de werkelijkheid. Men kan het de universitaire centra ten kwade duiden geen onderzoek en publicaties te doen over de evolutie van godsdienstigheid, met inbegrip van het toebehoren tot de verschillende godsdiensten, in de bevolking. Zij laten daarmee het terrein vrij aan ‘populisme’, dwz het onderschikken van het belang van de bevolking, ondermeer de moslims, aan agenda’s die de bevolking juist hun rechten willen ontnemen. Het nationaalsocialisme is daar de extreme vorm van (geweest). Wie niet weet niet deert en als men niet weet met hoeveel men is kan z’n belang niet adequaat verdedigen en kan de overheid ook geen adequaat beleid voeren.

De ongelijke behandeling van de islam is een 2de maatschappelijke verraad dat grote schade heeft aangericht in de samenleving. Het heeft de moslimkinderen in onderwijs, het verenigingsleven van de moslims, de uitbouw van eigen godsdienstcentra en de aanwezigheid van bedienaars in onderwijs, ziekenhuizen, gevangenissen, op radio en TV gedurende decennia de noodzakelijke instrumenten ontnomen om na hun erkenning in 1974 te rekenen op een grondwettelijke en gelijke behandeling. Het doel dat de grondwet nastreeft met de erkenning van godsdiensten, nl dat het "de beste garantie vormt voor het behoud van de (bestaande) sociale orde, voor de eerbied voor het gezag en de bevordering van de publieke moraliteit " werd dan ook niet bereikt. De grondwet bepaalt daarbij dat de gelijke behandeling van de godsdiensten, ondrmeer de islam moet blijken uit gelijke materiële steun, en is dus verregaand niet het geval.

1. Godsdienst, stralenkrans rond tranendal

Als kader om de islam en ander godsdiensten te situeren en te analyseren is het marxisme nog altijd een uitmuntend instrument. Marx formuleert het zo: “De religieuze ellende is enerzijds een uitdrukking van de werkelijke ellende en anderzijds een protest tegen de werkelijke ellende. Religie is een verzuchting van de onderdrukte, het gemoed van een harteloze wereld, het spook van een geestloze toestand. Ze is het opium van het volk. De opheffing van de godsdienst als een bedrieglijk geluk van het volk is de uitdaging voor zijn werkelijke geluk, de eis om het bedrieglijke van zijn toestand op te heffen, het is de eis de toestand op te heffen die deze illusie nodig maakte. De kritiek op de godsdienst is daarom wezenlijk een kritiek op het tranendal waarvan de godsdienst de stralenkrans is”.(Vertaling uit het Duits door JH, uit Marx/Engels-Werke, Bd 1, blz 378)
 
Godsdienst is opium ‘van’ het volk, niet voor het volk, het is een niet adequate reactie van het volk op de ellende waarin het verkeert, een verzachting, verdwazing zegt Marx, die hen afhoudt van inzicht en strijd. Maar even belangrijk om zien is dat de godsdienst op zich ook een protest is tegen deze onderdrukking en de ellende van de bevolking. Als Marx de opheffing van de godsdienst ter sprake brengt is het maar nadat de toestand is opgeheven die de illusie nodig maakte. En Marx eindigt poëtisch met een sterk beeld: wie kritiek wil geven op de godsdienst dient zich wezenlijk te richten naar de onrechtvaardigheden, de onderdrukking, de ellende waar de godsdienst de stralenkrans, de verheven uitdrukking van is.

Door de verantwoordelijken van de onderdrukking en ellende wordt de godsdienst als illusie toegestaan en wordt het tot een instrument van structurele uitbuiting, onderschikking, morele onderdrukking enz., zonder evenwel haar protestkarakter te ontwrichten, want de mensen moeten leven en overleven, en godsdienst blijft daarin z’n zin behouden. De ‘Arabische lente’ illustreert deze dynamiek en dialectiek. Een analyse van de islam in Brussel de komende decennia kan niet voorbij aan het feit dat het mede een draagvlak zal vormen voor een democratisch functionerend gewest dat antwoorden zal moeten/weten vinden op de uitdagingen van tewerkstelling, maatschappelijke en sociale zekerheid en vreedzaam samenleven.

2. Moslims tellen om geesten te saneren

2.1. Van CIA-database tot eigen berekening

Weten is meten, een oud devies dat vooral nuttig blijkt om het idee dat men heeft over de werkelijkheid in overeenstemming te brengen met wat in de werkelijkheid zelf vast te stellen is. Van Universitaire centra zou men verwachten dat zij hun specialisten in bevolkingstelling, demografie en  godsdienstsociologie de laatste decennia zouden gemobiliseerd hebben om het aantal inwoners van vreemde afkomst op een systematische en jaarlijkse basis bij te houden, zeker als de overheid die verantwoordelijk is voor de statistiek daartoe niet zelf, zoals in Nederland of Duitsland, zelf de noodzakelijke instrumenten voor ontwikkeld. Daar heeft het universitaire wereldje dus collectief van afgezien. In het centrum voor demografie van de ULB ligt nog voor 2006 een gegevensstock die alle antwoorden had kunnen geven maar die niet gevaloriseerd werd en die ook niet voor andere universitaire centra of derden werd opengesteld. Deze stock heeft nochtans veel geld gekost.

Ook de godsdienstwetenschap, voorzover ze aan de KUL overleefd heeft, gooide de handdoek in de ring. In 2005 was er maar één maatschappelijke groep nog bezig met het inzamelen van migratiegegevens en dat was het Vlaams Blok langs haar parlementairen. Tot www.npdata.be gegevens rechtstreeks opvroeg bij het toenmalige NIS en het migratieonderzoek van het Vlaams Blok/Belang overnam en een methodologie ontwikkelde die toelaat het aantal inwoners van vreemde afkomst en hun nageslacht te berekenen. In tegenstelling tot andere landen zoals Nederland en Duitsland mag in België daarbij geen overheidsonderzoek gebeuren dat vragen stelt naar de godsdienst. Dit om te voorkomen dat bij kwaadwillig gebruik van overheidsgegevens, zoals in WO 2 met de joden gebeurd is, mensen kunnen geviseerd en geselecteerd worden op basis van hun overtuiging. In België moet er dus een andere methodologie ontworpen worden.

Tot 2006 behielpen Duitsland en Nederland zich van de CIA-gegevens waarbij per land een % gegeven wordt van de beoefenaars van de diverse godsdiensten. Door dit % toe te passen op in een land aanwezig vreemdelingen of inwoners van vreemde afkomst, eventueel met een zeker correctie, kon het aantal moslims bv berekend worden. Zo heeft npdata.be in 2008 een berekening gemaakt waarbij de CIA-godsdienstcijfers lineair werden toegepast op de in België aanwezige inwoners van vreemde afkomst uit moslimlanden. Met 628.751 moslims of 6.0% (situatie 2005) van de Belgische bevolking werd de jarenlang gebruikte 400.000 gecorrigeerd, ook al werd dit nieuwe cijfer toen niet door de media opgepikt.
Tot dan toe werd in feite ook geen rekening gehouden met de 'laïcisering' van moslims, dwz het zich niet meer bekennen tot de islam wanneer daarnaar de vraag gesteld wordt.
 
In 2006 werd in Nederland de vraag gesteld in de huishoudenquête naar aantal moslims, hetgeen leidde tot een bijsturing naar onder van de 5,5% moslims (CIA-godsdienstcijfers) tot 5%. In Duitsland werd
door het Bundesambt fur Migration und Fluchtlinge in 2008 een uitgebreide enquête gehouden bij 6.000 inwoners van vreemde afkomst uit moslimlanden. Hierdoor kon voor het eerst in een Westers land, nagegaan worden wat de ‘laiciseringsgraad’ was van inwoners uit landen met een relatief aantal moslims. Samen met een update in 2010 van het aantal inwoners van vreemde afkomst in België waren de basiselementen aanwezig om per nationaliteit het aantal moslims te berekenen in België en deze gegevens toe te passen tot op het gemeentelijke niveau.

Doordat de PEW Forum
on Religion & Public Life in 2011 ook een update maakte van aantal moslims per land kon een vergelijking gemaakt worden van de Belgische (5,8%) en de PEW berekening (6,0%) in 2010 en de vooruitberekening voor 2030, met 9,3% moslims in België voor npdata en 10,1% voor de PEW.

2.2. Laïciseringproces  van moslims in het westen

Voortgaande op het moslimpercentage in het gastland kwam de oude berekeningsmethode neer op 99%moslims als men van Marokkaanse of Turkse afkomst is. Als de vraag gesteld wordt naar toebehoren tot een godsdienst zoals in Duitsland, geeft 88,2% van de Marokkaanse en Turkse vreemdelingen de islam aan (een uitval van 11,8%) en 73,4% van de Duits geworden Marokkanen en 74,0% Belgeworden Turken refereren naar de islam, of nog eens een vermindering met 14% tot 3/4 van de populatie. In feite is er, mede door het verblijf in een 'westers' land en doorheen de opvolging van generaties sprake van een 'laïcisering'. 82% van de Algerijnse en Tunesische vreemdelingen bekennen zich tot de islam, en 64% van de Duits geworden Algerijnen en Tunesiërs, Algerijnen en Tunesiërs behoren tot een oudere migratie dan Turken en Marokkanen, hetgeen deze dynamiek illustreert. Of dit nu wenselijk is of niet is niet de vraag, wel de vaststelling dat er een voortschrijdend laïciseringproces is, dat ook voor ander godsdiensten gespeeld heeft, en dat in feite ook een illustratie is van de thesis van Marx.
 

Land en % moslims - 2008, Duitse enquête + CIA% andere landen

Land

CIA-gegevens

Duitse enquête

Vreemde-lingen

Nationaliteit verworven

Liban

59,7%

92,2%

71,1%

Pakistan

95,0%

91,1%

88,1%

Yemen

x

89,9%

75,3%

Jordanie

x

89,9%

75,3%

Turkije

99,8%

88,6%

74,0%

Marokko

98,7%

88,2%

73,4%

Bangladesh

83,0%

84,6%

67,1%

Autres Maghreb

90,0%

82,0%

63,9%

Albanië

70,0%

72,4%

38,5%

Afghanistan

99,0%

71,1%

70,4%

Irak

97,0%

60,3%

62,3%

Iran

98,0%

59,8%

38,0%

Joegoslavië (FR)

x

50,6%

33,8%

Syrie

90,0%

44,2%

35,3%

Indonesië, Malaysia

x

40,0%

11,5%

Congo (Rép. dém.) et Zw.Afr.

x

31,2%

15,4%

Israël

16,0%

7,7%

34,3%

Indië

13,4%

3,9%

9,3%

Russie

12, 5%

3,1%

0,1%

 
Vraag is of de resultaten van deze Duitse enquête kunnen toegepast worden op de Belgische situatie. De 'westerse' context in Duitsland, België of Nederland is gelijklopend zodat  de overname van deze resultaten gerechtvaardigd is. Eventuele afwijkingen hebben daarbij maar een minimale invloed op het eindresultaat. De resultaten uit de Nederlandse huishoudenquête 2006 gaan trouwens in dezelfde zin. 

2.3. Gebruikte methode voor de berekening van aantal moslims in België
 
De berekening van aantal moslims in België naar gemeente en nationaliteit gaat voort op twee bekende gegevens:
 
- Het berekend aantal inwoners van vreemde afkomst per gemeente en nationaliteit, zoals opgemaakt door npdata.be. Hierin begrepen zijn de vreemdelingen, de Belg geworden vreemdelingen en het natuurlijk- en migratiesaldo van deze Belg geworden vreemdelingen na hun Belgwording. Om een zo accuraat mogelijk beeld te geven van de huidige situatie werden deze bevolkingsgegevens van 2008 geëxtrapoleerd naar 2010, voortgaande op de gemiddelde evolutie tussen 2003 en 2008.

- Resultaten van de Duitse enquête met de vraag "tot welke goddienst behoor je", waarop een aantal godsdiensten genoemd werden. Door de identificatievariabelen kon het onderscheid gemaakt worden tussen  vreemdelingen en Duits-geworden vreemdelingen en nageslacht. De studie werd door de Duitse overheidsinstantie, bevoegd voor migratie en vluchtelingen, uitgevoerd. Voor enkele nationaliteiten (Nederland, Frankrijk, ...) geeft de Duitse enquête geen info. Hiervoor gebruiken we nog CIA-gegevens maar enkel voor de vreemdelingen. We gaan er van uit dat een Frans geworden Marokkaan die naar België verhuist niet meer de Belgische nationaliteit zal aanvragen. Ook voor een aantal Oost-Europese landen, buiten de oude Yoegoslavische landen en Albanië, is het aantal moslims niet gekend en moeilijk in te. Het betreft hier echter kleine aantallen die slechts een geringe impact hebben op het totale beeld.
 
2.4. Aantal moslims in België in 2010 en 2030
 
Door het % moslims toe te passen op het aantal inwoners van vreemde afkomst per nationaliteit in de verschillende gemeenten kan het beeld geschetst worden van aantal en % moslims in elke gemeente van België in 2010 en 2030. Voor 2010 worden aldus 627.323 moslims geteld in België of 5,8% van de bevolking. In 2030 zouden er dat 1.116.505 zijn of 9,3% van de bevolking. Het PEW Forum komt, met een andere methodologie, voor 2010 uit op 6% moslims in 2010 en 10,2% in 2030 of een aantal van 1.194.000, hetgeen volledig gelijklopend is met de resultaten van npdata.

Bevolking, % en aantal moslims  België, Gew., Brusselse gemeenten in 2010,2030 (*)

 

Bevolking

% Moslims

Moslims

 

2010

2030

2010

2030

2010

2030

Rijk

10.791.275

12.035.363

5,8%

9,3%

627.323

1.116.505

Brussels gewest

1.071.071

1.296.871

22,0%

29,7%

235.991

385.431

Vlaams gewest

6.228.019

6.892.207

4,0%

6,6%

250.426

455.775

Waals gewest

3.492.185

3.846.285

4,0%

7,2%

140.906

275.299

Sint-Joost-Ten-Node

24.481

28.513

48,8%

48,0%

11.957

13.693

Sint-Jans-Molenbeek

86.673

116.661

39,8%

50,2%

34.466

58.510

Schaarbeek

118.799

146.403

38,3%

49,4%

45.510

72.305

Brussel

152.622

190.110

29,5%

37,4%

44.997

71.105

Anderlecht

102.015

131.319

27,0%

36,9%

27.547

48.512

Sint-Gillis

45.971

53.331

25,7%

32,3%

11.828

17.203

Koekelberg

19.820

27.816

25,6%

38,6%

5.072

10.745

Vorst

49.543

55.915

21,9%

31,1%

10.871

17.399

Elsene

81.339

97.047

14,0%

17,3%

11.357

16.830

Jette

45.814

57.942

13,9%

23,4%

6.355

13.543

Evere

35.537

43.633

13,4%

22,8%

4.768

9.961

Etterbeek

43.655

51.187

11,4%

13,1%

4.968

6.715

Fanshoren

22.341

28.325

11,1%

23,7%

2.484

6.708

Sint-Agatha-Berchem

21.575

27.567

11,0%

19,6%

2.364

5.401

Ukkel

77.252

82.448

6,1%

6,5%

4.710

5.353

Sint-Lambrechts-Woluwe

50.075

58.219

5,7%

8,4%

2.847

4.863

Oudergem

30.524

34.900

4,7%

7,8%

1.436

2.705

Sint-Pieters-Woluwe

39.015

42.659

4,1%

5,6%

1.615

2.392

Watermaal-Bosvoorde

24.020

22.876

3,5%

6,5%

840

1.490

P BRUSSELS  GEWEST

1.071.071

1.296.871

22,0%

29,7%

235.991

385.431

(*)  Vooruitberekening door extrapolatie bevolkingsevolutie per nationaliteit 2003-2008

2.5. Brussel zal nooit een 'moslimstad' worden (en dan nog).
 
De doorberekening naar 2030 is voor alle gemeenten en nationaliteiten in België beschikbaar op www.npdata.be. Daaruit blijkt dat in Brussel er in 2030 29,7% moslims zouden zijn, nog ver van een meerderheid waar nogal wat observatoren, Glenn Audenaert van de federale recherche in Brussel voorop, van uitgaan. Het was Glenn Audenaert die bij Phara op 4 juni 2010 uit de losse pols verklaarde dat "Binnen vijf tot acht jaren, afhankelijk van het onderzoek, er in Brussel een moslimmeerderheid zal zijn". Later gevraagd naar de onderzoeken waarop hij zich baseerde verwees Audenaert naar het onderzoek van npdata van enkele jaren geleden.
  
Met de grootste wil van de wereld slagen wij er niet in een meerderheid van moslims in Brussel op langere termijn te berekenen, dus ook niet voor 2040, 2050 of later, we komen hoogstens uit op 35%. Ook moslims gaan dood als ze oud worden. Dat Brussel niet in meerderheid uit moslims zal bestaan is ook logisch te begrijpen. Momenteel is 71,6% van de bevolking in Brussel van vreemde afkomst en 22% van de bevolking is momenteel moslim. Om binnen de overblijvende 28,4% van niet-vreemde afkomst een demografische dynamiek te krijgen die volledig door moslims opgevuld wordt is uitgesloten zodat het enkele in de geesten is dat de 50% moslims blijven spoken.
 
De bevolkingsgroei in Brussel tussen 2007 en 2009 vertoont een zekere acceleratie en dit zou van invloed kunnen zijn op de evolutie van het aantal moslims in Brussel. Maar dan moet het aandeel moslims in deze aangroei hoger liggen dan de huidige 22% en dat is niet het geval. In feite zou de hogere bevolkingsgroei de evolutie van het % moslims eerder vertragen dan verhogen, ook al stijgt hun aantal en is er een continue uitstroom van de bevolking naar andere gewesten, dwz het verschil tussen verhuis naar en uit het Brusselse gewest is negatief en bedraagt de laatste jaren meer dan 12.000.

Als gedurende 20 jaar jaarlijks 12.000 Brusselaars meer naar andere gewesten verhuizen dan omgekeerd dat is er in die periode een ‘transfert’ van populatie 240.000 inwoners, waarvan het grootste deel van vreemde afkomst, en binnen deze groep een relatief hoger aandeel van niet-Europeanen dan van Europeanen, en dus ook een relatief hoger aandaal van moslims. Moesten alle moslims in Brussel blijven wonen en enkel niet-moslims naar andere gewesten verhuizen dan zou het % moslims in Brussel inderdaad gevoelig stijgen, maar dat is het niet het geval en zal nooit het geval zijn.

Deze inter-gewestelijke verhuis van Brussel naar het Waals en Vlaams gewest is mee verrekend in de groei van het aantal moslims in het Waals en Vlaams gewest doordat de extrapolatie van de bevolkingsevolutie 2003-2008 op gemeentelijk vlak gebeurt en ook de instroom vanuit Brussel omvat.
 
2.6. Waalse gemeenten met meer dan 2,6% moslims in 2010
 
Het aandeel moslims in de Waalse bevolking wordt berekend op 4,0% in 2010 en 9,3% in 2030. In onderstaande tabel worden de Waalse gemeenten geordend volgens % moslims in 2010. Enkel de gemeenten met meer dan 2,6% moslims in 2010 worden verwerkt. In sommige gemeenten gaat het aantal moslims licht achteruit, dit is het gevolg van een lichte negatieve evolutie 2003-2008 die uitvergroot wordt tot 2030.

Bevolking, % en aantal moslims 2010, 2030 in enkele Waals gemeenten (*)

Gemeente

Bevolking

% Moslims

Moslims

 

2010

2030

2010

2030

2010

2030

FARCIENNES

10.861

9.493

23,2%

33,5%

2.524

3.182

LIEGE

192.422

215.618

14,9%

27,3%

28.725

58.792

VERVIERS

55.142

61.370

13,2%

22,1%

7.280

13.582

DISON

14.783

17.343

13,1%

27,1%

1.939

4.698

CHARLEROI

202.046

206.578

12,9%

26,1%

26.026

54.016

AISEAU-PRESLES

10.694

10.198

11,1%

13,0%

1.183

1.325

SAINT-NICOLAS

22.506

21.562

9,7%

24,3%

2.184

5.242

CHATELET

35.949

37.893

8,9%

15,8%

3.188

5.990

HENSIES

6.769

7.201

8,0%

4,9%

543

356

HERSTAL

38.194

43.282

7,8%

15,2%

2.987

6.586

OTTIGNIES-LOUVAIN-LN

30.925

37.345

7,8%

8,2%

2.403

3.053

VISE

16.914

17.026

7,3%

7,0%

1.240

1.199

QUAREGNON

18.771

18.591

7,1%

9,6%

1.327

1.786

MONS

91.182

91.478

5,8%

10,3%

5.281

9.464

SERAING

62.109

66.629

5,6%

12,3%

3.461

8.204

EUPEN

18.671

21.303

5,4%

11,5%

999

2.456

ANS

27.573

27.801

5,3%

11,7%

1.468

3.251

ANDERLUES

11.648

12.000

4,9%

3,4%

568

411

KELMIS

10.739

12.471

4,9%

11,9%

523

1.481

LA LOUVIERE

78.026

82.122

4,5%

9,3%

3.509

7.645

MANAGE

22.610

24.114

4,4%

7,1%

1.004

1.702

MALMEDY

12.146

14.174

4,3%

7,4%

526

1.053

FLERON

16.260

17.248

4,3%

6,1%

698

1.052

RAEREN

10.522

12.618

4,3%

8,5%

448

1.071

COURCELLES

30.216

32.040

4,3%

5,5%

1.285

1.773

BEYNE-HEUSAY

11.917

12.517

4,0%

5,4%

482

672

QUIEVRAIN

6.548

6.336

3,9%

7,3%

258

461

FONTAINE-L'EVEQUE

16.763

16.419

3,9%

6,4%

659

1.058

COLFONTAINE

20.009

19.657

3,9%

3,8%

781

750

TUBIZE

23.493

28.973

3,9%

6,7%

907

1.947

NAMUR

108.833

117.769

3,8%

6,4%

4.151

7.499

BOUSSU

20.254

20.870

3,8%

7,7%

764

1.598

FLEURUS

22.276

22.364

3,6%

5,5%

803

1.230

SENEFFE

10.724

10.676

3,5%

3,1%

377

332

GEMBLOUX

22.938

28.018

3,5%

6,7%

798

1.884

BASTOGNE

14.825

17.301

3,3%

5,4%

494

933

COURT-SAINT-ETIENNE

9.839

12.155

3,3%

2,4%

323

289

WATERLOO

29.665

4.131

3,1%

3,5%

925

146

CHAPELLE-LEZ-HERL.

14.175

14.283

3,1%

5,4%

438

777

MOUSCRON

54.374

60.510

3,0%

5,1%

1.608

3.099

WAVRE

33.208

37.444

2,9%

4,0%

973

1.502

MARTELANGE

1.610

2.050

2,9%

4,1%

47

84

MORLANWELZ

18.972

20.560

2,8%

4,4%

540

895

GRACE-HOLLOGNE

21.799

21.663

2,8%

3,9%

618

851

MARCHE-EN-FAMENNE

17.307

19.035

2,8%

4,5%

486

864

ARLON

27.473

32.913

2,7%

5,4%

752

1.785

LIMBOURG

5.736

6.292

2,6%

5,9%

150

370

HUY

20.603

23.683

2,6%

5,5%

530

1.293

(*)  Vooruitberekening door extrapolitie bevolkingsevolutie 2003-2008

 

 

  
2.7. Vlaamse gemeenten met meer dan  2,6 % moslims in 2010

Ook in het Vlaamse gewest worden, zoals in het Waalse gewest 4,0% moslims berekend in 2010 met een aangroei tot 6,6% in 2030. Ook hier laten enkele gemeenten een vermindering zien als gevolg van een (tijdelijke) vermindering van aantal moslims, bv de terugkeer van Turkse migranten van de eerste emigratie en de beperkte aanwezigheid van Marokkaanse migranten.

Ook in Antwerpen zal er in 2030 geen moslimmeerderheid zijn, ook al zal dan minstens 60% van de Antwerpse bevolking van vreemde afkomst zijn. De oude en moegestreden nationalisten en extreem rechtsen zullen dan de goede zorgen ontvangen vanwege ‘allochtonen’. De oproep van Fons Leroy om de ‘huismoeders’ te activeren voor zorgopdrachten is ondermeer ook gericht naar wat wij de ‘gouden reserve’ noemen, de momenteel in hoge mate niet actieve vrouwelijke bevolking uit de immigratie. Het (samen)leven over generaties en decennia heen heeft een grote zelfhelende kracht waar men demografisch al best op vooruitziet.
 

Bevolking, % en aantal moslims 2010, 2030 in enkele Vlaamse gemeenten (*)

Gemeente

Bevolking

% Moslims

Moslims

 

2010

2030

2010

2030

2010

2030

ANTWERPEN

479.910

558.298

16,9%

27,0%

80.967

150.983

MECHELEN

80.710

92.782

15,6%

25,3%

12.599

23.455

LOKEREN

39.067

44.851

13,4%

19,0%

5.218

8.535

BERINGEN

42.696

49.816

12,7%

16,2%

5.407

8.072

GENT

240.944

277.880

12,5%

20,0%

30.093

55.617

GENK

64.733

69.121

11,8%

10,1%

7.629

6.948

ZELE

20.512

21.064

11,0%

16,0%

2.264

3.361

RONSE

24.947

28.023

10,8%

18,5%

2.700

5.181

VILVOORDE

39.567

49.663

10,8%

16,7%

4.258

8.305

HEUSDEN-ZOLDER

31.584

34.644

10,0%

7,9%

3.160

2.741

MAASMECHELEN

36.956

39.908

8,9%

9,3%

3.275

3.715

BOOM

16.876

21.292

8,7%

11,1%

1.467

2.361

MACHELEN

13.307

16.851

8,6%

17,5%

1.150

2.943

HOUTHALEN-HELCHTEREN

30.224

32.532

8,1%

5,5%

2.435

1.778

WILLEBROEK

24.055

27.963

8,0%

12,0%

1.932

3.344

SINT-NIKLAAS

71.165

78.313

7,0%

10,3%

4.989

8.080

TEMSE

27.807

33.027

6,7%

6,0%

1.857

1.975

LEOPOLDSBURG

14.879

17.307

5,8%

6,8%

859

1.181

LEUVEN

93.623

102.815

5,4%

8,1%

5.063

8.361

KORTRIJK

73.781

72.185

5,2%

9,6%

3.849

6.927

ZAVENTEM

30.197

37.165

5,1%

9,0%

1.529

3.351

LIER

33.832

37.228

4,7%

4,7%

1.606

1.761

DIEST

23.282

25.850

4,7%

3,9%

1.088

1.005

TURNHOUT

40.404

43.744

4,6%

7,7%

1.878

3.383

HAMME

23.846

26.834

4,6%

7,9%

1.085

2.129

SINT-PIETERS-LEEUW

31.456

34.824

4,5%

10,8%

1.423

3.778

WEMMEL

15.159

17.591

4,4%

10,2%

664

1.787

HASSELT

72.588

83.036

4,2%

7,2%

3.051

6.015

ASSE

29.966

34.042

3,9%

8,6%

1.172

2.917

DROGENBOS

4.943

5.439

3,8%

1,3%

186

72

DILSEN-STOKKEM

19.564

22.244

3,6%

5,6%

707

1.247

OOSTENDE

69.619

74.059

3,6%

7,6%

2.475

5.660

AALST

78.868

84.836

3,4%

7,1%

2.699

6.059

KRAAINEM

13.143

13.771

3,4%

5,8%

446

795

GRIMBERGEN

35.040

40.184

3,3%

7,5%

1.170

3.025

ZELZATE

12.322

13.118

3,3%

7,4%

410

974

MENEN

32.598

34.078

3,2%

9,4%

1.050

3.201

WETTEREN

23.636

25.856

3,1%

5,4%

736

1.394

HAM

10.152

11.928

3,1%

3,5%

314

419

TERVUREN

21.228

23.816

3,0%

6,0%

647

1.424

SINT-AMANDS

8.000

9.132

2,9%

3,8%

231

345

MOL

33.892

38.812

2,9%

5,2%

966

2.012

BILZEN

30.726

34.150

2,8%

5,6%

857

1.929

WAREGEM

35.972

36.064

2,8%

5,5%

995

1.992

DILBEEK

40.029

43.781

2,8%

6,4%

1.105

2.797

BORSBEEK

10.066

9.402

2,7%

7,0%

275

656

MAASEIK

24.451

27.567

2,6%

3,8%

646

1.053

HALLE

35.840

40.744

2,6%

2,6%

928

1.079

(*)  Vooruitberekening door extrapolatie bevolkingsevolutie per nationaliteit 2003-2008

 
3. Wijze woorden van een Iranese imam in Mechelen
 
Op 5 mei 2010 ging in Mechelen een uitzonderlijk debat door over Diversiteit in de islam met ondermeer iman  Hojattol Islam Ayazi, Department of Quranic Science and Hadith, University of Tehran en H.E. Imam Umair Ilyasi ,hoofd Imam van India. Hoofdorganisator was naast Sharaf-Mechelen, de Mechelse moskees, Mana en Kerkwerk multicultureel samenleven vzw de International Council for Inter Religeous Cooperation. Een excellente moderatie zorgde voor een stevige discussie met het publiek. Als de islam en moslims het beste en het goede willen van en voor de mensen, waarom zijn het dan de Marokkaanse jongens in Mechelen die ostentatief drugs gebruiken en u uitlachten als je hen wijst op hun 'moslim' plichten, dan is dat toch in tegenspraak met alles wat je zegt? De iman uit Iran wees er op dat de godsdienst maar ten volle haar 'effect' kan hebben als zij zich in alle vrijheid kan ontwikkelen en misschien was dat niet het geval? Zelf kwam ik toen tussen met volgend statement: Het is juist dat Marokkaanse jongens méér dan anderen niét hun best doen op school, in criminaliteit betrokken zijn en in de gevangenis zitten, dat is zo. Maar heeft dat niet te maken met het feit dat gedurende 3 decennia hen op school geen verdieping van hun godsdienst is aangeboden, 80% heeft les gevolgd in katholieke scholen waar geen aanbod was van islam. Zou, naast de socio-economische achterstelling, de ongelijke behandeling van de islam geen weerspiegeling vinden in wat door de bevolking als bedreigend aangevoeld wordt. De meer gelijke behandeling van de islam en de moslims (de eerste tv- en radioprogrammas zitten er nu aan te komen) zullen hun impact hebben op betere studieresultaten, minder criminaliteit en  gevangenisstraf van Marokkaanse jongens in Mechelen. De Iraanse Iman hield er aan deze analyse volmondig te steunen, waarbij ik hem bedankte voor z’n wijze woorden want wat de hoofddoek betreft stelde hij bv dat dit een 'theologische' vereiste was die op het 'burgerlijk' vlak niet absoluut geldde, dwz als iemand z'n werk dreigde te verliezen door een hoofddoek aan te doen moest deze niet gedragen worden, weliswaar is het fundamenteel de bedoeling dat er vrijheid moet zijn  om een hoofddoek te dragen maar evenzeer om er geen te dragen.
 
4. De ongelijke behandeling van de islam in België
 
4.1. Alle godsdiensten zijn gelijk voor de grondwet
 

De grondwet heeft elke cultus/eredienst, op grond van gelijkheid geplaatst.  Alle cultussen zijn volgens de Grondwet vrij, onafhankelijk van de openbare macht en gelijk.
 
Sommige erediensten zijn  door de staat erkend, zij krijgen voordelen die niet erkende godsdiensten niet krijgen, dat is geen ongelijkheid. Dat zou wel het geval zijn indien de materiële steun beperkt zou zijn tot één bepaalde eredienst. Het Belgische systeem is op dat vlak uniek: absolute gelijkheid tussen godsdiensten met een systeem van privileges voor de erkende godsdiensten.
 
De reden hiervoor is het morele en sociale nut dat aan bepaalde religies wordt toegekend, de bijdrage die zij leveren tot het algemeen belang en de diensten die zij bieden aan de bevolking, ter bevestiging van het openbaar belang. Deze religies worden volgens de grondwetgever beschouwd als de beste garantie voor het behoud van de (bestaande) sociale orde, voor de eerbied voor het gezag en de bevordering van de publieke moraliteit en zelfs voor het respect van de privé-eigendom.
 
4.2. Ongelijke behandeling islam destabiliseert samenleving
 

De Islam is sinds 1974 erkend als godsdienst in België. Er kan dus nagegaan worden in welke mate de materiële gelijkheid is gerealiseerd in de bejegening van de islam naast de andere godsdiensten en het georganiseerde lekendom. 

Er is grondige en gedegen wetenschappelijk onderzoek hiernaar geweest, ondermeer door Jean-François Husson en Patrick De Pooter, en beide beseffen best dat er ten gronde wat mis gegaan is en mis gaat in de gelijke bejegening van godsdiensten. Het is alleen hoogst eigenaardig dat de toepassing van de (grond)wettelijkheid gedurende 35 jaar is geblokkeerd en de scheiding Kerk en Staat is genegeerd door de overheid die de Islam niet gelijk behandeld heeft, dwz er is een actieve tussenkomst geweest die nog altijd voortduurt om de Islam in haar gelijke rechtspositie te miskennen, te discrimineren en te benadelen. 

Het doel van de staatssteun wordt hierdoor in z'n tegendeel omgezet: in plaats van aanhorigheid, respect voor de moraal te bewerkstelligen degradeert de staat zichzelf tot onbetrouwbaar, in tegenspraak met de grondwet en de wetten. De recente acties van de gemeenschappen om het falen van de staat te compenseren voor wat de erkenning en de steun van de moskeeën betreft  is een doekje tegen het bloeden en bevestigt het totale anachronisme van deze voortdurende staatsinmenging in een essentieel gebied van het persoonlijke leven. 

Als de staat de godsdienst miskent als een fundamenteel burgerrecht, de islam ongelijk behandelt en financieel monddood maakt, dan ondermijnt de staat zelf de basis van het vreedzame samenleven van alle burgers. In feite legitimeren zij het racisme dat een logisch gevolg is van de uitsluiting van overheidstussenkomst van de bij grondwet voorziene voordelen. De feitelijke erkenning van de godsdienst en de islam in al z'n onderdelen is de voorwaarde sine qua non waarzonder integratie, gelijke behandeling in werk, onderwijs, sociale huisvesting enz niet mogelijk is. 

4.3. Gelijke behandeling moet blijken uit gelijke materiële steun

Er zijn drie niveau's om steun aan de godsdienst te onderzoeken:
 
1. Op het niveau van de materiële steun verbonden aan de grondwettelijke erkenning als godsdienst. Het betreft de Centrale organisaties, de Bediening, de levensbeschouwelijk uitzendingen op radio en TV, de aalmoezeniers en vertrouwenspersonen in ziekenhuizen, gevangenissen enz, de huisvesting, infrastructuur op gemeentelijk, provinciaal en gewestelijk vlak enz...
2. Het godsdienstonderwijs of moraalonderricht in de scholen
3. De onrechtstreekse steun door erkenning en betoelaging van religieus verbonden dienstverlening in het onderwijs, het verenigingsleven, de gezondheids- en welzijnszorg, de belangenverdediging van werkgevers en werknemers enz. om nog te zwijgen van de politiek. Het betreft hier de zogenaamde verzuiling, die meer levend is dan ook.

Het is opvallend dat nogal wat tegenstanders van de verzuiling altijd de status-quo hebben in stand gehouden en de feitelijke exclusie van de islam mede hebben bewerkstelligd. Hun opstelling is fundamenteel in tegenspraak met de vrijheid van godsdienst, de gelijke behandeling ervan en de scheiding kerk en staat, dwz de staat die (nog altijd) exclusieven stelt tav de godsdienst en hiermee het racisme en maatschappelijke uitsluiting van een hele bevolkingsgroep legitimeert. 

Enkel over het eerste niveau, de 'grondwettelijke steun' zijn accurate en actuele cijfers ter beschikking, van het 2de, het onderwijs dateren de laatste gedetailleerde cijfers van 2000 en wat het 3de niveau betreft is er vooralsnog geen inventarisatie gemaakt.
 
4.3.1. Het ‘pact van de schande’ tussen de Belgische bisschoppen en Onkelinx
 

Tot 1990 was het mogelijk om binnen het kader van het katholieke onderwijs islamonderwijs aan te  bieden zodat toen in de behoefte kon voorzien van vele moslimouders en hun kinderen om binnen het grootste religieuze net het eigen islamonderricht te krijgen. Het is een onderhands (politiek) akkoord geweest van behoudsgezinde bisschoppen en Minister Onkelinx om de mogelijkheid van Islamonderwijs binnen het katholieke net uit te sluiten in de hoop dat de allochtonen zich (massaal) naar het publieke net zouden keren. Dat heeft anders uitgepakt.
Deze opportunische katholiek-socialistische politiek er voor gezorgd dat de laatste 21 jaar een echte diaspora gebeurd is zonder veel toegift vanwege het katholieke onderwijs en zonder ondersteuning voor uitbouw van een eigen islamnet. Het ombouwen of feitelijk op gelijke basis behandelen van alle religies en moraal in het katholieke net is voor de toekomst een onontkoombare optie. Door terug te grijpen naar de toestand voor 1990 kan men hieraan tegemoetkomen door minstens één net tav de islam. Anders is de uitbouw van een islamnet de enige ‘humane’ keuze die overblijft, toch in een democratie.
  
4.3.2. In 2000 gingen 0,3% van de uitgaven aan godsdienst naar de islam
 

In 2000, nog niet zo lang geleden dus, werd voor de bediening van de Islam 0,3% van het totale budget uitgetrokken. Als gelijke behandeling van de Islam als erkende godsdienst kan dat tellen. Het is stuitend om deze feitelijkheid af te meten aan de bedoeling van de Staat en de grondwetgever om de godsdienst in haar maatschappelijk nut te bejegenen en positief te sanctioneren. De grondwet stelt geen enkele formele voorwaarde om tot een ondersteuning in de feite over te gaan. Alle blokkades en bijkomende voorwaarden zijn politiek en ideologisch gekleurd en kwamen en komen er op neer de grondwet te schenden. Ook wat de heisa rond de moslimexecutieve betreft.

  
Aan grondwet verbonden uitgaven voor cultussen in België 2000 (1) 
Groot

 

Grond-
wettelijk

Onder-
wijs (1)

Totaal

% op grondwet

% op onderwijs

% op totaal

Katholiek

190,3

197,8

388,1

89,5%

68,0%

77,1%

Protestant

3,9

13,3

17,2

1,8%

4,6%

3,4%

Anglicaans

0,3

0,0

0,3

0,1%

0,0%

0,1%

Orthodox

1,2

1,1

2,3

0,6%

0,4%

0,5%

Israëliet

0,7

2,1

2,8

0,3%

0,7%

0,6%

Islam

0,6

19,2

19,8

0,3%

6,6%

3,9%

Lekendom

15,6

57,3

72,9

7,3%

19,7%

14,5%

Totaal 2005

212,6

290,9

503,5

100,0%

100,0%

100,0%

(1) Katholiek weegt minder zwaar door omwille van de grote klassen

 

terwijl andere cultussen voor kleiner klasjes staan.

 

 

 

(2) Gegevens over onderwijs zijn telefonisch doorgegeven, de uitgaven

 

voor pensioenen en patrimonium (65 miljoen €) dienen nog toegevoegd.

 

 
4.3.3. In 2008 gingen 2,1 % van de uitgaven aan godsdienst naar de islam
 
Van de 646,3 miljoen € publieke uitgaven voor godsdienst/lekendom zijn er 325,2 miljoen € voor lessen godsdienst/moraal en 321,1 miljoen € voor werking, infrastructuur en patrimonium. 2,1% van deze laatste uitgaven gaan naar de Islam. Alle volgende gegevens komen, behoudens anders aangegeven, uit
Le financiement public des religions et de la laïcité en Belgique, Caroline Sägesser et Jean-Philippe Schreiber, Bruylant Academia, 2010
       

 Werking/infrastructuur

Bedrag

%

   Katholieke eredienst

275,3

85,7%

   Protestantse eredienst

8,1

2,5%

   Anglicaanse eredienst

0,7

0,2%

   Orthodoxe eredienst

2,7

0,8%

   Israëlitische eredienst

1,4

0,4%

   Islamitische eredienst

6,9

2,1%

   Boeddhisme eredienst

0,2

0,1%

   Lekendom 

25,8

8,0%

   Totaal

321,1

100,0%

 
  
4.3.4. Bedienaars erediensten en lekenconsulenten
 
Een godsdienst staat of valt met haar 'professionele' bedienaars. In België is het ministerie van justitie verantwoordelijk voor de betoelaging van de bedienaars van erediensten. Elk jaar wordt een 'kader' opgemaakt dat mogelijk kan of mag ingevuld worden en waarvoor de nodige budgetten voorzien worden. Uiteraard moeten er voldoende kandidaten zijn die aan de voorwaarden voldoen anders worden deze functies niet betoelaagd.
 

Kader en bezetting per godsdienst/lekendom 2008

 

Kader

Bezet

%  2008

%  2001

   Katholieke eredienst

6.938

3.062

44%

56%

   Protestantse eredienst

141

132

94%

 

   Anglicaanse eredienst

17

12

71%

 

   Orthodoxe eredienst

57

48

84%

 

   Israëlitische eredienst

43

35

81%

 

   Islamitische eredienst

249

148

59%

 

   Lekendom 

354

294

83%

 

Totaal

7.799

3.731

48%

 

 
In de katholieke eredienst is een ware afkalving gebeurd zodat maar 44% van het betoelaagbare kader wordt opgevuld in 2008. In 2001 was dat nog 56%. Deze vaststelling houdt in dat er een alsmaar groter ‘ongebruikt’ budget jaar na jaar meegedragen wordt doordat de katholieke godsdienst er alsmaar minder in zal slaagt haar alsmaar ouder wordende groep bedienaars te vervangen. Het niet aanwenden van deze open komende ‘katholieke’ budgetten en de onderbenutting van het islamitisch kader wijst op een voortdurende welbewuste en onwettelijke discriminatie.
  
4.3.5. Publieke uitgaven aan godsdienst en lekendom
 
In totaal werd in 2008 646,3 miljoen € uitgegeven door de verschillende overheden in dit land op alle niveaus aan godsdienst en lekendom, dat is 44,8 miljoen € meer dan in  2000. De helft van deze uitgaven betreffen de godsdienstlessen en lessen moraal in alle onderwijsnetten. 321,1 miljoen € betreffen uitgaven voor werking, salarissen, pensioen, patrimonium, kerkfabrieken enz., hetgeen 10,5 miljoen € meer is dan in 2000, de grootste stijging is terug te vinden in het onderwijs als gevolg van het stijgend aantal leerlingen en de index.

Minder dan een kwart van de uitgaven staan op rekening van het Ministerie van Justitie dat de 'bedienaars' betoelaagt, nl 106,0 miljoen€, een fractie minder dan in 2000. De provinciale, gewestelijke en gemeentelijke steun voor gebouwen/kerkfabrieken ligt met 124,9 miljoen € hoger dan de betaling van de bedienaars. Het is de enige post, buiten onderwijs, waar een aanzienlijke stijging is vast te stellen. Hoe ouder de gebouwen hoe hoger de kost die evenwel ook in een aantal gevallen het karakter heeft van het bewaren van het 'culturele erfgoed'.
    

Bij grondwet gegeven steun aan erediensten/lekendom 2000 (1) en 2008

In miljoen 

2000

2008

2000

2008

1. Grondwettelijke rechten 

  

 

  

  

     Salarissen

107,3

106,0

17,8%

16,4%

     Aalmoezeniers leger, gevangenis, ziekenhuis 

6,7

7,4

1,1%

1,1%

     Forfaitaire enveloppe

10,2

0,0

1,7%

0,0%

     Uitzendingen radio en TV 

1,5

1,8

0,2%

0,3%

     Prov., gew. en gem. steungebouwen, kerkfabriek 

104,9

124,9

17,4%

19,4%

     Andere 

18,2

14,5

3,0%

2,1%

     Pensioen

30,7

35,5

5,1%

5,5%

     Patrimonium 

31,1

31,0

5,2%

4,8%

     Subtotaal 

310,6

321,1

51,6%

49,6%

2. Godsdienstonderwijs 

290,9

325,2

48,4%

50,4%

Algemeen totaal 

601,5

646,3

100,0%

100,0%

(1) Financement public des cultes … J.F. Husson, CRISP, 2000

 
4.3.6. Detail van de publieke uitgaven voor de verschillende godsdiensten/lekendom 2008
 
Als alle uitgaven op een rijtje gezet worden per godsdienst/lekendom dan wordt het gewicht duidelijk dat de katholieke godsdienst op bijna alle uitgaventerreinen heeft, met in totaal 275,3 miljoen € van de 321,1 miljoen totaaluitgaven
  

Uitgaven aan Godsdiensten en lekendom, algemeen overzicht, in miljoen € - 2008

 

Justitie

Pr/Gw/Gm

Aalm. (1)

Radio/TV

Pensioen

Inh. Immo

Patrimon.

Totaal

Katholiek 

81,2

111,0

3,3

0,8

34,8

13,3

30,9

275,3

Protestant 

4,4

1,8

0,7

0,1

0,8

0,2

0,1

8,1

Anglicaans 

0,4

0,1

0,1

 

0,1

 

 

0,7

Orthodox 

1,3

1,2

0,1

0,02

 

0,1

 

2,7

Israëliet 

0,9

0,1

0,2

0,1

0,1

 

 

1,4

Islam 

4,4

0,7

1,7

 

 

0,1

 

6,9

Boeddhisme

0,2

 

0,0

 

 

 

 

0,2

Lekendom 

13,2

10,2

1,4

0,8

0,1

0,1

 

25,8

Totaal

106,0

125,1

7,5

1,8

35,9

13,8

31,0

321,1

(1) Afgeleid bedrag, voortgaand op gekend totaal Gespecialiseerde uitgaven - gekend Radio/TV

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Uitgaven aan Godsdiensten en lekendom, algemeen overzicht, in % op het totaal

 

Justitie

Pr/Gw/Gm

Aalm. (1)

Radio/TV

Pensioen

Inh. Immo

Patrimon.

Totaal

Katholiek 

76,6%

88,7%

43,9%

44,7%

96,9%

96,4%

99,7%

85,7%

Protestant 

4,2%

1,4%

9,3%

5,7%

2,2%

1,4%

0,3%

2,5%

Anglicaans 

0,4%

0,1%

1,3%

0,0%

0,3%

0,0%

0,0%

0,2%

Orthodox 

1,2%

1,0%

1,0%

1,3%

0,0%

0,7%

0,0%

0,8%

Israëliet 

0,8%

0,1%

3,1%

3,9%

0,3%

0,0%

0,0%

0,4%

Islam 

4,2%

0,6%

22,5%

0,0%

0,0%

0,7%

0,0%

2,1%

Boeddhisme

0,2%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,1%

Lekendom 

12,5%

8,2%

18,8%

44,3%

0,3%

0,7%

0,0%

8,0%

Totaal

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

 
85,7% van alle uitgaven aan erediensten (onderwijs niet inbegrepen) gebeuren ten behoeve van de katholieke eredienst, 8% voor het lekendom. De protestantse eredienst gaat met 2,5% van alle uitgaven islam nog vooraf die met 2,1% nog maar pas haar neus aan de publieke financiering komt steken. Het boeddhisme, als jongste telg van de erkende godsdiensten in België is goed voor 0,1% van de uitgaven. De Israëlitische eredienst is met 0,4% maar een kleine speler in het godsdienstig veld.
 
4.3.7. Evolutie werkingsbetoelaging godsdiensten/lekendom in een tijdsevolutie
 
Als enkel gekeken wordt naar de werkingsuitgaven (zonder pensioen, belastingsaftrek, patrimonium) dan is er een relatieve stijging van de uitgaven sinds 2000 van 19 miljoen € die vooral voortkomt uit de islam die in die acht jaar van 0,7 miljoen naar 6,8 miljoen euro een klein voorschot krijgt op waar zij grondwettelijk recht heeft. In 2008 is de islam goed (of slecht) voor 2,8% van alle werkingsuitgaven aan godsdiensten, ook hier minder dan de protestantse eredienst met 2,9%, die komt van een aandeel van 1,9% in 2000. Het lekendom overschrijdt in 2008 voor het eerst de grens van de 10%. Ook voor hen ligt het terrein open met een afkalvende katholieke godsdienst die elk jaar een groter pakket financiering zonder besteding laat.
  

Evolutie werkingsbetoelaging godsdienst/lekendom 2000-2008

 

2000/1

2008

% 2000/1

% 2008

   Katholieke eredienst

196,1

196,3

88,7%

81,7%

   Protestantse eredienst

4,3

7,0

1,9%

2,9%

   Anglicaanse eredienst

0,8

0,6

0,4%

0,2%

   Orthodoxe eredienst

1,3

2,6

0,6%

1,1%

   Israëlitische eredienst

0,3

1,3

0,1%

0,5%

   Islamitische eredienst

0,7

6,8

0,3%

2,8%

   Boeddhisme eredienst

0,0

0,2

0,0%

0,1%

   Lekendom 

17,5

25,6

7,9%

10,6%

Totaal

221,0

240,4

100,0%

100,0%

  
4.3.8. Salarissen bedienaars
 
Als enkel gekeken wordt naar de kost voor de salarissen van het godsdienstig en lekenpersoneel betaald door het ministerie van justitie wordt een beeld gegeven van de effectieve positie van de godsdiensten en lekendom op het terrein. De katholieke positie blijft stabiel op 81,2% van de uitgaven die naar de bedienaars gaan, de islam geeft een 'onzeker' beeld met 6,3% van de uitgaven voor bedienaars in 2006 en 4,4% in 2008, hetgeen een serieuze vermindering is of een niet adequate telling door het ministerie. Door de groei van het aantal dominees zakt de islam terug tot op het niveau van de protestantse eredienst. Deze vaststelling geeft meteen al aan dat de islam niet in verhouding bedeeld wordt van haar aanwezigheid in de bevolking. Niet dat de betoelaging aan de anderen dient te verminderen maar voor een erkende godsdienst als de islam spelen er blijkbaar mechanismen die hen van financiering uitsluiten of minder bedelen. Daar is zeker nog een weg te gaan, die mede afhangt van de 'goede wegen' te volgen en wegwijs te raken in het Belgische, gemeenschaps, gewestelijk en gemeentelijk (betoelagings)labyrint..

Evolutie salarissen/werking godsdienst/lekendom 1996-2008, miljoen €

 

1996

2001

2006

2008

   Katholieke eredienst

81,2

77,0

76,7

81,2

   Protestantse eredienst

1,9

2,5

3,3

4,4

   Anglicaanse eredienst

0,2

0,3

0,4

0,4

   Orthodoxe eredienst

0,8

0,9

1,1

1,3

   Israëlitische eredienst

0,5

0,6

0,8

0,9

   Islamitische eredienst

0,0

0,6

6,2

4,4

   Boeddhisme eredienst

 

 

 

0,1

   Lekendom 

3,0

9,8

10,2

13,3

Totaal

87,6

91,7

98,7

106,0

 
Evolutie salarissen/werking godsdienst/lekendom 1996-2008, in %

 

1996

2001

2006

2008

   Katholieke eredienst

92,7%

84,0%

77,7%

76,6%

   Protestantse eredienst

2,2%

2,7%

3,3%

4,2%

   Anglicaanse eredienst

0,2%

0,3%

0,4%

0,4%

   Orthodoxe eredienst

0,9%

1,0%

1,1%

1,2%

   Israëlitische eredienst

0,6%

0,7%

0,8%

0,8%

   Islamitische eredienst

0,0%

0,7%

6,3%

4,2%

   Boeddhisme eredienst

0,0%

0,0%

0,0%

0,1%

   Lekendom 

3,4%

10,7%

10,3%

12,5%

Totaal

100,0%

100,0%

100,0%

100,0%

 
In een historisch perspectief vanaf 1996 is er een constante groei van aantal bedienaars die vooral voortkomt uit de groei van het aantal lekenconsulenten tot 13,3 miljoen €, of 12,5% en op een lager niveau de islam met 4,4 miljoen€ of 4,2%. Ook de protestantse eredienst is in groei met een verdubbeling op 12 jaar van haar salarissen van 1,9 miljoen€ in 1996 tot 4,4 miljoen € in 2008. De katholieke kerk blijft wat salarissen betreft in 2008 gelijk in vergelijking met 1996 maar haar aandeel zakt weg van 92,7% in 1996 tot 76,6% in 2008, en dat is blijkbaar een onomkeerbare evolutie zodat de komende jaren aanzienlijke verschuivingen zullen gebeuren in het religieuze veld van de bedienaars/consulenten, zonder dat dit een budgettaire meerkost zal betekenen. Integendeel, de financiële ruimte zal vrijkomen om wie vroeger niets of weinig gekregen heeft, of wie groeit, nu z'n gelijke of evenredige deel te bezorgen, en dit in het belang van de samenleving en het samenleven omdat maar een echt samenleven tot stand kan komen als elke burger en elke godsdienst en de gelovige/niet-gelovige krijgt waarin de grondwet voorziet.
 
4.3.9. Pensioenuitgaven
 
97,2%
van alle pensioenuitgaven aan gepensioneerde bedienaars van erediensten/lekendom gaat naar de katholieke eredienst, enkel de protestantse eredienst met 2,2% is al langer met een aantal bedienaars actief. Voor de andere erediensten en het lekendom is het allicht nog enkele decennia wachten voor men in de pensioenverdeling echt kan meetellen.

Uitgave salarissen/werking godsdienst/lekendom 2008

 

Justitie

Pensioen

Totaal

   Katholieke eredienst

81,2

34,8

116,0

   Protestantse eredienst

4,4

0,8

5,2

   Anglicaanse eredienst

0,4

0,0

0,4

   Orthodoxe eredienst

1,3

0,0

1,3

   Israëlitische eredienst

0,9

0,1

1,0

   Islamitische eredienst

4,4

0,0

4,4

   Boeddhisme eredienst

0,1

0,0

0,1

   Lekendom 

13,3

0,1

13,4

Totaal

106,0

35,8

141,8

  
Uitgave salarissen/werking godsdienst/lekendom 2008

 

Salaris

Pensioen

Totaal

   Katholieke eredienst

76,6%

97,2%

81,8%

   Protestantse eredienst

4,2%

2,2%

3,7%

   Anglicaanse eredienst

0,4%

0,0%

0,3%

   Orthodoxe eredienst

1,2%

0,0%

0,9%

   Israëlitische eredienst

0,8%

0,3%

0,7%

   Islamitische eredienst

4,2%

0,0%

3,1%

   Boeddhisme eredienst

0,1%

0,0%

0,1%

   Lekendom 

12,5%

0,3%

9,4%

Totaal

100,0%

100,0%

100,0%

In het totale overzicht van wat aan salarissen en pensioenen uitbetaald wordt stijgt het aandeel van de kerk tot 81,8%.
   

Aantal en budget gepensioneerden 1990-2008, in miljoen€ en aantal

 

1990

1995

2000

2005

2008

Budget 

20,4

29

30,7

35,4

35,5

Aantal gepensioneerden

2.002

2.147

2.385

2.528

 

 
Het aantal gepensioneerden is stijgend maar zal allicht stabiliseren en dalen met verloop van tijd gezien de mortaliteit en het instromen van alsmaar minder katholieke priesters in de pensioenleeftijd, zonder dat deze gecompenseerd worden door Imam, rabbijnen en dominees. De uitgaven van 35,5 miljoen € zijn allicht een maximum dat met de jaren zal afnemen.
  
4.3.10. Provincies, gewesten en gemeenten

 
Als gekeken wordt naar de aanzienlijke betoelaging vanuit de provincies, de gewesten en de gemeenten (125,1 miljoen €) zakt de islam weg tot een betekenisloze 0,8% van de totale besteding van 125,1 miljoen € die vooral naar infrastructuur gaat. Dit lage % komt voort uit de jarenlange onderfinanciering of uitsluiting van financiering van de moskees en gebedshuizen van de islam. Als er ergens structureel een doorbraak dient te komen dat is het wel op dit terrein, ook omdat de moskees een veel ruimere 'culturele' betekenis hebben en een sterk instrument zijn voor integratie in de Belgische samenleving, zoals dat ook het geval is voor het katholieke verenigingsleven en de parochiehuizen. Ook het lekendom loopt hier met 8,2% achterop vergeleken met haar impact voortgaande op de 12,5% salarisbetoelaging voor de lekenconsulenten.

Gewestelijkt uitgaven Patrimonium ReL./Lek., in miljoen €

 

2000

2005

2008

Vlaams Gewest

12,0

11,3

27,7

Waals gewest

6,6

5,4

4,5

Duitse gemeenschap

0,2

0,3

0,5

Totaal

18,8

17,0

32,7

Als meer specifiek gekeken wordt naar de investering van gewesten in het patrimonium dan springt Vlaanderen er niet alleen bovenuit wat bestedingen betreft maar vooral ook de fikse stijging tussen 2005 en 2008 met een kwasi verdriedubbeling van haar budget, nl van 11,3 miljoen € in 2005 tot 27,7 miljoen € in 2008. Ook voor de auteurs van het financieringsboek was dit een opvallend gegeven waarvan zij niet direct de oorzaak zagen.
 
4.3.11. Radio en TV
 
Het belang van aanwezigheid op radio en TV met eigen religieuze programma's of algemene programma's door de religies/lekendom gemaakt kan best niet onderschat worden. Dat de Vlaamse mediaministers er in 'geslaagd zijn' om de islam nog altijd uit het mediabeeld weg te houden, kan hen misschien tot fierheid strekken, het is verwerpelijk dat zij nog altijd in deze exclusie slagen.
 
De media zijn het enige terrein waar de katholieke eredienst en het lekendom in evenwicht zijn met elk 44% van de uitgaven, voor de protestantse met 5,7% en de Israëlitische met 3,9%. Van de islam is hier geen sprake, noch in de Vlaamse, noch in de Franse gemeenschap.
    

Radio/TV uitzendingen Gemeenschappen 2008 - duizend €

 

Vlaamse

Franse

Duitse

Totaal

   Katholieke eredienst

727

55

6

788

   Protestantse eredienst

81

19

2

101

   Anglicaanse eredienst

-

-

-

0

   Orthodoxe eredienst

22

2

-

23

   Israëlitische eredienst

59

10

-

69

   Islamitische eredienst

-

-

-

0

   Boeddhisme eredienst

-

-

-

0

   Lekendom 

725

55

 

780

Totaal

1.613

140

8

1.761

 
De godsdiensten zijn so wie so niet echt aanwezig in de Franstalige Radio en TV, enkel voor 140.000€, terwijl het in Vlaanderen met 1,6 miljoen € meer dan het tienvoud bedraagt. De exclusie van de islam in Vlaanderen heeft dan ook veel grotere repercuties dan in de Franse gemeenschap.

4.3.12.  Aalmoezeniers en lekenconsulenten

In totaal wordt 7,5 miljoen€ gespendeerd aan aalmoezeniers en morele consulenten. Voor de ziekenhuizen wordt hier voortgegaan op een gekend bedrag van 1996, en dit is allicht voor 2008 te hoog ingeschat. De aanwezigheid van bedienaars van erediensten en consulenten in diverse maatschappelijke instituten is uit meerdere oogpunten van belang, ondermeer bv  vanuit een grote diversiteit van godsdiensten bij de gevangenen en de feitelijke samenstelling van de gevangenisbevolking.
 

Uitgaven aalmoezeniers/morele consulenten, miljoen € - 2008

 

Bedrag

Jaar

Instantie

Leger

1,2

2008

Defensie

Gevangenissen

1,5

2008

Justitie

Visvangst

0,1

2008

Economie

Luchthaven

 

2008

BIAC

Ziekenhuizen

4,0

1997

Volksgez.

Immigranten

0,4

2000

Wall./COCOFF

Vlaamse overheid

0,1

2008

Vlaamse ov.

Jeugdbescherming

0,2

2000

Fr. Gem.

Totaal

7,5

 

 

Een afgeleide berekening van de uitgaven voor aalmoezeniers/consulenten per godsdienst (Totaal speciale uitgaven - de gekende uitgaven voor Radio en TV) laat toe een overzicht per godsdienst te geven. Het is de enige uitgavenpost waar de islam een aanzienlijk aandeel heeft, nl 22,5% of 1,7 miljoen €. Het betreft hier allicht ondermeer een aanwezigheid in de gevangenissen, maar ook in het leger, ziekenhuizen enz.
   

Uitgaven aalm./consulenten in % - 2008

 

Bedrag

%

   Katholieke eredienst

3,3

43,9%

   Protestantse eredienst

0,7

9,3%

   Anglicaanse eredienst

0,1

1,3%

   Orthodoxe eredienst

0,1

1,0%

   Israëlitische eredienst

0,2

3,1%

   Islamitische eredienst

1,7

22,5%

   Boeddhisme eredienst

0,0

0,0%

   Lekendom 

1,4

18,8%

Totaal

7,5

100,0%

De lekenconsulenten zijn hier ook goed voor 18,8% van de uitgaven, een werkingsgebied dat allicht voor uitbreiding vatbaar is en dat ook minder en minder door de katholieke kerk zal bediend worden, gezien haar verminderend potentieel aan bedienaars. Ook hier staat de samenleving voor de keuze/opdracht om mede het aanbod in overeenstemming te brengen met de behoeften en vraag vanuit de wijzigende samenstelling van de bevolking en haar zingevingsystemen..
 

Enkele overwegingen tot besluit
 
Elke mens bezit een zekere voorkennis, een intuïtief beeld, een buikgevoel over wat er rondom hem en in de wereld gebeurt. Op de korte tijd dat ik het thema exploreer, en ik ben geen 'specialist', ben ik van de ene verbazing in de andere gevallen. Vooral de degelijkheid van de analyse, de cijfers, de bekendheid met het probleem van de specialisten m.b.t. erkenning en betoelaging religie en levensbeschouwingen en van de andere kant de ontiegelijk kleine aanwezigheid van islam in het Belgische betoelaagde landschap heeft verrast en geshockeerd. Hopelijk zijn er nog enkele mensen die zich in dit thema verdiepen en de geschiedenis recht te zetten door de gelijke behandeling van godsdiensten en ondermeer elk kind de gelegenheid te geven, ongeacht het net, op islamonderwijs door eigen bedienaars.

In welke mate zal de aantrek van traditionele godsdiensten afkalven en in welke mate zal die van de islam stijgen? De budgettaire inkrimping zal vooral bij de katholieken de effectieve neergang van hun aantal gelovigen evenwel niet volgen, ondermeer omwille van de pensioenlast en de vervanging van priesters door leken, het cultureel erfgoed en de infrastructuur, enz. Maar er zal hoe dan ook meer ruimte vrijkomen die de budgettaire discussie zal ontlasten. Dat zal geen automatisme zijn omdat vele budgetten lokaal verbonden zijn en voorwerp zullen uitmaken van politiek gebatter. Zoals  gewesten de erkenning de religieuze infrastructuur hebben overgenomen, zo kan ook hier op gewest en gemeenschapsniveau, maar liefst nog op het federale niveau een wettelijk kader gecreëerd worden van 'restitutie' , van herstel van wat in het verleden niet is gedaan en waarvan de schade door de moslimgemeenschap maar ook door de gehele samenleving gevoeld wordt. 

De wetgever heeft geoordeeld dat door de erkenning van godsdienst, ook de islam vanaf 1974 "de beste garantie is voor het behoud van de (bestaande) sociale orde, voor de eerbied voor het gezag en de bevordering van de publieke moraliteit ". Oogst men door de negatie van de islam, nu niet wat men zelf gezaaid heeft. Kan ook hier geen herstelbemiddeling opgezet worden waar het slachtoffer erkend wordt in de schade die hij geleden heeft en de 'dader' dwz de overheden op alle niveaus, de verantwoordelijkheid neemt en actief, ook financieel het herstel bewerkstelligt. De problemen die decennialang gewogen hebben en nog wegen op de tot stand koming van een centraal orgaan voor de islam zijn drogredenen en in feite een niet op grondwet of wet gebaseerde technische voorwaarde die door de Belgische staat altijd is aangewend om haar verantwoordelijkheden t.a.v. de islam, als in 1974 reeds erkende godsdienst, te ontlopen. De meeste wetenschappers, professoren of experten die daarover gepubliceerd hebben, zijn het daarover eens. Maar ook zij zijn in feite onmachtig om de overheden er toe te brengen hun grondwettelijke verantwoordelijken te nemen en gedaan te maken aan de inmenging van de Staat in de (islam)Godsdienst.

Moet het katholieke onderwijsnet niet zo vlug als mogelijk afstand nemen van de politieke deal die in 1990 gesloten is tussen een reactionair katholicisme en een kortzichtig socialisme. Dat het katholieke net de wettelijke mogelijkheid krijgt islamlessen mét imams te organiseren, evengoed als ander cultussen. Of dat zij anders helpt met haar know how een islamitisch net op poten te krijgen dat op termijn als religieus net kan samenwerken. Elk kind en jongere moet de kans krijgen om godsdienstonderwijs te krijgen door de eigen bedienaars, ongeacht het net, ook islam in het Katholieke net voor zover geen islamnet beschikbaar is. Dat is een mensenrecht. 

En ja, vanaf september 2011 is er, voor het eerst sinds 37 jaar, een islamitisch programma op TV in Vlaanderen erkend verzorgd door de Moslim Televisie en Radio Omroepaanpassing. Tot dan heen ‘men’ er ‘hen’ kunnen weghouden. Nu kan het wel, met 4 TV uitzendingen per jaar, 4.

Jan Hertogen, socioloog